Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2012-201333529 nr. 24

33 529 Gaswinning Groningen-veld

Nr. 24 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 2 september 2013

Hierbij zend ik u mijn reactie op de rapportage1 inzake het aardbevingsrisico voor bedrijven in de Eemsdelta, zoals gevraagd door de vaste commissie voor Economische Zaken tijdens de procedurevergadering van 25 juni jl.

Op verzoek van de Samenwerkende Bedrijven Eemsmond (SBE) heeft er op 9 juni 2013 een bijeenkomst plaatsgevonden waarbij vertegenwoordigers van de bedrijven uit de Eemsmond, het Ministerie van Economische Zaken en experts van het KNMI en TNO aanwezig waren. Het doel van deze bijeenkomst was om informatie te delen over de mogelijke gevolgen van sterkere bevingen in het gaswinningsgebied voor bodembewegingen in de Eemsmond, en gezamenlijk te bezien of, en zo ja, welke preventieve maatregelen bij die bedrijven overwogen zouden kunnen worden om de (externe) veiligheid van bedrijfsprocessen te garanderen.

De vertegenwoordiger van het KNMI heeft tijdens de bijeenkomst een eerste contourkaart getoond waarop de mogelijke grondversnellingen bij een beving met de kracht Richter 5 getoond worden. Een verbeterde versie van dit kaartje is als bijlage 5 meegezonden met mijn brief van 22 augustus jl. aan uw Kamer (Kamerstuk 33 529, nr. 23).

De waarden voor de mogelijke grondversnellingen in de Eemsmond, die af te leiden zijn uit de contourkaart, geven niet direct aanleiding tot zorg.

Omdat de uitkomsten van het onderzoek naar de mogelijke maximale sterkte van een beving, en bijbehorende grondversnellingen, pas eind van dit jaar beschikbaar zijn, is gezamenlijk besloten om van een aantal installaties in de Eemsmond in kaart te brengen tegen welke grondversnellingen zij bestand zijn. Zodoende kunnen deze gegevens te zijner tijd direct vergeleken worden met de uitkomsten van genoemd lopend onderzoek naar grondversnellingen en gaat geen tijd verloren. In eerste instantie worden bedrijven die vallen onder het Besluit Risico’s Zware Ongevallen 1999 onder de loep genomen.

Om dit te proces vorm te geven en te coördineren is een werkgroep ingesteld, waarin alle eerder genoemde partijen zitting hebben genomen, alsmede een vertegenwoordiger van de Veiligheidsregio Groningen, van de gemeenten Eemsmond en Delfzijl, en van de NAM. De onderzoeken bij de bedrijven worden gecoördineerd door Deltares.

De Minister van Economische Zaken, H.G.J. Kamp