Kamerstuk
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 2025-2026 | 31985 nr. H |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 2025-2026 | 31985 nr. H |
Vastgesteld 28 mei 2026
De vaste commissie voor Buitenlandse Zaken, Defensie en Ontwikkelingssamenwerking1 heeft nader schriftelijk overleg gevoerd met de Minister van Buitenlandse Zaken en de Minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking over Europees voorstel opschorting van handelsconcessies met Israël. Bijgaand brengt de commissie hiervan verslag uit. Dit verslag bestaat uit:
• De uitgaande brief van 4 maart 2026.
• Een uitstelbericht van 7 april 2026.
• De antwoordbrief van 22 mei 2026.
De griffier van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken, Defensie en Ontwikkelingssamenwerking, Van Luijk
Aan de Minister van Buitenlandse Zaken
Den Haag, 4 maart 2026
De leden van de commissie voor Buitenlandse Zaken, Defensie en Ontwikkelingssamenwerking (BDO) hebben met belangstelling kennisgenomen van de brief2 van 26 januari 2026 van de Minister van Buitenlandse Zaken en de Staatssecretaris van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp in beantwoording op de brief met vragen van de commissie van 12 november 2025 over het voorstel3 aangaande opschorting van handelsconcessies met Israël, dat op 17 september 2025 door de Europese Commissie is gepubliceerd. De leden van de fractie van SP, en de leden van de Fractie-Beukering en SGP gezamenlijk, hebben naar aanleiding hiervan enkele nadere vragen en opmerkingen. De leden van de BBB-fractie sluiten zich graag aan bij de vragen van de leden van de Fractie-Beukering en de fractie SGP.
Vragen en opmerkingen van de leden van de SP-fractie
De leden van de SP-fractie hebben kennisgenomen van de eerdere beantwoording inzake het Europees voorstel tot opschorting van handelsconcessies met Israël. Sindsdien hebben zich verdere ontwikkelingen voorgedaan in Gaza en op de Westelijke Jordaanoever, waaronder een aanhoudend ernstige humanitaire situatie en recente besluiten van de Israëlische regering die internationaal brede zorgen oproepen. Deze leden achten het daarom van belang om nadere vragen te stellen over de huidige Nederlandse inzet in Europees verband, in het bijzonder ten aanzien van economische drukmiddelen, de beoordeling van het staakt-het-vuren en de naleving van internationaal recht.
Europese maatregelen en sancties
1. Vindt u het, gelet op de huidige ontwikkelingen in Gaza en op de bezette Westelijke Jordaanoever,4, 5 nog steeds passend om terughoudend te blijven met het bepleiten van sancties of andere economische maatregelen in Europees verband en verdere diplomatieke inspanningen rond het vredesplan af te wachten en in hoeverre bent u het met de leden van de SP-fractie eens dat deze ontwikkelingen eens te meer vragen om een pro-actievere houding van de Nederlandse regering?
2. Is de regering bereid nu actief te pleiten voor EU-maatregelen tegen Israël, zoals het opschorten van handelsconcessies, en zo nee waarom niet? En wanneer en onder welke omstandigheden zou de regering hier dan wel toe bereid zijn?
3. Kunt u concreet aangeven in hoeverre er enige positieve veranderingen in het optreden of beleid van Israël de afgelopen periode zijn bereikt door de Nederlandse en Europese inzet van diplomatieke druk tot nog toe, dat wil zeggen: druk zonder het drukmiddel van aanvullende economische sancties?
4. Deelt u de analyse van de leden van de SP-fractie dat het herhaaldelijk benadrukken dat maatregelen «niet van tafel zijn», zonder dat deze daadwerkelijk worden ingezet, het risico kan vergroten dat diplomatieke druk aan geloofwaardigheid verliest, vooral als de Israëlische regering zelf het internationaal recht en de rechten van Palestijnen grootschalig blijft schenden?
5. Welke aanvullende opties overweegt de regering indien op korte termijn geen consensus ontstaat binnen de EU over het opschorten van handelsconcessies?
6. Bent u bereid binnen de EU te verkennen of individuele lidstaten aanvullende nationale maatregelen kunnen nemen, samen met Nederland, indien Europese consensus uitblijft?
7. De regeringscoalitie stelt in het coalitieakkoord dat Nederland de verantwoordelijkheid heeft om het internationaal recht actief te bevorderen en straffeloosheid tegen te gaan, waaronder in Gaza.6 Welk gevolg geeft de regering aan deze lijn gegeven dat mensenrechtenverplichtingen structureel worden geschonden door Israël? Welke maatregelen is de regering bereid te nemen de straffeloosheid van Israël concreet tegen te gaan en het internationaal recht in Gaza en op de bezette Westelijke Jordaanoever actief te bevorderen, en welke rol kunnen economische sancties hierin spelen?
Verslechterde humanitaire situatie
8. Hoe beoordeelt u thans de toegang tot voedsel, water, medische voorzieningen en humanitaire hulp in Gaza, mede in het licht van recente beperkingen voor hulporganisaties, met als gevolg dat tientallen organisaties hun werk niet meer mogen doen?7, 8
9. Bent u het met de leden van de SP-fractie eens dat het voortduren van ernstige humanitaire belemmeringen aanleiding kan zijn om de Nederlandse inzet in Europees verband te herzien, inclusief de positie ten aanzien van handelsmaatregelen? Zo nee, waarom niet?
10. Indien hulporganisaties daadwerkelijk gedwongen worden uit Gaza te vertrekken, ziet u dat als een extra reden voor het nemen van aanvullende Europese maatregelen? Zo nee, waarom niet?
11. In antwoorden op recente vragen uit de Tweede Kamer stelde het toenmalige kabinet dat per keer wordt afgewogen of Nederland zich bij gezamenlijke internationale initiatieven aansluit, zoals de gezamenlijke verklaring van meerdere Ministers van Buitenlandse Zaken die het besluit van Israël om verschillende ngo’s te weren, onaanvaardbaar hebben genoemd.9 Nederland heeft zich daar niet bij aangesloten. Kunt u aangeven in hoeverre deze lijn van kracht blijft in de toekomst, en welke criteria daar dan bij gehanteerd worden?
Staakt-het-vuren
12. De regering stelde eerder dat het staakt-het-vuren centraal staat in de Nederlandse inzet. Hoe weegt de regering berichten en onderzoek dat er ondanks dit staakt-het-vuren nog steeds Palestijnse burgers in groten getale door Israëlisch geweld gedood worden?10 Bent u het met de leden van de SP-fractie eens dat Israël feitelijk het vuren (en doden van Palestijnen) nog helemaal niet gestaakt heeft?
13. Eerder is door het vorige kabinet aangegeven dat de situatie in Gaza sinds het staakt-het-vuren zou zijn verbeterd.11 Kunt u uiteenzetten in hoeverre naar haar oordeel die verbetering zich doorzet, en op basis van welke indicatoren?
14. Heeft het regelmatige schenden van het staakt-het-vuren door Israël gevolgen voor Nederlandse positie ten aanzien van Europese handelssancties?
Annexatie Westelijke Jordaanoever
15. Hoe beoordeelt u recente Israëlische besluiten die neerkomen op verdere feitelijke annexatie van de bezette Westelijke Jordaanoever,12 dit mede in het licht van de veroordeling van deze Israëlische stappen door een grote groep VN-lidstaten?13
16. Acht u deze ontwikkelingen aanleiding om in EU-verband aanvullende maatregelen te bespreken, waaronder het opschorten van handelsconcessies of andere restrictieve maatregelen?
17. Deelt u de analyse van de leden van de SP-fractie dat het uitblijven van concrete consequenties het risico met zich meebrengt dat verdere stappen richting annexatie worden genormaliseerd? Zij verzoeken u daarbij om een toelichting.
Vragen en opmerkingen van de leden van de Fractie-Beukering en de SGP-fractie
De leden van de Fractie-Beukering en de SGP-fractie hebben kennisgenomen van de beantwoording en hebben nog enkele nadere vragen. Allereerst zijn zij geïnteresseerd in het standpunt van het huidige kabinet met betrekking tot het Europese voorstel aangaande opschorting van handelsconcessies met Israël.
Verder constateren deze leden dat de situatie in de regio sterk is veranderd en nog zal blijven veranderen. Dit mede vanwege de nog steeds agressieve, militante opstelling vanuit Hamas, ook ten opzichte van de Palestijnse bevolking, evenals de zorgelijke ontwikkelingen in Iran en de nog voortgaande bewapening van Hezbollah.
– Blijkt hieruit niet dat Israël de stabiele factor is die juist rust in de regio kan bevorderen? Kunt u hierop reflecteren?
In dat licht merken deze leden op dat moet worden gevreesd dat Israël nog geraakt zal worden door de destabiliserende werking van de terroristische groeperingen en de agressieve houding vanuit Iran.
– Kunt u in dat licht de proportionaliteit van het voorstel toelichten? Acht u het voorstel in het huidige tijdsgewricht nog steeds proportioneel?
– Hoe kijkt u overigens aan tegen de huidige situatie in de regio?
De maatregel voor het opschorten van de handelsconcessies is mede bedoeld om Israël ertoe te zetten om constructief mee te werken aan rust en vrede in de regio.
– Op welke wijze draagt het voorstel daar nu nog aan bij? Hoe is het voorstel daarin constructief?
– Welke constructieve bijdrage wil de regering leveren aan de stabilisatie in de regio? En acht u het daarbij van belang dat Israël wordt ondersteund in de pogingen om destabiliserende factoren weg te nemen?
De leden van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken, Defensie en Ontwikkelingssamenwerking (BDO) zien uw reactie met belangstelling tegemoet en ontvangen deze graag binnen vier weken na dagtekening van deze brief.
Voorzitter van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken, Defensie en Ontwikkelingssamenwerking, K. Petersen
Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 7 april 2026
Op 26 januari 2026 informeerde het kabinet de Eerste Kamer over het voorstel aangaande opschorting van handelsconcessies met Israël, in beantwoording op de brief met vragen van de commissie van 12 november 2025. Naar aanleiding van deze brief hebben leden van de fracties van SP, Fractie-Beukering en SGP (mede namens BBB) van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken Defensie en Ontwikkelingssamenwerking nadere vragen gesteld (180079).
Hierbij deel ik u mede dat de vragen niet binnen de gebruikelijke termijn kunnen worden beantwoord. Het kabinet zal de Kamer zo spoedig mogelijk de antwoorden op de vragen doen toekomen.
De Minister van Buitenlandse Zaken, T.B.W. Berendsen
Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 22 mei 2026
Hierbij bied ik u de antwoorden aan op de schriftelijke vragen gesteld door de leden van de fracties van SP, Fractie-Beukering en SGP (mede namens BBB) van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken Defensie en Ontwikkelingssamenwerking over het Europees voorstel opschorting van handelsconcessies Israël. Deze vragen werden ingezonden op 16 maart 2026 met kenmerk 180079.
De Minister van Buitenlandse Zaken, T.B.W. Berendsen
De Minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, S.W. Sjoerdsma
Vragen en opmerkingen van de leden van de SP-fractie
Vraag 1
Vindt u het, gelet op de huidige ontwikkelingen in Gaza en op de bezette Westelijke Jordaanoever14, 15, nog steeds passend om terughoudend te blijven met het bepleiten van sancties of andere economische maatregelen in Europees verband en verdere diplomatieke inspanningen rond het vredesplan af te wachten en in hoeverre bent u het met de leden van de SP-fractie eens dat deze ontwikkelingen eens te meer vragen om een pro-actievere houding van de Nederlandse regering?
Antwoord
Nederland heeft zich in de zomer en het najaar van 2025, naar aanleiding van de conclusie van EU Hoge Vertegenwoordiger (HV) Kallas en de Europese Dienst voor Extern Optreden (EDEO) dat er aanwijzingen zijn dat Israël in strijd zou handelen met zijn verplichtingen onder artikel 2 van het EU-Israël Associatieakkoord, in EU-verband ingezet voor concrete EU-maatregelen. Het beoogde doel van de Nederlandse inzet voor deze maatregelen was de druk op Israël op te voeren om gedragsverandering teweeg te brengen en hiermee de situatie in Gaza en de Westelijke Jordaanoever te verbeteren. Sinds het staakt-het-vuren en de brede internationale steun voor het vredesplan van president Trump heeft Nederland zich ingezet om dit plan te laten slagen. Daarbij is het pakket aan voorgestelde EU-maatregelen nadrukkelijk op tafel gebleven.
Het kabinet maakt zich ernstige zorgen over de humanitaire situatie in de Gazastrook. Het bezoek van de Minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking aan Rafah heeft deze indruk bevestigd. Het kabinet brengt deze zorgen consequent bij de Israëlische autoriteiten onder de aandacht en wijst hen daarbij op hun verantwoordelijkheden onder het internationaal recht. Daarnaast is de snel verslechterende situatie op de Westelijke Jordaanoever, inclusief Oost-Jeruzalem, zeer zorgelijk. Het kabinet onderstreept dat het nederzettingenbeleid van Israël een halt moet worden toegeroepen, de Westelijke Jordaanoever niet mag worden geannexeerd en dat het toenemende kolonistengeweld onacceptabel is. Daarnaast blijft het kabinet pleiten voor duurzame verlenging van de banking waiver en de vrijgave van belastinginkomsten die de Palestijnse Autoriteit toebehoren.
Nederland verzocht conform de toezegging aan de Tweede Kamer en de motie Van der Werf/Lanschot en indachtig motie Piri om een actualisering van de evaluatie van Israëls naleving van artikel 2 van het Associatieakkoord, om op basis daarvan de discussie in de EU verder te kunnen voeren. In de Raad bleek hiervoor onvoldoende steun. Voor de door een aantal lidstaten voorgestelde gedeeltelijke of volledige opschorting van het Associatieverdrag bestaat eveneens onvoldoende steun in de Raad. De kabinetsinzet ten aanzien van de opvolging van de evaluatie van Artikel 2 van het EU-Israël Associatieakkoord blijft er dan ook op gericht om voldoende steun te vergaren voor EU-maatregelen die druk op Israël opvoeren, waaronder maatregelen op het gebied van handel.
Het kabinet blijft tevens werken aan nationale maatregelen om producten uit de onrechtmatige nederzettingen in de door Israël bezette gebieden te weren van de Nederlandse markt, en voor aanname van aanvullende sancties tegen gewelddadige kolonisten en organisaties op de Westelijke Jordaanoever.
Vraag 2
Is de regering bereid nu actief te pleiten voor EU-maatregelen tegen Israël, zoals het opschorten van handelsconcessies, en zo nee waarom niet? En wanneer en onder welke omstandigheden zou de regering hier dan wel toe bereid zijn?
Antwoord
Het kabinet staat met relevante partners in contact om te bespreken welke inzet, ook in EU-verband, effectief is. Zie verder het antwoord op vraag 1.
Vraag 3
Kunt u concreet aangeven in hoeverre er enige positieve veranderingen in het optreden of beleid van Israël de afgelopen periode zijn bereikt door de Nederlandse en Europese inzet van diplomatieke druk tot nog toe, dat wil zeggen: druk zonder het drukmiddel van aanvullende economische sancties?
Antwoord
De Nederlandse en Europese inzet kenmerkt zich door een combinatie van druk en dialoog. Hoewel de Nederlandse en Europese combinatie van druk en dialoog op bepaalde momenten invloed lijkt te hebben of te hebben gehad, zoals rond het uitstel van de registratieplicht voor internationale ngo’s en beperkte (her)opening van grensovergangen, is het evident dat er onvoldoende stappen zijn gezet om de humanitaire toegang en situatie in Gaza voldoende te verbeteren. Het bezoek van de Minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking aan Rafah heeft deze indruk bevestigd. Het kabinet brengt deze zorgen consequent bij de Israëlische autoriteiten onder de aandacht en wijst hen daarbij op hun verantwoordelijkheden onder het internationaal recht.
De situatie ontwikkelt zich niet ten goede. Zo wordt toegang voor professionele hulporganisaties, zoals de VN, de Rode Kruis- en Rode Halve Maanbeweging en internationale ngo’s, onvoldoende gewaarborgd en blijven de noden in Gaza hoog. Ook verslechtert de situatie op de Westelijke Jordaanoever, door bijvoorbeeld toenemend kolonistengeweld en de uitbreiding van nederzettingen. Dit is een van de redenen waarom het kabinet, zowel bilateraal als in EU verband, blijft inzetten op diplomatieke druk op de Israëlische regering om gedragsverandering te bewerkstelligen. Zoals uiteengezet in het antwoord op vraag 1 blijft het kabinet tevens werken aan nationale maatregelen om producten uit de onrechtmatige nederzettingen in de door Israël bezette gebieden te weren van de Nederlandse markt, en voor aanname van aanvullende sancties tegen gewelddadige kolonisten en organisaties op de Westelijke Jordaanoever.
Vraag 4
Deelt u de analyse van de leden van de SP-fractie dat het herhaaldelijk benadrukken dat maatregelen «niet van tafel zijn», zonder dat deze daadwerkelijk worden ingezet, het risico kan vergroten dat diplomatieke druk aan geloofwaardigheid verliest, vooral als de Israëlische regering zelf het internationaal recht en de rechten van Palestijnen grootschalig blijft schenden?
Antwoord
Het op tafel houden en bespreken van EU-maatregelen geeft een politiek signaal. De Nederlandse inzet is er op gericht het draagvlak voor Europese maatregelen te vergroten. Voor daadwerkelijke aanname ontbreekt vooralsnog het benodigde draagvlak.
Vraag 5
Welke aanvullende opties overweegt de regering indien op korte termijn geen consensus ontstaat binnen de EU over het opschorten van handelsconcessies?
Antwoord
Zie beantwoording vraag 1.
Vraag 6
Bent u bereid binnen de EU te verkennen of individuele lidstaten aanvullende nationale maatregelen kunnen nemen, samen met Nederland, indien Europese consensus uitblijft?
Antwoord
Het kabinet zet zich in EU-verband in om het draagvlak voor EU-maatregelen te vergroten en staat daarvoor in contact met zowel gelijkgezinde lidstaten als lidstaten die aanname van EU-maatregelen nog niet te steunen. EU-maatregelen hebben de voorkeur van het kabinet, omdat de impact daarvan groter is en zij daarmee effectiever zijn dan nationale maatregelen. Zeker waar het gaat om een exclusieve bevoegdheid van de EU. Tegelijkertijd blijft het kabinet, zoals gesteld, werken aan nationale maatregelen om producten uit de onrechtmatige nederzettingen in de door Israël bezette gebieden te weren van de Nederlandse markt. Hiermee verhoogt het kabinet de druk op Israël om gedragsverandering te bewerkstelligen. De Kamer is middels diverse brieven geïnformeerd over de nationale maatregelen die Nederland heeft genomen in de afgelopen jaren.16
Vraag 7
De regeringscoalitie stelt in het coalitieakkoord dat Nederland de verantwoordelijkheid heeft om het internationaal recht actief te bevorderen en straffeloosheid tegen te gaan, waaronder in Gaza.17 Welk gevolg geeft de regering aan deze lijn gegeven dat mensenrechtenverplichtingen structureel worden geschonden door Israël? Welke maatregelen is de regering bereid te nemen de straffeloosheid van Israël concreet tegen te gaan en het internationaal recht in Gaza en op de bezette Westelijke Jordaanoever actief te bevorderen, en welke rol kunnen economische sancties hierin spelen?
Antwoord
Nederland blijft duidelijk uitspreken dat de strijdende partijen zich aan het internationaal recht, waaronder het humanitair oorlogsrecht, moeten houden. Het kabinet veroordeelt schendingen van het internationaal recht, ongeacht wie deze begaat. Nederland zet zich in voor activiteiten die het afleggen van rekenschap in brede zin (en in de toekomst) mogelijk maken, bevorderen en ondersteunen. Zo heeft Nederland de afgelopen jaren in totaal een extra vrijwillige bijdrage aan het Internationaal Strafhof gedaan van 6 miljoen euro voor de versterking van de onderzoekscapaciteit van het Hof. Het kantoor van de VN Hoge Vertegenwoordiger voor Mensenrechten (Office of the High Commissioner for Human Rights, OHCHR) ontvangt in 2026 iets meer dan 2,1 miljoen euro ter ondersteuning van de onderzoekswerkzaamheden van het VN-landenkantoor in de bezette Palestijnse Gebieden. Economische sancties die zich richten op straffeloosheid zijn op dit moment niet aan de orde. Zoals gesteld bereidt het kabinet wel nationale maatregelen voor om producten uit de onrechtmatige nederzettingen in de door Israël bezette gebieden te weren van de Nederlandse markt. Het kabinet heeft daarnaast ook andere nationale maatregelen ingesteld, waaronder het ongewenst verklaren van Minister Ben-Gvir en Smotrich en het registreren van deze Ministers in het Schengen Informatie Systeem (SIS).
Vraag 8
Hoe beoordeelt u thans de toegang tot voedsel, water, medische voorzieningen en humanitaire hulp in Gaza, mede in het licht van recente beperkingen voor hulporganisaties, met als gevolg dat tientallen organisaties hun werk niet meer mogen doen?18, 19
Antwoord
De humanitaire situatie blijft onverminderd zorgelijk door vernietigde infrastructuur en regelmatige beschietingen, met grote tekorten aan onder andere medische zorg, voedsel, onderdak en water. Als gevolg daarvan hebben mensen op grote schaal hulp nodig. Door aanhoudende belemmeringen voor hulporganisaties, en een algeheel gebrek aan veilige, ongehinderde toegang, komt er structureel te weinig hulp de Gazastrook binnen. Het Bureau van de Verenigde Naties voor de Coördinatie van Humanitaire Aangelegenheden (OCHA) meldde op 24 april jl. dat de leefomstandigheden in de Gazastrook zeer slecht blijven. Dit komt door de reeds genoemde belemmeringen die professionele hulporganisaties, waaronder de VN, de Rode Kruis- en Halve Maanbeweging, en internationale ngo’s, ondervinden. Ook de Israëlische herregistratieplicht voor internationale ngo’s bemoeilijkt het werk van hulporganisaties aanzienlijk. Het bezoek van de Minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking aan Rafah heeft deze indruk bevestigd. Het kabinet brengt deze zorgen consequent bij de Israëlische autoriteiten onder de aandacht en wijst hen daarbij op hun verantwoordelijkheden onder het internationaal recht.
Nederland blijft onderstrepen dat veilige, ongehinderde en onvoorwaardelijke humanitaire toegang cruciaal is. Nederland dringt er in dit kader ook op aan dat Israël de herregistratieplicht niet in de huidige vorm implementeert. Het kabinet zal zich hiervoor blijven inspannen. Zo heeft Minister-President Jetten in zijn gesprek met de Israëlische president op 1 april jl. benadrukt dat de humanitaire situatie in Gaza moet verbeteren en dat Israël alle grensovergangen moet openstellen voor humanitaire hulp. De Minister van Buitenlandse Zaken heeft dit nogmaals benadrukt in het gesprek met de Israëlische Minister van Buitenlandse Zaken op 15 april jl.
Vraag 9
Bent u het met de leden van de SP-fractie eens dat het voortduren van ernstige humanitaire belemmeringen aanleiding kan zijn om de Nederlandse inzet in Europees verband te herzien, inclusief de positie ten aanzien van handelsmaatregelen? Zo nee, waarom niet?
Vraag 10
Indien hulporganisaties daadwerkelijk gedwongen worden uit Gaza te vertrekken, ziet u dat als een extra reden voor het nemen van aanvullende Europese maatregelen? Zo nee, waarom niet?
Antwoord op vraag 9 en 10
Het kabinet spant zich voortdurend in om hulporganisaties zo goed mogelijk te ondersteunen. Aangezien dergelijke beperkingen voor hulporganisaties negatieve impact kunnen hebben op de humanitaire situatie en toegang tot hulp in Gaza vormt dit onderdeel van de integrale weging die Nederland maakt met betrekking tot eventuele aanvullende nationale maatregelen en de inzet in EU-verband. Het kabinet blijft afwegen op welke wijze de Nederlandse inzet het effectiefst is en hoe deze kan bijdragen aan verbetering van de situatie in de Gazastrook. Zie verder beantwoording vraag 1.
Vraag 11
In antwoorden op recente vragen uit de Tweede Kamer stelde het toenmalige kabinet dat per keer wordt afgewogen of Nederland zich bij gezamenlijke internationale initiatieven aansluit, zoals de gezamenlijke verklaring van meerdere Ministers van Buitenlandse Zaken die het besluit van Israël om verschillende ngo’s te weren, onaanvaardbaar hebben genoemd.20 Nederland heeft zich daar niet bij aangesloten. Kunt u aangeven in hoeverre deze lijn van kracht blijft in de toekomst, en welke criteria daar dan bij gehanteerd worden?
Antwoord
Deze lijn blijft van kracht. Het kabinet zal per keer besluiten of en wanneer het zal aansluiten bij bredere internationale initiatieven. Het kabinet zoekt naar de effectiefste wijze om boodschappen over te brengen; soms publiekelijk, soms achter de schermen.
Vraag 12
De regering stelde eerder dat het staakt-het-vuren centraal staat in de Nederlandse inzet. Hoe weegt de regering berichten en onderzoek dat er ondanks dit staakt-het-vuren nog steeds Palestijnse burgers in groten getale door Israëlisch geweld gedood worden?21 Bent u het met de leden van de SP-fractie eens dat Israël feitelijk het vuren (en doden van Palestijnen) nog helemaal niet gestaakt heeft?
Antwoord
De berichten ten aanzien van aanhoudende geweld zijn zorgwekkend. Het kabinet acht het van groot belang dat het staakt-het-vuren tussen Israël en Hamas standhoudt en dat verdere stappen worden gezet om het vredesplan te implementeren, waarbij inbegrepen stappen ter ontwapening van Hamas. Deze boodschap wordt consequent en op alle niveaus overgebracht aan de Israëlische autoriteiten, recentelijk door de Minister-President en de Minister van Buitenlandse Zaken. Ook in EU-verband spant Nederland zich hiervoor in en is in regelmatig contact met partners uit de regio
Vraag 13
Eerder is door het vorige kabinet aangegeven dat de situatie in Gaza sinds het staakt-het-vuren zou zijn verbeterd.22 Kunt u uiteenzetten in hoeverre naar haar oordeel die verbetering zich doorzet, en op basis van welke indicatoren?
Antwoord
Sinds het staakt-het-vuren is de intensiteit van bombardementen en grondgevechten afgenomen. Tegelijkertijd blijft de situatie uiterst fragiel, en blijft de humanitaire situatie zorgwekkend. Ondanks enige toename van humanitaire hulp aan de Gazastrook sinds ingang van het staakt-het-vuren, blijft de humanitaire toegang sterk beperkt, waardoor hulporganisaties niet in staat zijn om veilig en voldoende hulp te verlenen. Ook de escalatie in het Midden-Oosten, met stijgende voedsel- en energieprijzen tot gevolg, heeft negatieve effecten voor de situatie in Gaza. Het kabinet blijft zich daarom inspannen voor veilige, ongehinderde en onvoorwaardelijke humanitaire toegang tot Gaza, en wijst Israël op zijn internationaalrechtelijke verplichting om dit te faciliteren.
Vraag 14
Heeft het regelmatige schenden van het staakt-het-vuren door Israël gevolgen voor Nederlandse positie ten aanzien van Europese handelssancties?
Antwoord
Het kabinet neemt alle relevante ontwikkelingen mee in de voortdurende afweging welke combinatie van diplomatieke druk en dialoog het meest effectief is om invloed uit te oefenen op het beleid van Israël. Zie ook het antwoord op vragen 1 en 2.
Vraag 15
Hoe beoordeelt u recente Israëlische besluiten die neerkomen op verdere feitelijke annexatie van de bezette Westelijke Jordaanoever,23 dit mede in het licht van de veroordeling van deze Israëlische stappen door een grote groep VN-lidstaten?24
Antwoord
In het advies van 19 juli 2024 oordeelde het Internationaal Gerechtshof (IGH) dat de Israëlische bezetting onrechtmatig is en er sprake is van annexatie van grote delen van de Westelijke Jordaanoever. Het uitoefenen van permanente controle over het bezette gebied (aldus annexatie) kan zich volgens het IGH op verschillende manieren uiten. In de huidige context heeft het Hof in juli 2024 reeds geoordeeld dat het onderhouden en uitbreiden van nederzettingen, de bouw van de bijbehorende infrastructuur, waaronder de afscheidingsmuur, de exploitatie van natuurlijke hulpbronnen, het uitroepen van Jeruzalem als hoofdstad van Israël, de alomvattende toepassing van het Israëlische wetgeving in Oost-Jeruzalem en de uitgebreide toepassing van deze wetgeving in de Westelijke Jordaanoever, de Israëlische controle versterken over het bezette Palestijnse gebied, met name Oost-Jeruzalem en Area C van de Westelijke Jordaanoever.
De besluiten van 8 en 15 februari 2026, hetgeen bij daadwerkelijke implementatie neerkomt op verdere annexatie, heeft Nederland sterk veroordeeld, tezamen met 80 andere VN-lidstaten in New York. Deze boodschap heeft de Minister van Buitenlandse Zaken ook overgebracht aan zijn Israëlische collega in een telefoongesprek op 25 februari.
Vraag 16
Acht u deze ontwikkelingen aanleiding om in EU-verband aanvullende maatregelen te bespreken, waaronder het opschorten van handelsconcessies of andere restrictieve maatregelen?
Antwoord
Zie de beantwoording van vragen 1 en 2.
Vraag 17
Deelt u de analyse van de leden van de SP-fractie dat het uitblijven van concrete consequenties het risico met zich meebrengt dat verdere stappen richting annexatie worden genormaliseerd? Zij verzoeken u daarbij om een toelichting.
Antwoord
Ja. Om deze reden heeft Nederland, tezamen met meer dan 80 VN-lidstaten, de Israëlische besluiten waarmee de Israëlische controle over de bezette Westelijke Jordaanoever verder kunnen worden uitgebreid stevig veroordeeld middels een gezamenlijke verklaring. Tevens brengt het kabinet zijn zorgen over in diplomatieke contacten met Israël, waaronder de eerdergenoemde gesprekken met de Israëlische president en de Israëlische Minister van Buitenlandse Zaken.
Bovendien bereidt het kabinet nationale maatregelen voor om producten uit de onrechtmatige nederzettingen in de door Israël bezette gebieden te weren van de Nederlandse markt. In EU-verband blijft Nederland voortrekker voor sancties voor sancties tegen gewelddadige kolonisten en hun organisaties. Het kabinet verkent ook, in lijn met de motie Van Baarle25 de mogelijkheden om deze inzet mee te nemen in het vierde pakket aan EU-sancties onder het mensenrechtensanctieregime. Het kabinet heeft reeds een aantal nationale maatregelen ingesteld, waaronder het ongewenst verklaren van Minister Ben-Gvir en Smotrich en het registreren van deze Ministers in het Schengen Informatie Systeem (SIS). Zie overigens het antwoord op vraag 1.
Vragen en opmerkingen van de leden van de Fractie-Beukering en de SGP-fractie
De leden van de Fractie-Beukering en de SGP-fractie hebben kennisgenomen van de beantwoording en hebben nog enkele nadere vragen. Allereerst zijn zij geïnteresseerd in het standpunt van het huidige kabinet met betrekking tot het Europese voorstel aangaande opschorting van handelsconcessies met Israël.
Verder constateren deze leden dat de situatie in de regio sterk is veranderd en nog zal blijven veranderen. Dit mede vanwege de nog steeds agressieve, militante opstelling vanuit Hamas, ook ten opzichte van de Palestijnse bevolking, evenals de zorgelijke ontwikkelingen in Iran en de nog voortgaande bewapening van Hezbollah.
Vraag 18
Blijkt hieruit niet dat Israël de stabiele factor is die juist rust in de regio kan bevorderen? Kunt u hierop reflecteren?
Antwoord
Israël speelt voor de regionale stabiliteit een bepalende rol. Het optreden van Israël is ingegeven vanuit het Israëlisch perspectief van veiligheid en tegen de achtergrond van de destructieve rol van Iran en aan Iran gelieerde groepen in de regio. Israël heeft een recht op zelfverdediging. Tegelijkertijd leidt het militair optreden van Israël in de regio tot gerede zorgen over de eerbiediging van het internationaal recht. Nederland blijft benadrukken het diplomatieke pad te bewandelen voor duurzame stabiliteit.
Vraag 19
In dat licht merken deze leden op dat moet worden gevreesd dat Israël nog geraakt zal worden door de destabiliserende werking van de terroristische groeperingen en de agressieve houding vanuit Iran. Kunt u in dat licht de proportionaliteit van het voorstel toelichten? Acht u het voorstel in het huidige tijdsgewricht nog steeds proportioneel?
Antwoord
Het kabinet erkent de destructieve rol van Iran en aan Iran gelieerde groepen in de regio. Het kabinet blijft o.a. in Europees verband pleiten voor aanvullende maatregelen tegen Hamas en de Palestijnse Islamitische Jihad. Het Commissievoorstel uit september 2025 om het handelsgedeelte van het EU-Israël Associatieakkoord gedeeltelijk op te schorten is gedaan als gevolg van de conclusie van EU HV Kallas en EDEO dat er aanwijzingen zijn dat Israël in strijd zou handelen met zijn verplichtingen onder artikel 2 van het EU-Israël Associatieakkoord. Het Commissievoorstel staat daarin los van de vijandelijkheden tussen Israël en Iran. De ontwikkelingen in Gaza en de Westelijke Jordaanoever als gevolg van Israëlisch handelen zijn nog altijd dusdanig zorgwekkend dat het kabinet dit voorstel nog steeds proportioneel acht. Zie daarnaast ook het antwoord op vraag 1.
Vraag 20
Hoe kijkt u overigens aan tegen de huidige situatie in de regio?
Antwoord
Het kabinet beziet de situatie in het Midden-Oosten met zorg, gezien aanhoudende regionale spanningen en het risico op verdere escalatie. Het kabinet blijft alle partijen oproepen op voorkoming van verdere escalatie, en zich te richten op een duurzame oplossing via de weg van diplomatie en onderhandelingen. Nederland staat daarover in veelvuldig contact met betrokken partijen en de landen in de regio.
Vraag 21
De maatregel voor het opschorten van de handelsconcessies is mede bedoeld om Israël ertoe te zetten om constructief mee te werken aan rust en vrede in de regio. Op welke wijze draagt het voorstel daar nu nog aan bij? Hoe is het voorstel daarin constructief?
Antwoord
Het Commissievoorstel voor het gedeeltelijk opschorten van het handelsgedeelte van het EU-Israël Associatieakkoord is erop gericht om een gedragsverandering van Israël teweeg te brengen ten aanzien van Gaza en de Westelijke Jordaanoever, met het doel om de situatie in deze gebieden te verbeteren. Deze doelstelling blijft relevant, gezien de zorgelijke humanitaire situatie in Gaza en de verslechterende situatie op de Westelijke Jordaanoever.
Vraag 22
Welke constructieve bijdrage wil de regering leveren aan de stabilisatie in de regio? En acht u het daarbij van belang dat Israël wordt ondersteund in de pogingen om destabiliserende factoren weg te nemen?
Antwoord
Het kabinet erkent de destructieve en destabiliserende rol van Iran en de aan Iran gelieerde groepen in de regio. Nederland is voorloper op het gebied van EU-sancties tegen Iran en blijft, in de context van de sluiting van de Straat van Hormuz, tevens inzetten op het mogelijk maken van EU-sancties tegen Iraanse personen en entiteiten die betrokken zijn bij de belemmering van vrije doorvaart. Zie verder de beantwoording van vraag 20.
Samenstelling:
Van Apeldoorn (SP), Bakker-Klein (CDA), Van Ballekom (VVD), Beukering (Fractie-Beukering), Van Bijsterveld (JA21), Croll (D66), Crone (GroenLinks-PvdA), Dessing (FVD) (ondervoorzitter), Van Gasteren (Fractie-Van Gasteren), Goossen (BBB), Van der Goot (OPNL), Hartog (Volt), Huizinga-Heringa (CU) (ondervoorzitter), Karimi (GroenLinks-PvdA), Marquart Scholtz (BBB), Martens (GroenLinks-PvdA), Moonen (D66), Nicolaï (PvdD), Petersen (VVD) (voorzitter), Van Rooijen (50PLUS), Roovers (GroenLinks-PvdA), Van de Sanden (fractie-Van de Sanden), Van Strien (PVV), Thijssen (GroenLinks-PvdA), Van Toorenburg (CDA), Visseren-Hamakers (Fractie-Visseren-Hamakers), Vogels (VVD), De Vries (SGP), Walenkamp (Fractie-Walenkamp)
COM(2025)890, gepubliceerd op 17 september 2025. Zie ook dossier E250022 op www.europapoort.nl.
NOS, «Staakt-het-vuren of niet: in Gaza worden nog altijd Palestijnen gedood», 19 februari 2026 https://nos.nl/artikel/2603196-staakt-het-vuren-of-niet-in-gaza-worden-nog-altijd-palestijnen-gedood.
NOS, «Israëlische uitbreiding van gezag op Westoever is nieuwe stap richting annexatie», 16 februari 2026, https://nos.nl/artikel/2602733-israelische-uitbreiding-van-gezag-op-westoever-is-nieuwe-stap-richting-annexatie.
«Aan de slag – Bouwen aan een beter Nederland. Coalitieakkoord 2026–2030», 30 januari 2026, https://www.kabinetsformatie2025.nl/site/binaries/site-content/collections/documents/2026/01/30/aan-de-slag---coalitieakkoord-2026-2030/coalitieakkoord-d66-vvd-cda.pdf, p. 34.
NOS, «Israël verbiedt tientallen hulporganisaties in Gaza en op Westelijke Jordaanoever», 30 december 2025, https://nos.nl/artikel/2596514-israel-verbiedt-tientallen-hulporganisaties-in-gaza-en-op-westelijke-jordaanoever.
NOS, «Israël: Artsen zonder Grenzen moet 28 februari uit Gaza weg zijn», 1 februari 2026, https://nos.nl/artikel/2600590-israel-artsen-zonder-grenzen-moet-28-februari-uit-gaza-weg-zijn.
Tweede Kamer, Antwoord Kamervragen van het lid Dobbe (SP) aan de Minister van Buitenlandse Zaken over het Israëlische besluit om humanitaire organisaties te weren uit Gaza en de Westelijke Jordaanoever 12 februari 2026, 2026D07068.
NOS, «Staakt-het-vuren of niet: in Gaza worden nog altijd Palestijnen gedood», 16 februari 2026.
The Rights Forum, «Buitenlandse Zaken wil evacuatie Gazanen met Nederlands visum niet ondersteunen», 27 januari 2026, https://rightsforum.org/buitenlandse-zaken-wil-evacuatie-gazanen-met-nederlands-visum-niet-ondersteunen.
NOS, «Israëlische uitbreiding van gezag op Westoever is nieuwe stap richting annexatie», 16 februari 2026, https://nos.nl/artikel/2602733-israelische-uitbreiding-van-gezag-op-westoever-is-nieuwe-stap-richting-annexatie.
NOS, «Ruim 80 VN-lidstaten veroordelen Israëlische plannen voor de Westoever», 18 februari 2026, https://nos.nl/artikel/2602944-ruim-80-vn-lidstaten-veroordelen-israelische-plannen-voor-de-westoever.
NOS, «Staakt-het-vuren of niet: in Gaza worden nog altijd Palestijnen gedood», 19 februari 2026 https://nos.nl/artikel/2603196-staakt-het-vuren-of-niet-in-gaza-worden-nog-altijd-palestijnen-gedood.
NOS, «Israëlische uitbreiding van gezag op Westoever is nieuwe stap richting annexatie», 16 februari 2026, https://nos.nl/artikel/2602733-israelische-uitbreiding-van-gezag-op-westoever-is-nieuwe-stap-richting-annexatie
«Aan de slag – Bouwen aan een beter Nederland. Coalitieakkoord 2026–2030», 30 januari 2026, https://www.kabinetsformatie2025.nl/site/binaries/site-content/collections/documents/2026/01/30/aan-de-slag---coalitieakkoord-2026-2030/coalitieakkoord-d66-vvd-cda.pdf, p. 34
NOS Israël verbiedt tientallen hulporganisaties in Gaza en op Westelijke Jordaanoever Israël verbiedt tientallen hulporganisaties in Gaza en op Westelijke Jordaanoever
NOS, «Israël: Artsen zonder Grenzen moet 28 februari uit Gaza weg zijn», 1 februari 2026 Israël: Artsen zonder Grenzen moet 28 februari uit Gaza weg zijn
Tweede Kamer, Antwoord Kamervragen van het lid Dobbe (SP) aan de Minister van Buitenlandse Zaken over het Israëlische besluit om humanitaire organisaties te weren uit Gaza en de Westelijke Jordaanoever 12 februari 2026, 2026D07068.
NOS, «Staakt-het-vuren of niet: in Gaza worden nog altijd Palestijnen gedood», 16 februari 2026
The Rights Forum, «Buitenlandse Zaken wil evacuatie Gazanen met Nederlands visum niet ondersteunen», 27 januari 2026, https://rightsforum.org/buitenlandse-zaken-wil-evacuatie-gazanen-met-nederlands-visum-niet-ondersteunen.
NOS, «Israëlische uitbreiding van gezag op Westoever is nieuwe stap richting annexatie», 16 februari 2026, https://nos.nl/artikel/2602733-israelische-uitbreiding-van-gezag-op-westoever-is-nieuwe-stap-richting-annexatie
NOS, «Ruim 80 VN-lidstaten veroordelen Israëlische plannen voor de Westoever», 18 februari 2026, https://nos.nl/artikel/2602944-ruim-80-vn-lidstaten-veroordelen-israelische-plannen-voor-de-westoever.
Samenstelling:
Van Apeldoorn (SP), Bakker-Klein (CDA), Van Ballekom (VVD), Beukering (Fractie-Beukering), Van Bijsterveld (JA21), Croll (D66), Crone (GroenLinks-PvdA), Dessing (FVD) (ondervoorzitter), Van Gasteren (Fractie-Van Gasteren), Goossen (BBB), Van der Goot (OPNL), Hartog (Volt), Huizinga-Heringa (CU) (ondervoorzitter), Karimi (GroenLinks-PvdA), Marquart Scholtz (BBB), Martens (GroenLinks-PvdA), Moonen (D66), Nicolaï (PvdD), Petersen (VVD) (voorzitter), Van Rooijen (50PLUS), Roovers (GroenLinks-PvdA), Van de Sanden (fractie-Van de Sanden), Van Strien (PVV), Thijssen (GroenLinks-PvdA), Van Toorenburg (CDA), Visseren-Hamakers (Fractie-Visseren-Hamakers), Vogels (VVD), De Vries (SGP), Walenkamp (Fractie-Walenkamp)
COM(2025)890, gepubliceerd op 17 september 2025. Zie ook dossier E250022 op www.europapoort.nl.
NOS, «Staakt-het-vuren of niet: in Gaza worden nog altijd Palestijnen gedood», 19 februari 2026 https://nos.nl/artikel/2603196-staakt-het-vuren-of-niet-in-gaza-worden-nog-altijd-palestijnen-gedood.
NOS, «Israëlische uitbreiding van gezag op Westoever is nieuwe stap richting annexatie», 16 februari 2026, https://nos.nl/artikel/2602733-israelische-uitbreiding-van-gezag-op-westoever-is-nieuwe-stap-richting-annexatie.
«Aan de slag – Bouwen aan een beter Nederland. Coalitieakkoord 2026–2030», 30 januari 2026, https://www.kabinetsformatie2025.nl/site/binaries/site-content/collections/documents/2026/01/30/aan-de-slag---coalitieakkoord-2026-2030/coalitieakkoord-d66-vvd-cda.pdf, p. 34.
NOS, «Israël verbiedt tientallen hulporganisaties in Gaza en op Westelijke Jordaanoever», 30 december 2025, https://nos.nl/artikel/2596514-israel-verbiedt-tientallen-hulporganisaties-in-gaza-en-op-westelijke-jordaanoever.
NOS, «Israël: Artsen zonder Grenzen moet 28 februari uit Gaza weg zijn», 1 februari 2026, https://nos.nl/artikel/2600590-israel-artsen-zonder-grenzen-moet-28-februari-uit-gaza-weg-zijn.
Tweede Kamer, Antwoord Kamervragen van het lid Dobbe (SP) aan de Minister van Buitenlandse Zaken over het Israëlische besluit om humanitaire organisaties te weren uit Gaza en de Westelijke Jordaanoever 12 februari 2026, 2026D07068.
NOS, «Staakt-het-vuren of niet: in Gaza worden nog altijd Palestijnen gedood», 16 februari 2026.
The Rights Forum, «Buitenlandse Zaken wil evacuatie Gazanen met Nederlands visum niet ondersteunen», 27 januari 2026, https://rightsforum.org/buitenlandse-zaken-wil-evacuatie-gazanen-met-nederlands-visum-niet-ondersteunen.
NOS, «Israëlische uitbreiding van gezag op Westoever is nieuwe stap richting annexatie», 16 februari 2026, https://nos.nl/artikel/2602733-israelische-uitbreiding-van-gezag-op-westoever-is-nieuwe-stap-richting-annexatie.
NOS, «Ruim 80 VN-lidstaten veroordelen Israëlische plannen voor de Westoever», 18 februari 2026, https://nos.nl/artikel/2602944-ruim-80-vn-lidstaten-veroordelen-israelische-plannen-voor-de-westoever.
NOS, «Staakt-het-vuren of niet: in Gaza worden nog altijd Palestijnen gedood», 19 februari 2026 https://nos.nl/artikel/2603196-staakt-het-vuren-of-niet-in-gaza-worden-nog-altijd-palestijnen-gedood.
NOS, «Israëlische uitbreiding van gezag op Westoever is nieuwe stap richting annexatie», 16 februari 2026, https://nos.nl/artikel/2602733-israelische-uitbreiding-van-gezag-op-westoever-is-nieuwe-stap-richting-annexatie
«Aan de slag – Bouwen aan een beter Nederland. Coalitieakkoord 2026–2030», 30 januari 2026, https://www.kabinetsformatie2025.nl/site/binaries/site-content/collections/documents/2026/01/30/aan-de-slag---coalitieakkoord-2026-2030/coalitieakkoord-d66-vvd-cda.pdf, p. 34
NOS Israël verbiedt tientallen hulporganisaties in Gaza en op Westelijke Jordaanoever Israël verbiedt tientallen hulporganisaties in Gaza en op Westelijke Jordaanoever
NOS, «Israël: Artsen zonder Grenzen moet 28 februari uit Gaza weg zijn», 1 februari 2026 Israël: Artsen zonder Grenzen moet 28 februari uit Gaza weg zijn
Tweede Kamer, Antwoord Kamervragen van het lid Dobbe (SP) aan de Minister van Buitenlandse Zaken over het Israëlische besluit om humanitaire organisaties te weren uit Gaza en de Westelijke Jordaanoever 12 februari 2026, 2026D07068.
NOS, «Staakt-het-vuren of niet: in Gaza worden nog altijd Palestijnen gedood», 16 februari 2026
The Rights Forum, «Buitenlandse Zaken wil evacuatie Gazanen met Nederlands visum niet ondersteunen», 27 januari 2026, https://rightsforum.org/buitenlandse-zaken-wil-evacuatie-gazanen-met-nederlands-visum-niet-ondersteunen.
NOS, «Israëlische uitbreiding van gezag op Westoever is nieuwe stap richting annexatie», 16 februari 2026, https://nos.nl/artikel/2602733-israelische-uitbreiding-van-gezag-op-westoever-is-nieuwe-stap-richting-annexatie
NOS, «Ruim 80 VN-lidstaten veroordelen Israëlische plannen voor de Westoever», 18 februari 2026, https://nos.nl/artikel/2602944-ruim-80-vn-lidstaten-veroordelen-israelische-plannen-voor-de-westoever.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-31985-H.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.