Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 6 juli 2016
Conform mijn toezegging in de brief van 26 april jl. (Kamerstuk 33 652, nr. 42) informeer ik u over de voortgang van de transitie van het Programma ERTMS. Tevens
zal ik uw feitelijke vragen van 16 juni jl. over de vierde voortgangsrapportage beantwoorden
(Kamerstuk 33 652, nr. 43).
Programmabeheersing
In mijn brief van 14 januari (Kamerstuk 33 652, nr. 39) stelde ik vast dat de beheersing van het Programma ERTMS onvoldoende was en gaf
ik aan meer tijd voor de Planuitwerkingsfase te nemen om orde op zaken te stellen.
Hierbij heb ik een review door de ADR en PBLQ aangekondigd.
Het Programma ERTMS heeft een transitieplan opgesteld en het afgelopen halfjaar voortvarend
gewerkt om de beheersing van het Programma op orde te krijgen. Zoals aangegeven in
mijn brief bij de vierde voortgangsrapportage (Kamerstuk 33 652, nr. 42) is een nieuwe organisatiestructuur ingevoerd en is de governancestructuur aangepast.
Ook is de risicobeheersing versterkt en zijn inkoopprocedures aangepast.
De ADR en PBLQ constateren dat het Programma ERTMS goed op weg is om in control te
raken. Er is meer helderheid en duidelijkheid gecreëerd in rollen, taken, verantwoordelijkheden
en bevoegdheden. Verder is een Programma Kwaliteitssysteem (PKS) ontworpen. Daarmee
is een fundament gelegd om te komen tot een adequate programmabeheersing. Het is echter
nog te vroeg om te concluderen dat het Programma in control is. Een deel van de procedurebeschrijvingen
moet nog worden uitgewerkt en de adequate werking van de procedures zal nog moeten
blijken. Ik heb op grond van het voorgaande het vertrouwen dat het programma in staat
is om de programmabeheersing de komende maanden op orde te brengen. Ik vind het echter
wel belangrijk de voortgang te blijven monitoren. Ik zal u hierover bij de zesde voortgangsrapportage
(april 2017) opnieuw informeren.
Als opdrachtgever wil ik scherp sturen op het Programma. In dat licht heb ik u bij
de vierde voortgangsrapportage geïnformeerd over de omvorming van de regiegroep ERTMS
tot een stuurgroep ERTMS, waarin zowel op hoogambtelijk niveau als ook door de leden
van de Raad van Bestuur van NS en ProRail wordt deelgenomen en betrokkenheid op het
hoogste niveau is geborgd. De stuurgroep bewaakt het functioneren van de gehele keten
en beoordeelt of risico’s voldoende worden beheerst. Ik onderzoek op welke wijze ik
de aansturing van het programma nog verder kan versterken en kom daar bij de zesde
voortgangsrapportage in april 2017 op terug.
Integrale Planning en ACS
Tot nu was de verwachting dat de Planuitwerkingsfase zou worden afgesloten met twee
afzonderlijke projectbeslissingen: een Projectbeslissing voor materieel en een Projectbeslissing
voor infrastructuur. En met hieraan voorafgaand een uitgewerkte Aanbesteding- en Contracteringstrategie
(ACS). De afgelopen periode is duidelijk geworden dat het uit het oogpunt van de beheersing
van het programma en de samenhang tussen deze twee onderdelen, wenselijk is deze te
combineren tot één Programmabeslissing. De huidige inzichten geven aan dat ik u een
voorstel voor de Programmabeslissing kan aanbieden in de tweede helft van 2017. Met
betrekking tot de ACS worden deze zomer belangrijke richtinggevende keuzes afgerond.
Zoals eerder toegezegd, zal ik u in hierover in september informeren.
Uitrolstrategie
Veel van uw vragen over de vierde voortgangsrapportage hebben betrekking op de planning
van de uitrol in andere EU landen, de aangepaste planning van de Europese Commissie
in relatie met de Nederlandse uitrol en de interoperabiliteit.
Ik gaf u bij de vierde voortgangsrapportage aan dat de Europese Commissie werkt aan
een bijgestelde planning. Het Programma ERTMS werkt aan een daarop aansluitende uitrolstrategie
waarover ik u in september informeer. De vermindering van het ERTMS budget met € 250
miljoen ten gunste van Schiphol (Kamerstuk 34 300 A, nr. 72) is hierin meegenomen. Tijdens de TEN-T dagen, die recent onder het Nederlands Voorzitterschap
in Rotterdam zijn gehouden, is de voortgang op alle Europese Corridors gepresenteerd.
Daaruit blijkt dat in veel landen de uitvoering op gang komt, maar in een aantal landen
ook vertraging optreedt. De Europese Commissie houdt vast aan het eindbeeld voor 2030
(ERTMS kernnetwerk). De Lidstaten zijn uitgenodigd om in de tweede helft van 2016
aan te geven in welk tempo de uitrol van de ERTMS-corridors wordt gerealiseerd. Op
basis van deze inbreng zal het nieuwe Europese corridorplan in december 2016 worden
vastgesteld. Zonder dat ik in detail vooruit kan lopen op de uitrolstrategie die ik
u in september doe toekomen, past deze aanpak bij de plannen van het Nederlandse ERTMS-programma.
Voor het traject Amsterdam – Meteren had ik u al geïnformeerd dat het niet in 2020
zal worden gerealiseerd. Het Programma heeft aangegeven dat in de nieuwe uitrolstrategie
het traject Kijfhoek – Roosendaal ook later dan 2020 zal worden gerealiseerd. Ik zal
de Europese Commissie hiervan formeel op de hoogte stellen, nadat ik de uitrolstrategie
met u heb gedeeld.
De Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu,
S.A.M. Dijksma