Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2018-201933576 nr. 154

33 576 Natuurbeleid

Nr. 154 MOTIE VAN DE LEDEN BROMET EN FUTSELAAR

Voorgesteld 7 maart 2019

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat het voldoen aan de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn een resultaatverplichting is;

constaterende dat de CoP biodiversiteit van november 2018 oproept om de realisatie van Aichi-biodiversiteitsdoelen te versnellen, een doelstelling die in EU-verband omarmd is door de Raad van milieuministers;

constaterende dat diezelfde Raad van milieuministers in 2017 unaniem instemde met het doel om biodiversiteitsverlies uiterlijk in 2020 te stoppen en om te zetten in herstel;

overwegende dat provincies maximaal 65% van de doelen in de Vogel- en Habitatrichtlijn halen als ze het Nationaal Natuurnetwerk in 2027 afronden en dat dit niet genoeg is voor het stoppen van het biodiversiteitsverlies;

overwegende dat provincies in de vierde Voortgangsrapportage Natuur aangeven dat ze een doelbereik van 100% ambiëren en momenteel samen met het PBL en het Rijk onderzoeken wat er nodig is om dit hogere doel te behalen;

verzoekt de regering, in het genoemde onderzoek door provincies, PBL en Rijk helder aan te geven wanneer welke aanvullende maatregelen door wie moeten worden getroffen om het hogere doelbereik te halen, welke natuurresultaten de aanvullende maatregelen op welk moment moeten opleveren, wat de gevolgen zijn van niet tijdige realisatie, en dit onderzoek uiterlijk eind 2019 af te ronden en naar de Kamer te sturen,

en gaat over tot de orde van de dag.

Bromet

Futselaar