Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2018-201933625 nr. 278

33 625 Hulp, handel en investeringen

Nr. 278 BRIEF VAN DE MINISTER VOOR BUITENLANDSE HANDEL EN ONTWIKKELINGSSAMENWERKING

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 17 april 2019

Op verzoek van uw Kamer informeer ik u namens het Kabinet over de noodsituatie in Mozambique (Handelingen II 2018/19, nr. 69, item 22). De brief gaat in op de cholera uitbraak, de Nederlandse humanitaire inzet en geeft een vooruitblik op de Nederlandse ondersteuning bij de eerste fases van de wederopbouw.

De cycloon IDAI heeft het centrale deel van Mozambique verwoest. Op het moment van schrijven staat de teller op 603 doden en meer dan 1.600 gewonden. Ruim 1,8 miljoen mannen, vrouwen en kinderen zijn getroffen. De infrastructuur is zwaar beschadigd of verwoest, zoals de haven van Beira, bruggen, wegen, drinkwatervoorzieningen, klaslokalen, gezondheidscentra en bijna 240.000 huizen. Nog niet alle getroffen gebieden zijn bereikt, waardoor de cijfers kunnen oplopen. De VN heeft met de Mozambikaanse overheid en partners een flash appeal voor de respons opgesteld voor 282 miljoen dollar.

De ramp vond plaats tijdens de oogsttijd. Een totaal van 715.000 hectare aan landbouwgewassen ging verloren. Dit heeft grote gevolgen voor de voedselzekerheid, zowel op de korte als lange termijn. Niet alleen voor het getroffen gebied zelf, dat het grootste deel van de binnenlandse voedselproductie voor haar rekening nam, maar voor heel Mozambique. Andere delen van het land hebben immers te maken met grote droogte en dreigende voedseltekorten.

Nederlandse humanitaire inzet

Om snelle hulp bij acute rampen als deze mogelijk te maken, wordt het merendeel van het Nederlandse humanitaire budget besteed via ongeoormerkte bijdragen aan betrouwbare partners. Het betreft onder meer VN-organisaties als OCHA, WFP, UNICEF en WHO, die met deze bijdragen snel kunnen inspringen op noden als deze in Mozambique. In de beleidsbrief «Mensen Eerst» – die u onlangs is toegegaan – wordt het Nederlandse humanitaire beleid, en de manier waarop Nederland bijdraagt aan acute noodsituaties, toegelicht.

Nederland gaf in een vroeg stadium via verschillende kanalen noodhulp aan Mozambique: 2,1 miljoen euro via de Dutch Relief Alliance (DRA) en 1,7 miljoen euro via het Nederlandse Rode Kruis. Verder droeg Nederland bij via het VN Central Emergency Relief Fund (CERF), dat 20 miljoen dollar beschikbaar stelde voor de regio waarvan 13 procent toerekenbaar is aan Nederland. Via het Education Cannot Wait partnerschap is 5 miljoen dollar ingezet voor onderwijs aan getroffen kinderen, waarvan het Nederlandse aandeel 7 procent bedraagt.

Naast financiële steun heeft Nederland deskundigheid beschikbaar gesteld. In het kader van het Dutch Surge Support (DSS)-programma zijn vier Nederlandse waterexperts naar Mozambique gereisd om deel te nemen aan missies van de EU en VN (UNDAC, UNICEF en IOM). Daarnaast zijn vier Nederlandse experts via de EU geselecteerd om de noodhulprespons te ondersteunen.

De humanitaire situatie wordt verergerd door de verspreiding van ziekten die via vervuild water worden overgedragen. Op 27 maart bevestigde het Ministerie van gezondheid de uitbraak van cholera. Op het moment van schrijven zijn sinds 2 april 4.373 gevallen geconstateerd in de steden Beira, Buzi, Nhamatanda en Dondo. Vooral kinderen en zwangere vrouwen zijn vatbaar voor cholera. Inmiddels zijn 800.000 orale vaccinaties toegediend en is ruim 98 procent van de meest kwetsbare doelgroep bereikt.

Het Mozambikaanse Ministerie van gezondheid heeft met hulp van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) een plan opgesteld om verdere verspreiding van de ziekte te voorkomen. Op 3 april startte de Mozambikaanse overheid, in samenwerking met o.a. de WHO, UNICEF en de Federatie van het Rode Kruis, een grootschalige vaccinatiecampagne en zijn 7 cholera behandelcentra ingericht.

Daarnaast ondersteunt de WHO het herstel van de gezondheidszorg zodat bestaande faciliteiten snel weer essentiële diensten kunnen bieden.

Nederlandse drinkwaterbedrijven hebben bijgedragen aan de eerste herstelwerkzaamheden van de drinkwatervoorziening in de stad Beira. Voor duurzaam herstel van de drinkwater- en sanitaire voorzieningen wordt binnen bestaande programmamiddelen 1,8 miljoen euro vrijgemaakt. Schoon water en goede sanitaire voorzieningen zijn essentieel om de huidige cholera-uitbraak in te perken.

Ondersteuning wederopbouw

De gemeente Beira, waarmee Nederland een langjarige relatie heeft opgebouwd, heeft dringend hulp nodig bij de inventarisatie van de schade en het opstellen van een wederopbouwplan. De recent opgerichte Land Development Company (LDC), nauw verbonden aan de gemeente Beira, zal bij de wederopbouw een rol spelen. Nederland zal de versterking van de LDC alsmede de uitvoering van early recovery maatregelen bekostigen. Hiervoor wordt een bedrag van 3 miljoen euro beschikbaar gesteld.

Nederland ondersteunt daarnaast Beira met expertise in een taskforce bij het opstellen van een wederopbouwplan dat aansluit bij de door de Wereldbank, VN en EU geleide post disaster needs assessment voor een regionaal wederopbouwplan. Nederland kan verschil maken door met partners uit de overheid, kennisinstellingen en het bedrijfsleven te werken aan pragmatische en duurzame oplossingen ter bescherming tegen overstromingen gezien de Nederlandse expertise op dit vlak.

De cycloon heeft een groot deel van de oogsten en productiecapaciteit in de belangrijkste agrarische regio van Mozambique verwoest. Het World Food Programme (WFP) heeft Nederland en Duitsland opgeroepen tot extra steun. Nederland zal de Zambezi Valley Development Agency, een strategische partner die de ontwikkeling van het getroffen gebied coördineert, met 1,5 miljoen euro steunen voor herstel van de agrarische productiecapaciteit.

In overleg met de Wereldbank wordt bovendien gewerkt aan herprogrammering van de middelen in het Social Protection multi-donor fonds van de Wereldbank, waaraan Nederland reeds bijdraagt. Inzet is om een groter deel van dit fonds toe te wijzen in de getroffen gebieden.

Nederland zal bezien in hoeverre bestaande programma’s benut kunnen worden om de gevolgen van de ramp te mitigeren. Nederlandse waterschappen, drinkwaterbedrijven, kennisinstellingen en NGO’s zullen waar mogelijk worden betrokken.

De Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, S.A.M. Kaag