Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2012-201333403 nr. 4

33 403 Wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Overige fiscale maatregelen 2013)

Nr. 4 ADVIES RAAD VAN STATE EN NADER RAPPORT1

Hieronder zijn opgenomen het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State d.d. 10 september 2012 en het nader rapport d.d. 14 september 2012, aangeboden aan de Koningin door de staatssecretaris van Financiën. Het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State is cursief afgedrukt.

Bij Kabinetsmissive van 5 september 2012, no.12 002011, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Staatssecretaris van Financiën, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het voorstel van wet houdende wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Overige fiscale maatregelen 2013), met memorie van toelichting.

Het voorstel vormt een onderdeel van het fiscale pakket voor het jaar 2013, samen met de wetsvoorstellen Belastingplan 2013, Wet herziening fiscale behandeling eigen woning, Wet verhuurderheffing, Wet herziening fiscale behandeling woon-werkverkeer en Wet elektronische registratie notariële akten.

Het voorstel bevat wijzigingen van enkele belastingwetten en enige andere wetten waarvoor inwerkingtreding of wettelijke vastlegging met ingang van 1 januari 2013 wenselijk is. Het gaat daarbij onder andere om een wijziging van de fiscale begrenzing van de pensioenopbouw van IB-ondernemers die verplicht deelnemen in beroeps- of bedrijfstakpensioenregelingen, een wijziging van het overgangsrecht inzake het tarief voor de assurantiebelasting, maatregelen ter bestrijding van fraude en oneigenlijk gebruik, wijzigingen in verband met de verhoging van de AOW- en pensioenleeftijd en wijzigingen van de Wet op de kansspelen.

De Afdeling advisering van de Raad van State onderschrijft de strekking van het wetsvoorstel, maar maakt opmerkingen met betrekking tot het opnemen van de wijzigingen van de Wet op de kansspelen (Wok) in een afzonderlijk wetsvoorstel en de verstrekking van (persoons)gegevens aan en door de kansspelautoriteit. Zij is van oordeel dat in verband daarmee enige aanpassing van het voorstel wenselijk is.

Blijkens de mededeling van de Directeur van Uw kabinet van 5 september 2012, nr.12 002011, machtigde Uwe Majesteit de Afdeling advisering van de Raad van State haar advies inzake het bovenvermelde voorstel van wet rechtstreeks aan mij te doen toekomen. Dit advies, gedateerd 10 september 2012, nr. W06.12 0355/III, bied ik U hierbij aan.

Het kabinet is de Afdeling erkentelijk voor de voortvarendheid waarmee het advies inzake het bovenvermelde voorstel is uitgebracht.

Naar aanleiding van het advies merk ik het volgende op.

1. Afzonderlijk wetsvoorstel wijzigingen Wok

Bij wet van 22 december 20112 is de kansspelautoriteit ingesteld die toezicht houdt op de naleving van de Wok. De bekostiging van de kansspelautoriteit wordt in het voorstel gewijzigd via een aanpassing van de Wok.3 Daarnaast wordt een wijziging van de Wok voorgesteld omtrent de verstrekking van gegevens die voor een doelmatige uitoefening van het toezicht op naleving van belang zijn.4

De Afdeling merkt op dat de onderhavige wijzigingen van de Wok niet-fiscale maatregelen betreffen die thans zijn opgenomen in een voorstel met (overige) fiscale maatregelen. Dergelijke niet-fiscale maatregelen horen thuis in een afzonderlijke wettelijke aanpassing van de Wok en niet in een pakket belastingmaatregelen.

Daarnaast merkt de Afdeling op dat, zoals hierna onder punt 2c nader zal worden toegelicht, uit de memorie van toelichting bij het voorstel niet naar voren komt of het College bescherming persoonsgegevens om advies is gevraagd over het onderdeel van het voorstel dat voorziet in de verstrekking en verwerking van persoonsgegevens.

De Afdeling adviseert de wijzigingen van de Wok niet in het fiscale pakket voor het jaar 2013 op te nemen maar in een afzonderlijk wetsvoorstel, en daarbij, zo dat nog niet is gebeurd, het College bescherming persoonsgegevens alsnog om advies te vragen.

1. Afzonderlijk wetsvoorstel wijzigingen Wok

De omvang en aard van de wijzigingen in de Wet op de kansspelen (Wok) zijn dermate beperkt dat een afzonderlijk wetsvoorstel niet gerechtvaardigd is. De band met de fiscaliteit is er bovendien wel degelijk. De wijziging leidt er immers toe dat de kansspelheffing niet meer wordt geheven volgens de fiscale systematiek, waardoor betrokkenheid van de Belastingdienst bij de uitvoering wordt uitgesloten.

2. Verstrekking van (persoons)gegevens

Onverminderd het vorenstaande merkt de Afdeling nog het volgende op.

Het voorstel bevat een nieuwe regeling in de Wok voor de verstrekking en verwerking van (persoons)gegevens die gewenst zijn voor een doelmatige uitvoering van de Wok, voor het toezicht op de naleving ervan en voor de handhaving.5 De Afdeling plaatst daar drie kanttekeningen bij.

a. Andere bestuursorganen en toezichthouders

In de huidige Wok is de verstrekking van gegevens ter uitvoering van de wettelijke taken beperkt tot een uitwisseling van gegevens tussen de kansspelautoriteit en de ambtenaren en personen die zijn belast met het toezicht op de naleving.6 Het voorstel breidt die onderlinge verstrekking van gegevens uit tot «andere bestuursorganen en toezichthouders» «die deze [gegevens] behoeven ter uitvoering van hun wettelijke taken».7 De reikwijdte van deze uitbreiding is, op de wijze zoals deze is omschreven, onbeperkt en strekt zich uit tot alle denkbare bestuursorganen/toezichthouders en hun wettelijke taken. De toelichting is niet duidelijk over deze reikwijdte en noemt «onder meer» de Belastingdienst.8

De Afdeling adviseert de reikwijdte van het voorstel te beperken door de bestuursorganen en toezichthouders waarom het gaat uitdrukkelijk te benoemen en het wetsvoorstel in die zin aan te passen.

b. Bijzondere persoonsgegevens

De kansspelautoriteit kan volgens het voorstel ook bijzondere persoonsgegevens als bedoeld in artikel 16 van de Wet bescherming persoonsgegevens verwerken.9 In genoemd artikel 16 gaat het om persoonsgegevens betreffende iemands godsdienst of levensovertuiging, ras, politieke gezindheid, gezondheid, seksuele leven, of lidmaatschap van een vakvereniging (het eerste lid) dan wel om strafrechtelijke persoonsgegevens en persoonsgegevens over onrechtmatig of hinderlijk gedrag in verband met een opgelegd verbod naar aanleiding van dat gedrag (het tweede lid).

Het komt de Afdeling voor dat de meeste van genoemde gegevens niet relevant zijn voor een doelmatige uitvoering van de Wok, voor het toezicht op de naleving ervan en voor de handhaving.

De Afdeling adviseert de omschrijving van de te verwerken persoonsgegevens te beperken tot de voor de Wok strikt noodzakelijke gegevens en het voorstel in die zin aan te passen.

c. College bescherming persoonsgegevens

Voorts merkt de Afdeling op, zoals onder punt 1 al is aangeduid, dat uit de toelichting niet blijkt of het College bescherming persoonsgegevens in de gelegenheid is gesteld zijn reactie te geven op het voorstel, noch wat deze reactie, indien uitgebracht, inhoudt en wat de reactie van de betreffende bewindspersoon daarop is.

Indien het College nog niet in de gelegenheid is geweest om zijn reactie op het voorstel te geven, adviseert de Afdeling die gelegenheid alsnog te bieden. De Afdeling gaat er van uit dat dit onderdeel van het voorstel opnieuw ter advisering aan haar wordt voorgelegd indien de reactie van het College tot een ingrijpende aanpassing van het voorstel leidt.

2. Verstrekking van (persoons)gegevens

Het advies van de Afdeling is gevolgd. Artikel 33g van de Wok is in verband hiermee uit het voorstel geschrapt. Het College bescherming persoonsgegevens wordt in de gelegenheid gesteld zijn reactie te geven. Indien deze reactie leidt tot ingrijpende aanpassing van dit onderdeel van het wetsvoorstel, wordt dit onderdeel opnieuw ter advisering aan de Afdeling voorgelegd.

Ten slotte is van de gelegenheid gebruikgemaakt om een aantal redactionele en technische wijzigingen in het wetsvoorstel en de memorie van toelichting aan te brengen.

De Afdeling advisering van de Raad van State geeft U in overweging het voorstel van wet te zenden aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal, nadat met het vorenstaande rekening zal zijn gehouden.

De vice-president van de Raad van State,

J. P. H. Donner

Ik moge U verzoeken het hierbij gevoegde gewijzigde voorstel van wet en de gewijzigde memorie van toelichting aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal te zenden.

De staatssecretaris van Financiën, F. H. H. Weekers


X Noot
1

De oorspronkelijke tekst van het voorstel van wet en van de memorie van toelichting zoals voorgelegd aan de Afdeling advisering van de Raad van State is ter inzage gelegd bij het Centraal Informatiepunt Tweede Kamer.

X Noot
2

Stb. 2012, 11.

X Noot
3

Artikel VII, onderdeel A, van het voorstel.

X Noot
4

Artikel VII, onderdeel B. van het voorstel.

X Noot
5

Artikel VII, onderdeel B, van het voorstel.

X Noot
6

Artikel 34c, eerste lid, van de Wok.

X Noot
7

Het huidige artikel 34c, eerste lid, van de Wok is daartoe – uitgebreid met «en andere bestuursorganen en toezichthouders» – opgenomen in het in artikel VII, onderdeel B, opgenomen artikel 33g, tweede lid (nieuw), van de Wok.

X Noot
8

Paragraaf 13, laatste volzin, en de eerste en vierde volzin van de artikelsgewijze toelichting op artikel VII, onderdelen B en C.

X Noot
9

Het in artikel VII, onderdeel B, voorgestelde artikel 33g, eerste lid, aanhef (nieuw), van de Wok.