32 637 Bedrijfslevenbeleid

29 861 Arbeidsmigratie en sociale zekerheid

Nr. 247 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN VEILIGHEID EN JUSTITIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 6 juli 2016

Uw Kamer heeft via de motie van het lid Van Veen1 de regering verzocht te onderzoeken of de leges voor erkenning tot referent verlaagd kunnen worden zonder afbreuk te doen aan het kostendekkende karakter van deze leges, met de intentie om met name startende bedrijven en het midden- en kleinbedrijf te ontzien. Het kabinet heeft in de reactie op het SER-advies arbeidsmigratie2 toegezegd dit te doen. Met deze brief informeer ik u over de uitkomsten hiervan.

Vanuit het bedrijfsleven heeft het kabinet signalen ontvangen dat de hoogte van de leges om erkend referent te kunnen worden een financiële drempel vormt voor kleinere bedrijven en start-ups. Omdat de status als erkend referent voor bedrijven noodzakelijk is om gebruik te kunnen maken van de kennismigranten-regeling, heeft dit tot gevolg dat bedrijven die zich niet laten erkennen geen of minder kennismigranten aantrekken. Het kabinet vindt dit een ongewenste ontwikkeling, mede vanuit de wetenschap dat het effect van kennismigranten op de overheidsfinanciën positief is. Het is juist de ambitie van dit kabinet om van Nederland een aantrekkelijke bestemming voor kennis en talent te maken en daarom de toegang van kennismigranten tot Nederland te stimuleren. Dit helpt bij het concurrerend houden van de Nederlandse kenniseconomie.

Op dit moment zijn de leges om erkend referent te worden € 5.183. Een bedrijf hoeft zich in principe eenmaal te laten erkennen, om daarna via de verkorte procedure kennismigranten naar Nederland te kunnen laten komen.

Het kabinet is voornemens om met ingang van 1 januari 2017 een gedifferentieerd legestarief te introduceren. Dit zal inhouden dat kleine bedrijven en start-ups in aanmerking komen voor een lager legestarief van € 2.592 indien zij zelf een beroep op dit lagere tarief doen en daarbij kunnen aantonen dat zij 50 of minder medewerkers in dienst hebben. Dit is de helft van het reguliere legestarief. Ook bedrijven die reeds erkend referent zijn en van rechtsvorm wijzigen 3 en alleen daarom opnieuw een aanvraag om erkenning als referent moeten indienen gaan dit lagere tarief betalen.

Deze maatregel leidt in eerste instantie tot minder legesopbrengsten voor de IND. Om deze legesderving op te vangen, worden de leges voor het aanvragen van een verblijfsvergunning voor een kennismigrant licht verhoogd: het huidige tarief van € 881 wordt verhoogd naar € 910. Hiermee wordt het aantrekken van een individuele kennismigrant iets duurder voor alle erkend referenten. Daardoor wordt het echter mogelijk de aanvankelijke drempel voor kleine bedrijven om kennismigranten aan te kunnen trekken, namelijk de leges voor erkenning tot referent, stevig te verlagen.

Met deze maatregel wil het kabinet start-ups en kleine bedrijven een stimulans geven om internationaal talent naar Nederland te halen. Om te kunnen groeien is het voor hen essentieel dat zij goed personeel in dienst kunnen nemen, eventueel ook uit het buitenland. Dit voorstel stelt hen beter in staat om kennismigranten in dienst te nemen. Het voorstel past daarmee goed in het kabinetsbeleid om ondernemerschap te stimuleren.

Met de maatregel wil het kabinet bevorderen dat meer kennismigranten naar Nederland komen. Deze ontwikkeling zal daarmee naar verwachting een positief effect hebben op de overheidsfinanciën in de vorm van meer belastingopbrengsten en bovendien bijdragen aan ontwikkeling van de Nederlandse (kennis)economie.

De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, K.H.D.M. Dijkhoff


X Noot
1

Kamerstuk 32 637, nr. 172

X Noot
2

Kabinetsreactie op SER-advies Arbeidsmigratie d.d. 16-6-2015 (Kamerstuk 29 861, nr. 38)

X Noot
3

Zoals geformuleerd in art 1.13. lid 2. onderdelen a-d Voorschrift Vreemdelingen 2000.

Naar boven