31 839 Jeugdzorg

Nr. 612 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 15 februari 2018

Bij brief van 25 januari jl. vraagt de vaste commissie voor VWS om een reactie op de berichtgeving dat «pleegzorg tot 21 jaar» de nieuwe standaard wordt.1

In mijn brief van 27 november 2017 (Kamerstuk 31 839, nr. 606) en het daaropvolgende wetgevingsoverleg van 4 december 2017 (Kamerstukken 34 775 XVI en 34 775 VI, nr. 112), heb ik aangegeven dat de overgang naar volwassen worden (18-/18+) voor kwetsbare jongeren bijzonder lastig is. Zij missen doorgaans een ondersteunend vangnet. Door domeinoverstijgend te werken, kunnen deze jongeren beter worden geholpen: werken met toekomstplannen, aanpak van schulden, beschikbare huisvesting en ondersteuning van deze jongeren bij de overgang van school naar werk. Samen met betrokken partijen wil ik invulling geven aan de afspraken die op de Jongvolwassenentop van 27 november jl. zijn gemaakt. In het toegezegde programma «Zorg voor de Jeugd» (april) kom ik met concrete voorstellen om de overgang rond 18 jaar te versoepelen.

Op grond van de Jeugdwet hebben gemeenten een «jeugdhulpplicht» voor hulp en ondersteuning aan jongeren tot 18 jaar. In de regel stopt dan ook de pleegzorgvergoeding. Juist pleegkinderen, die een minder stabiele jeugd hebben gehad, gun je dat ze ook na hun 18e jaar de warme basis van een gezin blijven ervaren. Onder bepaalde voorwaarden hebben gemeenten de bevoegdheid jeugdhulp die voor het 18e jaar is begonnen te verlengen tot 23 jaar (zoals dat ook in de Wet op de Jeugdzorg was geregeld). Bij pleegzorg maken gemeenten daar wel al meer gebruik van, maar ik zou het willen omdraaien en zeggen: laat de pleegzorg tot het 21e jaar de regel zijn en de uitzondering op de regel de kinderen die wel zelfstandig op eigen benen kunnen staan.

In het belang van deze jongeren en ook gegeven de meermalen uitgesproken wens van pleegouderorganisaties, verken ik hoe en onder welke voorwaarden verlengde pleegzorg tot 21 jaar (als de jongere en de pleegouder dat willen) de standaard kan worden in plaats van de uitzondering die het nu nog is. Ik voer de verkenning uit samen met pleegouderorganisaties, jeugdhulpaanbieders en gemeenten.

In de verkenning komen aan de orde:

  • de wensen van jongeren en pleegouders;

  • de organisatorische en financiële aspecten voor pleegouders, pleegzorgorganisaties en gemeenten;

  • is verlengde pleegzorg tot 21 jaar op basis van bestuurlijke afspraken mogelijk of is hiervoor een wijziging van de Jeugdwet nodig?

Ik zal uw Kamer in de loop van april a.s. met het toegezegde programma «Zorg voor de Jeugd» informeren over de uitkomsten van mijn verkenning met pleegouderorganisaties, jeugdhulpaanbieders en gemeenten. Ik zal uw Kamer dan ook een concreet tijdpad voorleggen.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, H.M. de Jonge

Naar boven