Ter griffie van de Eerste en van de Tweede Kamer der Staten-Generaal ontvangen op
3 juni 2013.
De wens dat het verdrag aan de uitdrukkelijke goedkeuring van de Staten-Generaal wordt
onderworpen kan door of namens één van de Kamers of door ten minste vijftien leden
van de Eerste Kamer dan wel dertig leden van de Tweede Kamer te kennen worden gegeven
uiterlijk op 3 juli 2013.
Het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State wordt niet openbaar gemaakt,
omdat het zonder meer instemmend luidt (artikel 26, zesde lid jo vijfde lid, van de
Wet op de Raad van State).
Aan de voorzitters van de Eerste en van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 29 mei 2013
Overeenkomstig het bepaalde in artikel 2, eerste lid, en artikel 5, eerste lid, van
de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen, de Raad van State gehoord, heb
ik de eer u hierbij ter stilzwijgende goedkeuring over te leggen het op 27 februari
2013 te Brussel tot stand gekomen verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en
het Vlaams Gewest tot wijziging van het Verdrag tussen het Koninkrijk België en het
Koninkrijk der Nederlanden tot verbetering van de verbinding tussen het Julianakanaal
en het Albertkanaal (Trb. 2013, 65).
Een toelichtende nota bij het verdrag treft u eveneens hierbij aan.
De goedkeuring wordt alleen voor het Europese deel van Nederland gevraagd.
De minister van Buitenlandse Zaken,
F.C.G.M. Timmermans
Toelichtende nota
In juni 2011 zijn de onderhandelingen met Vlaanderen (het Vlaams Gewest) gestart over
de wijziging van het op 24 februari 1961 te Brussel tot stand gekomen Verdrag tussen
het Koninkrijk België en het Koninkrijk der Nederlanden tot verbetering van de verbinding
tussen het Julianakanaal en het Albertkanaal (Trb. 1961, 46), zoals gewijzigd per diplomatieke briefwisseling van 28 november 1988 en 8 februari
1989 (Trb. 1989, 41).
Het doel van onderhavige wijziging is het schrappen van de ruimtelijke reservering
voor het Cabergkanaal waarvan de mogelijke aanleg bij de sluiting van het verdrag
was voorzien. Het traject zou zich bevinden aan de noordzijde van de gemeente Maastricht,
doorlopend in westelijke richting naar de Vlaamse gemeente Lanaken.
De gemeenten Lanaken en Maastricht en beide provincies Limburg hebben sinds 2007 kenbaar
gemaakt dat de ruimtelijke reservering voor het tracé Cabergkanaal een belangrijk
knelpunt vormde voor de ontwikkelingen in het kader van het grensoverschrijdend gebiedsgericht
plan Albertknoop. Zij hebben aangegeven dit gebied te willen inzetten voor stedelijke
ontwikkeling van de gemeente Maastricht in de vorm van woningbouw, bedrijventerreinen
en een robuuste groenstructuur. Aan Vlaamse zijde wordt eveneens in een verdere bedrijventerreinontwikkeling
voorzien. Om deze reden is door de betrokken overheden aan de Nederlandse rijksoverheid
en het Vlaams Gewest verzocht de ruimtelijke reservering door wijziging van he tverdrag
van 1961, zoals gewijzigd in 1989, te laten vervallen.
Aan de huidige verdragswijziging is een uitgebreide briefwisseling met de regio vooraf
gegaan. Een gezamenlijke werkgroep heeft onder leiding van het Secretariaat-generaal
van de Benelux Unie geconstateerd dat er geen behoefte meer bestaat aan de aanleg
van het Cabergkanaal.
Aan de verdragswijziging is – met name met het oog op toekomstige scheepvaartontwikkelingen
– een aantal voorwaarden gekoppeld. De belangrijkste hiervan betreft het ook in de
toekomst waarborgen van de scheepvaartrelatie tussen het Julianakanaal en het Albertkanaal,
rekening houdend met de ontwikkeling van de scheepvaart en de modernisering in de
sector. Vlaanderen en Nederland hebben hierover in het gewijzigde artikel 10 van het
verdrag afspraken gemaakt. Deze hebben betrekking op het vaarweggedeelte in het stedelijk
gebied van Maastricht.
De toenmalige minister van Verkeer en Waterstaat heeft in 2009 aan de Gemeente Maastricht
de volgende voorwaarden gesteld over de doorvaart door Maastricht:
-
– In de (verdere) toekomst moeten eventuele aanpassingen aan bruggen met een doorvaarthoogte
van minder dan 9,10 m (nodig voor 4-laags containervaart) mogelijk blijven;
-
– Door de opheffing van de reservering van het Cabergkanaal zal het toekomstig vervoer
van gevaarlijke stoffen ongehinderd via de Maas blijven verlopen.
De gemeente Maastricht heeft in maart 2010 toegezegd om – indien de scheepvaartontwikkelingen
daartoe noodzaken – overleg te voeren over de noodzakelijke aanpassing van de doorvaarthoogte
van de bruggen over de Maas. Verder is de gemeente zich er van bewust dat het vervoer
van gevaarlijke stoffen over de Maas door Maastricht nu en in de toekomst zal blijven
plaatsvinden.
Het schrappen van deze reservering heeft voor Nederland geen financiële consequenties.
Koninkrijkspositie
Het wijzigingsverdrag zal, evenals het verdrag van 1961 en de wijziging daarvan in
1989, alleen voor het Europese deel van Nederland gelden.
De minister van Infrastructuur en Milieu,
M.H. Schultz van Haegen-Maas Geesteranus
De minister van Buitenlandse Zaken,
F.C.G.M. Timmermans