Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 23 februari 2017
Graag bied ik u hierbij mijn reactie aan op de motie van de heer Van Bommel waarin
het kabinet werd gevraagd om, bij voorkeur in internationaal verband, meer druk uit te oefenen op Egypte opdat een onafhankelijk onderzoek
naar gedwongen verdwijningen en martelingen in Egyptische gevangenissen alsnog mogelijk
wordt (Kamerstuk 21 501-20, nr. 1184).
Tijdens de bijeenkomst van de Raad Buitenlandse Zaken op maandag 6 februari jl. (Kamerstuk
21 501-02, nr. 1720) heb ik mijn ernstige zorgen uitgesproken over de ontwikkeling van de mensenrechtensituatie
in Egypte. Het kabinet ziet een aantal zorgelijke ontwikkelingen. Zo staat de ruimte
voor het maatschappelijke middenveld in toenemende mate onder druk. De door het Egyptische
parlement voorgestelde ontwerp-NGO wet, waarover uw Kamer onlangs in beantwoording
op vragen van het lid Van Veldhoven werd geïnformeerd (Aanhangsel Handelingen II 2016/17,
nr. 971), is een voorbeeld hiervan. Ook leiden berichten over gedwongen verdwijningen en
martelingen in gevangenissen tot ernstige zorgen.
De Egyptische context maakt het moeilijk om precieze aantallen van gedwongen verdwijningen
onafhankelijk vast te stellen. De gerapporteerde aantallen lopen uiteen. De semi-gouvernementele
National Council for Human Rights (NCHR) is de enige instantie die toegang heeft tot gevangenissen in Egypte en rapporteerde
op 6 april 2016 331 gedwongen verdwijningen in de periode 1 januari 2015 tot 31 maart
2016. Om gevangenissen te bezoeken moet de NCHR toestemming vragen aan het Ministerie
van Binnenlandse Zaken. Bovendien heeft de NCHR geen toegang tot politiedetentiecentra
(waar personen, in sommige gevallen voor lange periodes, in voorarrest zitten) en
militaire detentiecentra. De NCHR heeft een wetswijziging aan president Sisi voorgesteld
zodat zij ook gevangenissen mag bezoeken zonder vooraf toestemming te vragen en tevens
toegang krijgt tot politiedetentiecentra. Aan dit voorstel is tot op heden geen opvolging
gegeven.
Nederland heeft alleen toegang tot Egyptische gevangenissen wanneer dat noodzakelijk
is om consulaire bijstand te verlenen aan gedetineerden met de Nederlandse nationaliteit.
In het eerste jaarverslag over gedwongen verdwijningen documenteerde de onafhankelijke
NGO Egyptian Commission for Rights and Freedoms 789 gedwongen verdwijningen tussen
1 augustus 2015 en 15 augustus 2016. In een rapport van juli 2016 documenteerde Amnesty
International honderden verdwijningen sinds het aantreden van de huidige Minister
van Binnenlandse Zaken in maart 2015. Tevens maakte Amnesty International in datzelfde
rapport melding van het feit dat gedwongen verdwijningen vaak gepaard gaan met verbale,
fysieke en seksuele marteling. De bevindingen van Amnesty International zijn onder
andere gebaseerd op inschattingen en gedocumenteerde gevallen van verschillende Egyptische
lokale NGO’s. Het kabinet ziet de in het Amnesty International rapport beschreven
praktijken als strijdig met de Egyptische Grondwet en met internationale verdragen
die Egypte heeft ondertekend. Nederland ondersteunt een NGO die gevallen van verdwijningen
documenteert.
De Egyptische politie heeft de NGO al-Nadeem Centre for Rehabilitation of Victims of Violence, die marteling en mishandeling in gevangenissen en detentiecentra documenteert en
slachtoffers hiervan behandelt, onlangs gesloten. Het kabinet heeft direct zijn zorgen
hierover overgebracht aan de Egyptische autoriteiten, gewezen op het belangrijke werk
dat deze organisatie doet en opgeroepen om deze NGO snel weer te openen.
Het kabinet en de EU hebben in bilaterale contacten met Egypte en in multilaterale
fora, zoals de Mensenrechtenraad en de Derde Commissie van de Verenigde Naties, herhaaldelijk
hun zorgen over bovengenoemde praktijken uitgesproken. De mensenrechtensituatie in
Egypte wordt door de EU doorlopend aan de orde gesteld in contacten met de Egyptische
autoriteiten. Dit gebeurde onder meer tijdens bezoeken aan Caïro van een delegatie
van ambassadeurs van EU-lidstaten bij de Europese Unie (november 2016), Commissaris
Hahn (oktober 2016), EU Hoge Vertegenwoordiger Mogherini (november 2015), de voorzitter
van de Europese Raad Tusk (september 2015) en de EU Speciaal Gezant voor Mensenrechten
Stavros Lambrinidis (oktober 2014). Zorgen over mensenrechtenschendingen zijn ook
uitgesproken tijdens het EU – Egypte Subcomité Mensenrechten en Democratie (november
2015), in persverklaringen van Mogherini en haar woordvoerder en in overige zittingen
van de Mensenrechtenraad en de Derde Commissie van de VN.
Met actieve steun van Nederland heeft de EU tijdens zittingen van de Mensenrechtenraad
in 2015 en 2016 onder andere zorgen uitgesproken over gedwongen verdwijningen en martelingen
in Egyptische gevangenissen. Het kabinet zal de mensenrechtensituatie in Egypte, waaronder
marteling en gedwongen verdwijningen, zowel bilateraal als in EU-verband en via multilaterale
fora blijven aankaarten en de noodzaak van verbeteringen blijven onderstrepen. Tijdens
de Raad Buitenlandse Zaken van 6 februari jl. heb ik erop aangedrongen dat EU Speciaal
Gezant voor Mensenrechten Stavros Lambrinidis spoedig een vervolgbezoek brengt aan
Egypte (dit bezoek vindt plaats van 20 t/m 24 februari), waar hij tevens de Egyptische
autoriteiten moet oproepen om een onafhankelijk onderzoek naar marteling en gedwongen
verdwijningen toe te staan. Tijdens de lunchbijeenkomst met de Egyptische Minister
Shoukry tijdens de Raad Buitenlandse Zaken van maart 2017 zal ook de mensenrechtensituatie nadrukkelijk aan de orde worden gesteld.
De Minister van Buitenlandse Zaken, A.G. Koenders