Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 29 juni 2012
In 2010 heeft de Tweede Kamer het voorstel tot wijziging van de Wet voorkeursrecht
gemeenten (Wvg) behandeld (vereenvoudiging bekendmaking en aanbiedingsprocedure,
31 285). Tijdens die Kamerbehandeling diende Mw. Wiegman – Van Meppelen Scheppink een amendement
in dat ertoe strekte de inwerkingtreding van het gemeentelijke voorkeursrecht te koppelen
aan de registratie in de openbare registers van het Kadaster (Kamerstukken II 2009/10,
31 285, nr. 15; hierna: het amendement Wiegman). Het wetsvoorstel bevatte een andere keuze en koppelde
de inwerkingtreding van het gemeentelijke voorkeursrecht aan het tijdstip van registratie
in de gemeentelijke beperkingenregistratie op grond van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke
beperkingen onroerende zaken (Wkpb). Bij brief van 15 februari 2010 (Kamerstukken
II 2009/10, 31 285, nr. 18) heeft mijn ambtsvoorganger aan de Tweede Kamer laten weten gevoelig te zijn voor
de voordelen van het amendement Wiegman, maar pas een definitief standpunt te kunnen
innemen na gereedkoming van de evaluatie van de Wkpb, die op dat moment gaande was.
Zij zegde toe op basis van de uitkomsten van de evaluatie een nadere afweging te zullen
maken. Die toezegging was voor de Kamer voldoende om het amendement Wiegman te verwerpen. In afwachting van de evaluatie van de Wkpb zijn de bepalingen
inzake de registratie van voorkeursrechten uit het wetsvoorstel niet in werking getreden
(Stb. 2010, 248). Bij brief van 11 april j.l. heeft de Commissie Infrastructuur en Milieu mij verzocht
de Kamer nader te informeren over de stand van zaken van de evaluatie van de Wkbp
en de toegezegde nadere afweging inzake de registratie van voorkeursrechten. Met deze
brief kom ik aan dat verzoek tegemoet en bied ik u tevens de evaluatie van de Wkpb
aan1.
Het amendement Wiegman heeft tot doel één loket te maken waar alle informatie over
geldende voorkeursrechten beschikbaar is. Deze informatie is van belang voor de verkoop
en levering van onroerend goed. Op dit moment is voor een notaris de belangrijkste
bron van informatie over voorkeursrechten Kadaster online. Alle gemeentelijke publiekrechtelijke
beperkingen worden op grond van de Wkpb niet alleen op gemeentelijk niveau geregistreerd,
maar ook in een Landelijke principe via Kadaster online te achterhalen of onroerend
goed met een gemeentelijk voorkeursrecht is belast. Er zal echter altijd enige tijd
verstrijken tussen de registratie van een gemeentelijk voorkeursrecht in het gemeentelijke
beperkingenregister en de inschrijving daarvan in de Landelijke Voorziening Wkpb.
Daarom doet de notaris er verstandig aan in tweede instantie ook bij de gemeente te
informeren of recent een gemeentelijk voorkeursrecht is gevestigd. Anders loopt hij
het risico een leveringsakte te passeren die achteraf nietig blijkt te zijn.
De evaluatie van de Wkpb bevestigt dat het probleem dat het amendement Wiegman beoogt op te lossen speelt. De evaluatie wijst uit dat de Wkpb in het
algemeen heeft bijgedragen aan een betere informatievoorziening. Een ruime meerderheid
van de respondenten is het eens met de stelling dat door de invoering van de Wkpb
de informatievoorziening over publiekrechtelijke beperkingen is verbeterd. Tweevijfde
van de notarissen en ruim de helft van de makelaars vindt de wijze van registratie
van gemeentelijke beperkingen echter onvoldoende en heeft een voorkeur voor registratie
in één systeem of register, bij voorkeur het Kadaster.
Mede naar aanleiding van de evaluatie van de Wkpb is inmiddels een pilot gestart om
na te gaan in hoeverre het praktisch uitvoerbaar is om alle beperkingenbesluiten -zowel
gemeentelijke beperkingenbesluiten als beperkingenbesluiten van andere overheden-
te laten inschrijven in de openbare registers van het Kadaster. De uitkomsten van
deze pilot worden eind 2012 verwacht en zullen worden betrokken bij de voorgenomen
Omgevingswet die thans in voorbereiding is. In het kader van die wet zal het vergroten
van de kenbaarheid van besluiten met een omgevingsrechtelijke component aan de orde
komen. Ook overige kwesties die in de evaluatie van de Wkpb naarvoren zijn gekomen,
zullen in de voorgenomen Omgevingswet worden meegenomen.
Gelet op de uitkomsten van de evaluatie van de Wkpb acht ik het wenselijk dat gemeentelijke
voorkeursrechten in het Kadaster worden geregistreerd. Gemeentelijke voorkeursrechten
zullen dan pas inwerkingtreden zodra zij zijn ingeschreven in de openbare registers
van het Kadaster. Daarmee wordt de volledige, juiste en tijdige kenbaarheid van voorkeursrechten
gegarandeerd, kan de notaris zijn poortwachterfunctie optimaal vervullen en wordt
het risico van ongeldige verkooptransacties geminimaliseerd. De nieuwe regeling voor
de registratie en inwerkingtreding van het gemeentelijke voorkeursrecht zal worden
uitgewerkt in de voorgenomen Omgevingswet. Dat biedt de beste garanties voor een samenhangende
en praktisch werkbare regeling.
Ik hoop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.
De minister van Infrastructuur en Milieu,
M. H. Schultz van Haegen-Maas Geesteranus