Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Eerste Kamer der Staten-Generaal2016-201733801 nr. G

33 801 Wijziging van de Wet werk en bijstand en enkele andere sociale zekerheidswetten (Wet maatregelen Wet werk en bijstand en enkele andere wetten)

G VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG

Vastgesteld 13 oktober 2016

De vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW)1 heeft bij brief van 8 juli 2015 gereageerd op de brief van 18 juni 20152 van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, waarin wordt aangekondigd dat de invoering van de kostendelersnorm in de Algemene Ouderdomswet (AOW), vanwege gebleken onzekerheden en het belang van ondersteuning door mantelzorgers, wordt uitgesteld tot 1 januari 2018.

De commissie wenst naar aanleiding van de reactie op het toezeggingenrappel d.d. 20 mei 2016 nogmaals te wijzen op de brief van 8 juli 2015 waarin zij heeft gereageerd op deze uitstelbrief en daarbij te kennen heeft gegeven een verdere gedachtewisseling met de regering over dit onderwerp voorafgaand aan de beoogde inwerkingtredingsdatum mogelijk op prijs te stellen, wanneer er meer zicht is op de effecten van de kostendelersnorm in de AOW en de keuzes rond mantelzorg.3 Daarbij heeft de commissie besloten om de toezeggingen T01986 en T01987 respectievelijk als openstaand en deels voldaan te registreren.

De Staatssecretaris heeft op 12 oktober 2016 gereageerd.

De griffier van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Van Dooren

BRIEF VAN DE VOORZITTER VAN DE VASTE COMMISSIE VOOR SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

Aan de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

Den Haag, 8 juli 2015

De vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) heeft kennisgenomen van uw brief van 18 juni 20154, waarin wordt aangekondigd dat de invoering van de kostendelersnorm in de Algemene Ouderdomswet (AOW), vanwege gebleken onzekerheden en het belang van ondersteuning door mantelzorgers, opnieuw wordt uitgesteld tot 1 januari 2018.

Naar aanleiding van de bij deze brief aangeboden onderzoeken, concludeert het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) dat het zicht op de problematiek beperkt is. Het SCP adviseert daarom de relatie tussen mantelzorg, huishoudensvorming en inkomensvoorzieningen vanuit een levensloopperspectief in kaart te brengen. De leden van de commissie voor SZW verzoeken daarbij ook de gevolgen voor mensen met een onvolledige AOW te betrekken, zoals toegezegd tijdens de behandeling van wetsvoorstel 33801 (Wet maatregelen Wet werk en bijstand en enkele andere wetten).5

Zodra er meer zicht is op de effecten van de kostendelersnorm in de AOW en de keuzes rond mantelzorg, wordt de commissie graag nader geïnformeerd, zodat zij in de gelegenheid wordt gesteld om desgewenst voorafgaand aan de beoogde inwerkingtredingsdatum met de regering van gedachten te wisselen over dit onderwerp.6

De leden van de commissie zien uw reactie met belangstelling tegemoet.

Voorzitter van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid, A.H.G. Rinnooy Kan

BRIEF VAN DE VOORZITTER VAN DE VASTE COMMISSIE VOOR SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

Aan de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

Den Haag, 7 juni 2016

De vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) heeft kennisgenomen van de brief van 20 mei 2016 in reactie op de brief van 8 maart 2016 met het halfjaarlijkse overzicht van (deels) openstaande toezeggingen7

Ten aanzien van de toezegging Debat kostendelersnorm AOW8 en de toezegging Mantelzorgonderzoek9 merkt u op dat deze zijn afgehandeld met de brief van 8 juni 2015, waarin wordt aangekondigd dat de invoering van de kostendelersnorm in de Algemene Ouderdomswet (AOW) wordt uitgesteld tot 1 januari 2018.10

De commissie wenst in reactie hierop te wijzen op – bijgevoegde – brief van 8 juli 2015 waarin zij heeft gereageerd op deze uitstelbrief en daarbij te kennen heeft gegeven een verdere gedachtewisseling met de regering over dit onderwerp voorafgaand aan de beoogde inwerkingtredingsdatum mogelijk op prijs te stellen, wanneer er meer zicht is op de effecten van de kostendelersnorm in de AOW en de keuzes rond mantelzorg.11 Naar aanleiding van de op 8 juli 2015 verstuurde brief, heeft de commissie besloten om bovenstaande toezeggingen respectievelijk als openstaand en deels voldaan te registreren.12

De leden van de commissie vernemen graag – nu u de toezeggingen als voldaan wenst te beschouwen – uw bereidheid tot nadere gedachtewisseling voorafgaand aan de beoogde inwerkingtredingsdatum en vernemen ook graag of u het advies van het SCP opvolgt om de relatie tussen mantelzorg, huishoudensvorming en inkomensvoorzieningen vanuit een levensloopperspectief in kaart te brengen en daarbij tevens het verzoek van de commissie honoreert om ook de gevolgen voor mensen met een onvolledige AOW in kaart te laten brengen.

De leden van de commissie zien uw reactie graag zo spoedig mogelijk tegemoet.

Voorzitter van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid, A.H.G. Rinnooy Kan

BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 12 oktober 2016

Op 7 juni jl. heb ik uw brief ontvangen over de toezeggingen kostendelersnorm AOW. In de brief vraagt u of ik het advies van het SCP opvolg om de relatie tussen mantelzorg, huishoudensvorming en inkomensvoorzieningen vanuit een levensloopperspectief in kaart te brengen en of ik daarbij tevens het verzoek van de commissie honoreer om ook de gevolgen voor mensen met een onvolledige AOW in kaart te laten brengen. Ook vroeg u of ik bereid ben tot nadere gedachtewisseling over de kostendelersnorm in de AOW voorafgaand aan de beoogde inwerkingtredingsdatum.

Het afgelopen jaar heb ik in overleg met het SCP laten bezien wat de mogelijkheden zijn van onderzoek naar de relatie tussen mantelzorg, huishoudensvorming en inkomensvoorzieningen. Het SCP gaf daarbij aan wel mogelijkheden te zien voor een meerjarig onderzoek op het terrein van mantelzorg, maar dat een dergelijk onderzoek op korte termijn slechts beperkte informatie zou opleveren met betrekking tot de voorliggende beleidsvragen inzake de kostendelersnorm in de AOW.

Vervolgens heb ik aan het CBS gevraagd of het mogelijk is om gegevens over mantelzorg en wonen uit beschikbare data te halen. Dit betreft gegevens voor de Nederlandse bevolking. Het CBS onderzoekt nu wat de mogelijkheden hiertoe zijn. Naar verwachting zullen deze gegevens weliswaar geen compleet beeld geven, maar mogelijk wel nieuwe feiten boven water brengen in aanvulling op het onderzoek dat al heeft plaatsgevonden.

Het kabinet heeft – zoals vermeld in de ontwerpbegroting SZW 2017 – besloten om de invoering van de kostendelersnorm in de AOW uit te stellen naar 2019. Dat betekent dat dit kabinet de kostendelersnorm niet invoert.

Ouderen met een onvolledige AOW kunnen met de kostendelersnorm te maken krijgen als ze een beroep doen op de Aanvullende Inkomensvoorziening voor Ouderen (AIO). De AIO is een bijstandsuitkering op grond van de Participatiewet waarmee de onvolledige AOW wordt aangevuld tot aan het bijstandsniveau voor ouderen. In de Participatiewet is de kostendelersnorm wel ingevoerd. Het College voor de Rechten van de Mens heeft onlangs geoordeeld dat dit geen discriminatie is, omdat de AOW en de Participatiewet twee verschillende wettelijke regimes zijn. Er is geen sprake van ongelijke behandeling van gelijke gevallen.

Daar waar nodig kunnen mensen met een Aio een beroep doen op de gemeente voor maatschappelijke en financiële ondersteuning bij hun zelfredzaamheid. Voor 2017 en 2018 heb ik € 7,5 mln extra vrijgemaakt, die gemeenten kunnen besteden aan bijzondere bijstand voor gepensioneerden zonder volledige AOW. In de Verzamelbrief Gemeenten, die dit najaar verschijnt, zal ik de gemeenten hier nadrukkelijk op wijzen. Deze informatie zal ik tevens doen toekomen aan de ouderenbonden.

Ik hoop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J. Klijnsma


X Noot
1

Samenstelling:

Nagel (50PLUS), Ten Hoeve (OSF), Ester (CU) (vice-voorzitter), De Grave (VVD), Hoekstra (CDA), Postema (PvdA),Sent (PvdA), Kok (PVV), Kops (PVV), Dercksen (PVV), Don (SP), Bruijn (VVD), Van Kesteren (CDA), Krikke (VVD), Lintmeijer (GL), Meijer (SP), Nooren (PvdA), Oomen-Ruijten (CDA), Prast (D66), Rinnooy Kan (D66) (voorzitter), Rombouts (CDA), Schalk (SGP), Schnabel (D66), Teunissen (PvdD), Van de Ven (VVD), Vreeman (PvdA), Köhler (SP)

X Noot
2

Kamerstukken I, vergaderjaar 2014–2015, 33 801, F

X Noot
3

Ter inzage gelegd op de afdeling Inhoudelijke ondersteuning onder griffie nr. 157412.01u.

X Noot
4

Kamerstukken I, vergaderjaar 2014–2015, 33 801, F

X Noot
5

Zie Toezegging T01987

X Noot
6

Zie Toezegging T01986

X Noot
7

Kamerstukken I 2015/16, 34 300 XV, D.

X Noot
8

Toezegging T01986

X Noot
9

Toezegging T01987

X Noot
10

Kamerstukken I 2014/15, 33 801, F en bijlagen.

X Noot
11

Ter inzage gelegd onder griffiernummer 157412.01u

X Noot
12

Korte aantekeningen van 7 juli 2015.