32 813 Kabinetsaanpak Klimaatbeleid

Nr. 1549 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 19 december 2025

Hierbij informeer ik u over de voortgang van de implementatie van de RED-III-vervoersonderdelen. De implementatie in de Brandstoftransitieverplichting treedt per 1 januari 2026 in werking, met terugwerkende kracht.

Uitvoering amendement Veltman c.s.

Het amendement Veltman c.s. (Kamerstuk 36 766, nr. 15), aangenomen met vaststelling van artikel 9.7.4.2, eerste lid, onderdeel e, van de Wet milieubeheer, beoogt een door Europese producenten van bioethanol ervaren nadeel op te heffen. Importeurs van geïmporteerde gedenatureerde ethanol betalen een lagere importheffing. De formulering van het amendement gebiedt echter om alleen leveringen van pure, ongemengde ethanol als biobrandstof mee te tellen in de brandstoftransitieverplichting. Bioethanol wordt gebruikt in mengsels met benzine (bijvoorbeeld E10), maar niet als brandstof in pure vorm (E100).

Gelet op bovenstaande ben ik voornemens om een alternatieve wettelijke delegatiegrondslag (artikel 9.7.4.2, eerste lid, onderdeel c, van de Wet milieubeheer) te gebruiken om bij of krachtens algemene maatregel van bestuur uitvoering te geven aan de bedoeling van het amendement. Het bij amendement vastgestelde artikellid treedt dan niet in werking. Op deze wijze wordt de puurheid van de ethanol beoordeeld op het moment van aankoop, en niet van levering. Dat wil zeggen dat brandstofleveranciers vanaf 1 januari 2026 bij het inboeken van bioethanol in de brandstoftransitieverplichting moeten aantonen dat zij pure bioethanol hebben aangekocht.

Ophoging Brandstoftransitieverplichting landsector vanaf 2028

Het kabinet heeft er bij de Augustusbesluitvorming (Kamerstuk 33 043, nr. 119) voor gekozen om de negatieve effecten op CO2-uitstoot van de accijnskorting structureel te compenseren door verhoging van de brandstoftransitieverplichting. Daarnaast levert de pseudo-eindheffing voor fossiele brandstofauto’s uit het voorjaar een hogere CO2-reductie op dan eerder ingeschat. Ook deze reductie wordt geborgd door verhoging van de brandstoftransitieverplichting. Naar verwachting zullen brandstofleveranciers ervoor kiezen om die verhoging in te vullen door extra inzet van biobrandstoffen. In bijlage 1 zijn de gewijzigde verplichtingen opgenomen.

De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, A.A. Aartsen

Naar boven