Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-202033578 nr. 79

33 578 Eerstelijnszorg

Nr. 79 BRIEF VAN DE MINISTER VOOR MEDISCHE ZORG

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 19 maart 2020

Met deze brief informeer ik u over het recent afgeronde kostenonderzoek paramedische zorg dat partijen in het kader van de Bestuurlijke Afspraken Paramedische Zorg 2019–2022 hebben laten uitvoeren.

In juni 2019 heb ik samen met paramedische beroepsgroepen1, de Patiëntenfederatie en Zorgverzekeraars Nederland (ZN) de Bestuurlijke Afspraken Paramedische Zorg 2019–2022 ondertekend (Kamerstuk 33 578, nr. 67). Een van de afspraken was dat partijen een kostenonderzoek laten uitvoeren. De beroepsgroepen en ZN zijn voor dit onderzoek gezamenlijk opdrachtgever geweest. Zij hebben het onderzoek laten uitvoeren door Gupta Strategists. Dit onderzoek is op 3 maart jl. opgeleverd en zend ik u als bijlage bij deze brief2.

Het rapport bestaat, zoals afgesproken, uit verschillende onderdelen:

  • Een kostprijsonderzoek. Hierin worden zowel de werkelijke kosten en productiviteit in 2018 als een normatieve benadering van kosten en productiviteit beschreven.

  • De impact van tariefstijging op de premie en dekking van basis- en aanvullende verzekering.

  • Samenhang tussen kosten, betaalbaarheid en toegankelijkheid van de paramedische zorg.

  • Een doorkijk naar een mogelijke toekomst.

Ik heb met de partijen van de bestuurlijke afspraken besproken hoe zij dit rapport gaan gebruiken. Partijen hebben mij daarbij herbevestigd volledig achter de eerder gemaakte bestuurlijke afspraken te staan. Hierin is opgenomen:

«Met betrekking tot het kostprijsonderzoek zullen zorgverzekeraars de uitkomsten ter harte nemen. De beroepsgroepen op hun beurt zullen zich maximaal inspannen voor een doelmatige en efficiënte zorgverlening om zodoende de zorg betaalbaar te houden.»

Partijen vinden het rapport goed bruikbaar en geven aan dat dit rapport mogelijkheden en aandachtspunten schetst die ingezet zullen worden voor het opstellen van een gezamenlijke werkagenda, waarvan de contouren voor 1 juni 2020 bekend zullen zijn. Deze werkagenda zal passen binnen de reeds gemaakte Bestuurlijke Afspraken Paramedische Zorg 2019–2022. Partijen benadrukken dat deze werkagenda voor iedereen in Nederland van belang is om te komen tot een toekomstbestendige paramedische zorg. Op basis van de werkagenda zullen partijen samenhangende afspraken maken over een passende en toekomstbestendige tariefontwikkeling, kwaliteit, innovatie en betaalbaarheid. Daarbij zullen zij keuzes maken die in het belang zijn van de patiënt en van de kwaliteit van zorg.

Ik ben blij dat er een rapport ligt dat handvatten biedt om vervolgafspraken te maken. Het rapport bevat veel aanbevelingen die naadloos aansluiten bij de reeds gemaakte bestuurlijke afspraken. Het is goed dat partijen hebben uitgesproken op korte termijn een vertaalslag te maken naar een concrete werkagenda. Het bestuurlijk overleg paramedische zorg zal de voortgang hiervan bewaken.

De Minister voor Medische Zorg, B.J. Bruins


X Noot
1

Koninklijk Nederlands Genootschap voor Fysiotherapie (KNGF), Paramedisch Platform Nederland (PPN) en Stichting Keurmerk Fysiotherapie (SKF). Onder PPN vallen: Ergotherapie Nederland (EN), Nederlandse Vereniging van Diëtisten (NVD), Nederlandse Vereniging van Huidtherapeuten (NVH), Nederlandse Vereniging voor Logopedie en Foniatrie (NVLF) en Vereniging van Oefentherapeuten Cesar en Mensendieck (VvOCM).

X Noot
2

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl.