Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummerDatum ontvangst
Tweede Kamer der Staten-Generaal2008-200931704 nr. 12

31 704
Wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Belastingplan 2009)

nr. 12
AMENDEMENT VAN HET LID SAP

Ontvangen 31 oktober 2008

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

I

In artikel I wordt na onderdeel O een onderdeel ingevoegd, luidende:

Oa. Artikel 8.9 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid wordt «93 1/3 %» vervangen door: 80%.

2. In het tweede lid wordt «1 januari 1972» vervangen door: 1 januari 1960.

II

In artikel I, onderdeel T, wordt «€ 770» vervangen door «€ 989» en wordt «€ 1 765» vervangen door: € 1 982.

III

In artikel II wordt na onderdeel A een onderdeel ingevoegd, luidende:

Aa. In artikel 10.6a wordt «6 2/3%-punt» vervangen door: 20%-punt.

Toelichting

Dit amendement bewerkstelligt een versnelde afbouw – namelijk in 5 jaar – van de uitbetaling van de algemene heffingskorting aan de minstverdienende partner. Bovendien geldt deze afbouw als gevolg van dit amendement, in tegenstelling tot hetgeen bij het Belastingplan 2008 is opgenomen, voor belastingplichtigen die zijn geboren na 31 december 1959 en niet meer alleen voor belastingplichtigen die zijn geboren na 31 december 1971. Met deze wijzigingen wordt een verhoging van het bedrag van het vaste deel van de (voor het andere deel inkomensafhankelijke) aanvullende combinatiekorting (artikel 8.14a Wet IB 2001) gefinancierd.

Budgettaire toelichting:

Dit amendement wijzigt twee overgangsregelingen (leeftijd uitzonderingen en percentage van afbouw) binnen de versobering van de overdraagbaarheid van de algemene heffingskorting. In de structurele situatie wijzigt er niets. De versnelling van de versobering van de overdraagbaarheid van de algemene heffingskorting levert tot 2035 extra geld op; dit fluctueert flink maar is gemiddeld 425 mln per jaar, daarna is er geen opbrengst ten opzichte van het huidige basispad. Daarnaast wordt het basisbedrag van de IACK met € 217 verhoogd. De IACK ziet er dan als volgt uit:

De kosten die gemoeid zijn met de verhoging van het basisbedrag van de IACK bedragen jaarlijks 200 mln.

Het extra geld in dat tot 2035 binnenkomt (gemiddeld 225 mln per jaar) wordt bij aanname van dit amendement ingezet voor een premiekorting voor werkgevers die ouderen in dienst nemen vanaf 50 jaar die op het moment van aanname zonder werk en zonder uitkering waren. Dit zal vorm krijgen via een Nota van Wijziging bij de begroting van Sociale Zaken.

Sap