Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 8 juni 2026
In 2024 heb ik een richtinggevend besluit genomen om ASN Bank en NLFI te vragen zich
voor te bereiden op een beursgang of onderhandse verkoop van ASN Bank. Dit betrof
geen definitief verkoopbesluit.1 Dat besluit kan pas genomen worden als de bank daar klaar voor is. NLFI stelt jaarlijks
een rapportage op over de stand van zaken bij ASN Bank en de gereedheid van de bank
om een definitief besluit te kunnen nemen over haar toekomst. Deze rapportages worden
met uw Kamer gedeeld. Met deze brief informeer ik u over de voortgangsrapportage over
2025. De voortgangsrapportage treft u aan als bijlage bij deze brief.
Voortgangsrapportage NLFI over 2025
In haar voortgangsrapportage over 2025 constateert NLFI dat, sinds de nationalisatie
in 2013, ASN Bank nog niet klaar is voor een definitief besluit over privatisering.
Hoewel ASN Bank in het afgelopen jaar vooruitgang heeft geboekt, verwacht NLFI niet
in 2026 tot een andere conclusie te komen.
NLFI beschrijft in de voortgangsrapportage dat ASN Bank gedurende 2025 al is gestart
met de strategie voor de periode 2026–2030. Onderdeel van deze nieuwe strategie, «Versimpel
en Groei», is de naamswijziging van de Volksbank naar ASN Bank, de bundeling van de
merken2 en de vereenvoudiging van het bedrijfsmodel en het kantorennetwerk.
Tegelijkertijd werkt de bank aan twee omvangrijke herstelprogramma’s naar aanleiding
van door DNB geconstateerde tekortkomingen inzake de naleving van de Wet ter voorkoming
van witwassen en financieren van terrorisme («Wwft») en de Wet op het financieel toezicht
(«Wft»). NLFI concludeert dat de bank goede stappen zet. Volgens ASN Bank zal het
echter nog tot eind 2026 duren voordat beide programma’s (grotendeels) zijn afgerond.
Verder beschrijft NLFI de financiële resultaten van de bank. De bank is volgens NLFI
ruim gekapitaliseerd en met een leverage ratio van boven de 5% heeft de bank een beperkt
risicoprofiel. Het rendement op eigen vermogen is volgens NLFI nog aanzienlijk onder
de eigen doelstelling van ASN Bank en het kostenniveau is volgens NLFI nog te hoog.
NLFI stelt dat de bank klaar is voor privatisering als de uitvoering van de herstelprogramma’s
in zoverre gevorderd is dat er sprake is van een stabiele en voorspelbare situatie.
Daarnaast dient de bank volgens NLFI voortgang te boeken op de lopende transformatie,
haar commerciële ambities te realiseren en aldus gezond en stabiel te opereren. NLFI
wijst er volledigheidshalve op dat de implementatie van de ingezette transformatie,
de herstelprogramma’s en de nieuwe commerciële strategie niet één op één tot privatisering
zullen leiden, omdat privatiseringsopties worden beïnvloed door zowel ondernemingsgerelateerde
als marktgerelateerde factoren.
Appreciatie
Het is positief dat NLFI concludeert dat ASN Bank in het afgelopen jaar vooruitgang
heeft geboekt. NLFI stelt dat de bank goede stappen heeft gezet in de herstelprogramma’s
op het gebied van de Wwft en Wft. Ik vind het van groot belang dat ASN Bank de noodzakelijke
verbeteringen op het gebied van compliance en risicomanagement realiseert. Deze herstelprogramma’s
dienen daarom onverminderd prioriteit te houden.
Ik deel de conclusie van NLFI dat ASN Bank op dit moment nog niet klaar is om een
definitief besluit te nemen over haar toekomst. Ik vind het belangrijk dat NLFI de
voortgang kritisch volgt en ASN Bank hierop uitdaagt.
Vervolg
NLFI geeft aan zich nu vooral te richten op de eerste randvoorwaarde voor privatisering:
dat de bank verkoopgereed dient te zijn. Tegelijkertijd met het monitoren van de vraag
of aan de eerste randvoorwaarde wordt voldaan, volgt NLFI voortdurend de ontwikkelingen
met betrekking tot de overige drie gebruikelijke randvoorwaarden voor privatisering:
een stabiele financiële sector, voldoende interesse in de markt en het streven om
zoveel mogelijk kapitaaluitgaven terug te verdienen.
Uit de voortgangsrapportage over 2025 blijkt dat ASN Bank op dit moment nog niet gereed
is voor een besluit over haar toekomst. Wanneer daar in de toekomst aanleiding toe
is, zal het gesprek met uw Kamer hierover uiteraard worden gevoerd.
De Minister van Financiën,
E. Heinen