33 400 VI Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Veiligheid en Justitie (VI) voor het jaar 2013

Nr. 110 MOTIE VAN HET LID OUWEHAND

Voorgesteld 20 juni 2013

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat Nederland een van de weinige landen is waar vuurwerk mag worden afgestoken door niet-professionals;

overwegende dat er tijdens de jaarwisseling in Nederland ieder jaar honderden slachtoffers vallen door het afsteken van consumentenvuurwerk, onder wie veel kinderen, met ernstig lichamelijk letsel tot gevolg;

overwegende dat een groot deel van de vuurwerkslachtoffers valt onder omstanders of voorbijgangers, en dat de helft van de letsels veroorzaakt wordt door legaal vuurwerk;

constaterende dat de Stichting Maatschappij en Veiligheid en de politie hebben geconcludeerd dat de huidige wijze van oud-en-nieuwviering in Nederland niet in verhouding staat tot de risico's, schade en maatschappelijke overlast die zich in enkele uren voordoen;

constaterende dat oogartsen en plastisch chirurgen pleiten voor een verbod op consumentenvuurwerk, en dat ook de coördinator van de Taskforce Opsporing Vuurwerk Bommenmakers zegt dat een vuurwerkverbod onafwendbaar is;

overwegende dat professionele vuurwerkshows een veiliger alternatief kunnen vormen voor het afsteken van vuurwerk door burgers op straat;

verzoekt de regering, toe te werken naar een verbod op consumentenvuurwerk,

en gaat over tot de orde van de dag.

Ouwehand

Naar boven