32 500 XIII Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie (XIII) voor het jaar 2011

Nr. 139 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKEN, LANDBOUW EN INNOVATIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 23 november 2010

Hierbij stuur ik u de antwoorden op de nadere vragen die gesteld zijn tijdens het wetgevingsoverleg Visserij van de vaste commissie voor Economisch Zaken, Landbouw en Innovatie op 8 november 2010 (kamerstuk 32 500 XIII, nr. 67) over het E-logboek.

Vraag: Wat is de stand van zaken met betrekking to EU verplichtingen van E-logboek?

Antwoord:

In Nederland is de implementatie van het e-logboek lopende. Er zijn thans 16 vissersvaartuigen in de ERS productieomgeving waarvan er inmiddels 5 vaartuigen zijn die volledig gebruik maken van het e-logboek en vrijgesteld zijn van het papieren logboek.

Vraag: Hoeveel overheidsgeld is tot nu toe aan dit project uitgegeven, en waar is dat geld terecht gekomen?

Antwoord:

Door de AID/nVWA is circa 685 000 euro besteed (stand per 1 oktober jl.) aan de ontwikkeling van dit systeem.

Voor het ontwikkelen van een tussenstation (Vishub), die de verzending en ontvangst van gegevens uit het elektronisch logboek via het Overheidsportaal (OTP) mogelijk maakt is 450 000 euro uitgegeven aan stichting ICTU.

Daarnaast is er begin januari 2010 een subsidieregeling opengesteld voor de vissers voor de aanschaf van een elektronisch logboek. Het totale beschikbare bedrag voor deze regeling is 1 800 000 euro.

Vraag: Is het centrale digitale informatieknooppunt Vishub al in gebruik?

Antwoord:

Ja, de Vishub is operationeel sinds 1 januari 2010.

Vraag: Hoeveel schepen hebben zich inmiddels aangemeld voor Vishub, en is dat voldoende om exploitatie van Vishub rond te krijgen?

Antwoord:

Er hebben zich 184 vaartuigen (stand per 1 oktober jl.) aangesloten bij de Vishub. Het beheer van de Vishub is overgedragen aan het Productschap Vis, die daarmee ook verantwoordelijk is geworden voor de exploitatie ervan.

Vraag: Wat zijn de ervaringen van de AID met het E-logboek, en klopt de informatie dat de AID haar zaken nog (steeds) niet op orde heeft?

Antwoord:

Het implementatietraject heeft een aantal technische problemen gekend. Dit geldt ook voor EU-brede implementatie van ERS. Het ERS is thans operationeel, maar kent nog problemen in de berichtafhandeling. Dit neemt niet weg dat aan de basiseisen wordt voldaan. De nog bestaande technische onvolkomenheden zullen op korte termijn worden opgelost.

Daarnaast is het noodzakelijk dat de schippers zich de software van het E-pakket en de systematiek van de E-berichtgeving eigen maken. Ten behoeve daarvan wordt nu vanuit de AID/nVWA op vaartuigniveau begeleiding gegeven om stap voor stap over te schakelen op E-berichtgeving. Immers een juiste vangstregistratie ten behoeve van het beheer van vangstquota moet gebaseerd zijn op deze E-berichten.

Vraag: Is het waar dat een groot deel van de Nederlandse vissersvloot gebruik maakt of gaat maken van E-catch? Wat is het oordeel van de regering daarover, mede in het licht van de reeds gedane investeringen in Vishub?

Antwoord:

In Nederland is ervoor gekozen om de schipper/reder vrij te laten om te kiezen voor een E-logboekfaciliteit vanuit de markt. We zien op dit moment in Nederland dat de sector uiteindelijk voor 2 leveranciers heeft gekozen, Olrac en E-catch. Daarnaast is er een derde partij (Chartworx) in de laatste fase van ontwikkeling van een E-logboek pakket.

Op dit moment heeft ongeveer de helft van alle deelnemende vaartuigen ervoor gekozen gebruik te maken van het Olrac-pakket en heeft de andere helft ervoor gekozen gebruik te maken van het E-catch pakket.

Met het faciliteren van de Vishub optie aan de sector is deze in staat gesteld gebruik te maken van één postbus voor alle naar overheidspartijen toe te sturen elektronische informatie.

De staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie,

H. Bleker

Naar boven