Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2012-201333253 nr. 17

33 253 Wijziging van de Wet marktordening gezondheidszorg, de Wet cliëntenrechten zorg en enkele andere wetten in verband met het tijdig signaleren van risico's voor de continuïteit van zorg alsmede in verband met het aanscherpen van procedures met het oog op de kwaliteit en bereikbaarheid van zorg

Nr. 17 AMENDEMENT VAN HET LID LEIJTEN

Ontvangen 8 februari 2013

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

I

In artikel I, onderdeel D, wordt in artikel 49b, tweede lid, onder vervanging van de punt aan het einde van onderdeel h door een puntkomma, een onderdeel toegevoegd, luidende:

  • i. de resultaten van het onderzoek naar de mate waarin na de concentratie zal worden voldaan aan de behoefte die de omgeving heeft aan de zorgverlening die door de zorgaanbieder of de zorgaanbieders gezamenlijk wordt geboden;

II

In artikel I, onderdeel D, komt artikel 49c, tweede lid, als volgt te luiden:

  • 2. De zorgautoriteit keurt de concentratie niet goed, tenzij:

    • a. cliënten en personeel op een zorgvuldige wijze zijn betrokken bij de voorbereiding van de concentratie;

    • b. als gevolg van de concentratie de continuïteit van bij algemene maatregel van bestuur aangewezen vormen van zorg als bedoeld in artikel 56a, eerste lid, niet in gevaar komt;

    • c. het onderzoek bedoeld in artikel 49b, tweede lid, onder i, uitwijst dat de concentratie niet resulteert in een verminderde mate van voldoening aan de behoefte die de omgeving heeft aan de zorgverlening die door de zorgaanbieder of de zorgaanbieders gezamenlijk wordt geboden.

Toelichting

Dit amendement regelt dat de Nederlandse Zorgautoriteit een fusie in beginsel niet goedkeurt. Het wetsvoorstel gaat uit van fusie mits voldaan aan een aantal voorwaarden, dit amendement gaat uit van het principe van de omgekeerde bewijslast: er mag niet gefuseerd worden tenzij.

Dit amendement regelt verder dat er een behoefteonderzoek in de omgeving moet worden gedaan. Fusies vinden nu vaak plaats op bedrijfseconomische gronden en/of strategische gronden. Dit kan op gespannen voet staan met de zorgbehoefte in de omgeving. De indiener vindt het essentieel dat de zorgbehoefte centraal staat bij de beslissing om wel of niet te fuseren. Het moet duidelijk zijn dat na een fusie nog steeds en ten minste in dezelfde mate wordt voldaan aan de behoefte die de omgeving heeft aan de zorgverlening die door de fuserende zorgaanbieder(s) wordt geboden. Als dit niet het geval is, kan de fusie niet doorgaan. Daarom moet er een behoefteonderzoek in de omgeving worden gedaan.

Leijten