nr. 2
VOORSTEL VAN WET
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is het mogelijk
te maken om aan de werknemer, bedoeld in de Ziektewet, die op het tijdstip
van inwerkingtreding van deze wet ouder is dan 55 jaar, in geval van ziekte
in de vijf jaren na aanvang van de dienstbetrekking recht te geven op ziekengeld,
indien er direct voorafgaand aan de dienstbetrekking sprake is geweest van
werkloosheid van ten minste 52 weken en nadat dertien weken van ziekte zijn
verstreken;
Zo is het dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der
Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en
verstaan bij deze:
ARTIKEL I WIJZIGING VAN DE ZIEKTEWET
De Ziektewet wordt als volgt gewijzigd:
A
Artikel 29 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid, aanhef, wordt «en 29b» vervangen
door: , 29b en 29d.
2. In het tweede lid, onderdeel g, wordt «artikel 29b»
vervangen door: de artikelen 29b en 29d.
3. In het zesde lid wordt «artikel 29a of artikel 29b»
vervangen door: artikel 29a, artikel 29b of artikel 29d.
B
Na artikel 29c wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Artikel 29d
1. De werknemer die is geboren voor 1 juli 1954 en die onmiddellijk
voorafgaand aan een dienstbetrekking als bedoeld in artikel 3, 4 of 5
gedurende ten minste 52 weken recht had op een uitkering op grond van hoofdstuk
II van de Werkloosheidswet, heeft vanaf de eerste dag van zijn ongeschiktheid
tot werken wegens ziekte recht op ziekengeld over perioden van ongeschiktheid
tot werken wegens ziekte die zijn aangevangen in de vijf jaren na aanvang
van zijn dienstbetrekking. Voor het bepalen van de perioden van ongeschiktheid
tot werken wegens ziekte is artikel 29, vijfde lid, tweede en derde zin, van
overeenkomstige toepassing. De uitbetaling van het ziekengeld, bedoeld in
de eerste zin, vindt niet eerder plaats dan de eerste dag van de veertiende
week van de ongeschiktheid tot werken.
2. Het ziekengeld, bedoeld in het eerste lid, bedraagt 70%
van het dagloon van de werknemer.
3. In afwijking van het tweede lid wordt het ziekengeld in het tijdvak
van 52 weken vanaf de eerste dag van ongeschiktheid tot werken wegens ziekte
van de werknemer, bedoeld in artikel 3, op verzoek van de werkgever gesteld
op het dagloon, met dien verstande dat het ziekengeld niet meer kan bedragen
dan de aanspraak van de werknemer op het loon dat de werkgever verschuldigd
zou zijn, indien daarop geen ziekengeld in mindering zou zijn gebracht.
4. Dit artikel is niet van toepassing indien de werknemer werkzaam
is in een dienstbetrekking in de zin van artikel 2 of 7 van de Wet sociale
werkvoorziening.
5. Voor het bepalen van het tijdvak van 52 weken, bedoeld in het
eerste lid, worden onderbrekingen van het recht op uitkering op grond van
de Werkloosheidswet van minder dan vier weken gelijkgesteld met perioden waarin
de werknemer recht had op een uitkering op grond van de Werkloosheidswet.
C
Artikel 38b wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt «artikel 29b» vervangen door:
artikel 29b of 29d.
2. De laatste zin van het tweede lid vervalt.
3. Na het tweede lid worden twee leden toegevoegd, luidende:
3. In afwijking van artikel 38a, tweede lid, meldt de werkgever,
indien een mogelijke aanspraak op grond van artikel 29d bestaat, uiterlijk
op de vierde dag nadat dertien weken van ongeschiktheid tot het verrichten
van arbeid wegens ziekte van de werknemer zijn verstreken, aan het Uitvoeringsinstituut
werknemersverzekeringen de eerste werkdag waarop die werknemer wegens ziekte
ongeschikt is tot het verrichten van zijn arbeid.
4. Artikel 38a, derde lid, is van overeenkomstige toepassing op de
melding, bedoeld in het tweede en derde lid.
D
Na artikel 94 worden twee artikelen toegevoegd, luidende:
Artikel 95
De artikelen van deze wet zoals deze luidden voor de datum van inwerkingtreding
van de Tijdelijke wet compensatieregeling loonkosten bij ziekte van oudere
en voormalig langdurig werklozen, blijven van toepassing op dienstbetrekkingen,
bedoeld in artikel 3, 4, of 5, die zijn aangegaan voor die datum.
Artikel 96
1. De artikelen 29d, 38b, derde lid, en 95 vervallen tien jaar na
het tijdstip van inwerkingtreding van de Tijdelijke wet compensatieregeling
loonkosten bij ziekte van oudere en voormalig langdurig werklozen.
2. Op het tijdstip waarop artikel 29d vervalt wordt artikel 29 als
volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid, aanhef, wordt «, 29b en 29d» vervangen
door: en 29b.
2. In het tweede lid, onderdeel g, wordt «de artikelen 29b
en 29d» vervangen door: artikel 29b.
3. Op het tijdstip waarop artikel 38b, derde lid, vervalt, wordt
in artikel 38b, eerste lid, «artikel 29b of 29d» vervangen
door «artikel 29b», wordt artikel 38b, vierde lid, vernummerd
tot derde lid, en wordt in dat lid «het tweede en het derde lid»
vervangen door: het tweede lid.
ARTIKEL II WIJZIGING VAN DE WET STRUCTUUR UITVOERINGSORGANISATIE
WERK EN INKOMEN
De Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen wordt als volgt
gewijzigd:
A
In artikel 30a, derde lid, onderdeel e, wordt na «artikel 29b»
ingevoegd: en artikel 29d.
B
Na artikel 83la wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Artikel 83lb Overgangsrecht Tijdelijke wet compensatieregeling
loonkosten bij ziekte van oudere en voormalig langdurig werklozen.
Op het tijdstip waarop artikel 29d van de Ziektewet vervalt, vervalt in
artikel 30a, derde lid, onderdeel e: en artikel 29d.
ARTIKEL III WIJZIGING VAN DE WET FINANCIERING SOCIALE
VERZEKERINGEN
In artikel 108, eerste lid, onderdeel b, van de Wet financiering sociale
verzekeringen wordt «artikel 29, tweede lid, onderdeel a tot en met
f, van de Ziektewet» vervangen door: artikel 29, tweede lid, van de
Ziektewet.
ARTIKEL IV SLOTBEPALING BETREFFENDE ARTIKEL 29D VAN DE
ZIEKTEWET
Indien artikel I, onderdeel B van deze wet in werking treedt na 1 juli
2009 wordt in artikel 29d, eerste lid, van de Ziektewet «1 juli
1954» vervangen door de datum die is gelegen 55 jaar voor de datum van
inwerkingtreding van artikel I, onderdeel B van deze wet.
ARTIKEL V CITEERTITEL
Deze wet wordt aangehaald als: Tijdelijke wet compensatieregeling loonkosten
bij ziekte van oudere en voormalig langdurig werklozen.
ARTIKEL VI INWERKINGTREDING
De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk besluit
te bepalen tijdstip dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan
verschillend kan worden vastgesteld.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat
alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat,
aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,