Kamerstuk
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2009-2010 | 32341 nr. 3 |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2009-2010 | 32341 nr. 3 |
Vastgesteld 6 mei 2010
De commissie voor de Rijksuitgaven1, en de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties2, hebben over het rapport «Stand van zaken integriteitszorg Rijk 2009» van de Algemene Rekenkamer (Kamerstuk 32 341, nrs. 1–2) de navolgende vragen ter beantwoording aan de Algemene Rekenkamer voorgelegd.
Deze vragen, alsmede de daarop bij brief van 4 mei 2010 gegeven antwoorden, zijn hieronder afgedrukt.
De voorzitter van de commissie voor de Rijksuitgaven,
Aptroot
De voorzitter van de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
Leerdam
De griffier van de commissie voor de Rijksuitgaven,
Groen
1
Hoe is de Algemene Rekenkamer betrokken bij de integriteitszorg bij ZBO's?
De Algemene Rekenkamer heeft uit hoofde van de Comptabiliteitstwet 2001 controlebevoegdheden bii rechtspersonen met een wettelijke taak (rwt’s). Veel rwt’s zijn zelfstandige bestuursorganen, maar het kan ook gaan om andere rechtspersonen met wettelijke taken, bijvoorbeeld universiteiten.
In ons onderzoek Stand van zaken integriteitszorg Rijk 2009 maakten rwt’s geen deel uit van ons onderzoeksobject. De integriteitszorg bij deze categorie organisaties heeft wel in andere onderzoeken onze aandacht gekregen. In het kader van ons onderzoek Zorg voor integriteit; Een nulmeting naar integriteitszorg in 2004 Tweede Kamer, vergaderjaar 2004–2005, 30 087, nrs. 1–2. hebben wij het stelsel van integriteitszorg onderzocht bij tien rwt’s. Hieraan hebben wij een vervolg gegeven met ons onderzoek Verantwoording en toezicht bij rechtspersonen met een wettelijke taak, deel 5, dat in 2006 is gepubliceerd.4 In 2009 hebben we een terugblik op dit onderzoek gepubliceerd, waarin wij de stand van zaken in 2008 hebben vergeleken met onze aanbevelingen uit 2006.5 In onze strategie voor de periode 2010–2015 is integriteit een structureel aandachtspunt, ook bij onze onderzoeken naar rwt’s.
2
Zijn er gegevens bekend over belevingsonderzoeken ten aanzien van integriteit in andere sectoren of landen? Hoe zijn de uitkomsten van dit onderzoek daarmee te vergelijken?
Het belevingsonderzoek in het kader van ons onderzoek Stand van zaken integriteitszorg Rijk 2009 hebben wij uitgevoerd bij de dertien ministeries en de zes agentschappen en diensten die in ons onderzoek waren betrokken. Voor dit onderdeel van het onderzoek hebben we gebruikgemaakt van het instrument Internetspiegel6, dat wordt beheerd door de ICT-organisatie ICTU. Dit instrument hebben we op een aantal punten uitgebreid.
In deze vorm is het belevingsonderzoek voor zover ons bekend elders nog niet uitgevoerd, zodat een vergelijking met de uitkomsten van andere onderzoeken niet mogelijk is.
In Nederland is in het verleden wel door anderen onderzoek verricht naar de beleving van integriteit. Zo heeft het ministerie van BZK enkele jaren geleden onderzoek laten verrichten naar de integriteitsbeleving van het overheidspersoneel.7 Dit onderzoek biedt in beperkte mate inzicht in verschillen per sector van de overheid.
Ook in het buitenland vindt onderzoek plaats naar de beleving van integriteit of daaraan verwante onderwerpen, zoals de perceptie van corruptie. Door verschillen in onderzoeksaanpak en -vraagstelling is een vergelijking met de uitkomsten van ons onderzoek echter ook hier niet op verantwoorde wijze mogelijk.
3
Zijn de door het ministerie van Defensie aangekondigde acties voldoende om te komen tot een evenwichtig en compleet integriteitbeleid?
Uit ons onderzoek Stand van Zaken Integriteitszorg Rijk 2009 komt naar voren dat het ministerie van Defensie niet heeft voorzien in vijf aspecten die onderdeel behoren te zijn van een stelsel van integriteitszorg. Het betreft de aspecten risicoanalyse, interne controle, integriteitsaudit, inbreukenregistratie en bestraffingenregistratie. Daarnaast heeft het ministerie van Defensie slechts ten dele voorzien in een integriteitsbeleid voor de eigen organisatie, terwijl dit onderdeel in 2004 nog geheel was ingevuld.
De acties die de minister van Defensie op basis van ons onderzoek heeft aangekondigd richten zich op de aspecten risicoanalyse, audit en registraties. Zodra het ministerie van Defensie daarnaast óók voldoende aandacht besteedt aan de aspecten integriteitsbeleid en interne controle, wordt in opzet voldaan aan een evenwichtig en compleet integriteitszorgsysteem.
4
Zijn er goede manieren om de voordelen van decentrale en centrale integriteitzorg met elkaar te combineren?
In een evenwichtig stelsel van integriteitszorg dient er een balans te zijn tussen de centraal vastgestelde kaders en de decentrale verfijning op basis van specifieke kwetsbaarheden. Ook moeten er verantwoordings- en toezichtinstrumenten worden toegepast, zodat er op centraal niveau binnen het ministerie redelijke zekerheid bestaat dat aan minimumvoorwaarden van integriteitszorg wordt voldaan. Verder moet de centrale leiding van de organisatie beschikken over een overzicht van eventuele incidenten op het terrein van integriteit. Bij enkele ministeries was de decentralisatie van de registratie van integriteitsinbreuken zo ver doorgevoerd, dat er geen overzicht meer bestond op centraal niveau (zie p. 13 van ons rapport Stand van zaken integriteitszorg Rijk 2009). Wij vinden dit niet alleen ongewenst omdat dit de volledigheid van de registratie aantast, maar ook omdat in een dergelijke situatie de departementsleiding niet goed in staat is verantwoordelijkheid te dragen voor de integriteit van de organisatie.
Samenstelling:
Leden: Vlies, B.J. van der (SGP), Blok, S.A. (VVD), Hoopen, J. ten (CDA), Weekers, F.H.H. (VVD), Haersma Buma, S. van (CDA), Nerée tot Babberich, F.J.F.M. de (CDA), Aptroot, Ch.B. (VVD), Voorzitter, Dezentjé Hamming-Bluemink, I. (VVD), Omtzigt, P.H. (CDA), Koşer Kaya, F. (D66), Luijben, A.P.M. (SP), Veen, E. Van der (PvdA), Kalma, P. (PvdA), Gerven, H.P.J. Van (SP), Blanksma-van den Heuvel, P.J.M.G. (CDA), Cramer, E.A. (CU), Dijck, A.P.C. van (PVV), Gesthuizen, S.M.J.G. (SP), Ouwehand, E. (PvdD), Heijnen, P.M.M. (PvdA), Tang, P.J.G. (PvdA), Vos, M.L. (PvdA), Ondervoorzitter, Bashir, F (SP), Sap, J.C.M. (GL) en Vacature, CDA.
Plv. leden: Staaij, C.G. van der (SGP), Burg, B.I. van der (VVD), Jonker, C.W.A. (CDA), Snijder-Hazelhoff, J.F. (VVD), Vries, J.M. de (CDA), Hijum, Y.J. Van (CDA), Beek, W.I.I. van (VVD), Krom, P. de (VVD), Pater-van der Meer, M.L. de (CDA), Ham, B. van der (D66), Gerkens, A.M.V. (SP), Vermeij, R. (PvdA), Laaper-ter Steege, S.Th.M. (PvdA), Kant, A.C. (SP), Vacature, CDA (), Anker, E.W. (CU), Roon, R. de (PVV), Irrgang, E. (SP), Thieme, M.L. (PvdD), Linhard, P. (PvdA), Besselink, M. (PvdA), Depla, G.C.F.M. (PvdA), Roemer, E.G.M. (SP), Vendrik, C.C.M. (GL) en Mastwijk, J.J. (CDA).
Samenstelling:
Leden: Beek, W.I.I. van (VVD), Halsema, F. (GL), Staaij, C.G. van der (SGP), Pater-van der Meer, M.L. de (CDA), Bochove, B.J. Van (CDA), Gerkens, A.M.V. (SP), Sterk, W.R.C. (CDA), Leerdam, J.A.W.J. (PvdA), Voorzitter, Krom, P. de (VVD), Ondervoorzitter, Griffith, L.J. (VVD), Boelhouwer, A.J.W. (PvdA), Algra, R.H. (CDA), Irrgang, E. (SP), Kalma, P. (PvdA), Schinkelshoek, J. (CDA), Burg, B.I. van der (VVD), Brinkman, H. (PVV), Pechtold, A. (D66), Raak, A.A.G.M. van (SP), Thieme, M.L. (PvdD), Leijten, R.M. (SP), Heijnen, P.M.M. (PvdA), Bilder, E.J. (CDA), Anker, E.W. (CU) en Laaper-ter Steege, S.Th.M. (PvdA).
Plv. leden: Teeven, F. (VVD), Azough, N. (GL), Vlies, B.J. van der (SGP), Joldersma, F. (CDA), Smilde, M.C.A. (CDA), Polderman, H.J. (SP), Spies, J.W.E. (CDA), Wolbert, A.G. (PvdA), Aptroot, Ch.B. (VVD), Zijlstra, H. (VVD), Vermeij, R. (PvdA), Knops, R.W. (CDA), Gerven, H.P.J. Van (SP), Heerts, A.J.M. (PvdA), Çörüz, C. (CDA), Remkes, J.W. (VVD), Roon, R. de (PVV), Ham, B. van der (D66), Bommel, H. van (SP), Ouwehand, E. (PvdD), Wit, J.M.A.M. de (SP), Kraneveldt-van der Veen, M. (PvdA), Haersma Buma, S. van (CDA), Cramer, E.A. (CU) en Timmer, A.J. (PvdA).
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-32341-3.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.