Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2012-201331289 nr. 147

31 289 Voortgezet Onderwijs

Nr. 147 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 8 april 2013

In uw brief van 22 maart 2013 verzoekt u mij een reactie te geven op de brief over de rekentoets in het voortgezet onderwijs die het LAKS stuurde aan de leden van de vaste Kamercommissie voor OCW. Hierbij ontvangt u deze reactie.

Het LAKS maakt zich zorgen over het rekenonderwijs op scholen en meent dat leerlingen gedupeerd worden door het plaatsen van het cijfer voor de rekentoets op de cijferlijst in de periode dat het cijfer geen onderdeel is van de slaag-zakbeslissing.

In de brief van 19 december 2012 aan uw Kamer hebben de minister en ik enkele maatregelen aangekondigd met betrekking tot de invoering van de referentieniveaus taal en rekenen (Kamerstuk 33 458, nr. 2). Voor de rekentoets in het voortgezet onderwijs geldt dat de toets volgens planning vanaf schooljaar 2013/2014 een verplicht onderdeel is van het eindexamen. Het moment dat een leerling kan zakken vanwege een slecht resultaat is uitgesteld tot schooljaar 2015/2016. Het cijfer dat de leerling behaalt komt op de cijferlijst.

Omdat de rekentoets een verplicht onderdeel is van het eindexamen, zal de rekentoets een plek moeten krijgen op de cijferlijst. Immers, als de rekentoets niet is afgelegd, is de leerling gezakt. Ik vind het wenselijk dat dan ook het cijfer zelf vermeld zal worden. Het vervolgonderwijs weet dan waar een leerling staat met betrekking tot rekenen. Zeker voor het mbo is dat relevant, want ook daar zal rekenen als onderdeel van het examen getoetst worden.

Het vermelden van het cijfer op de cijferlijst maakt ook dat zowel de school als de leerling meer belang hecht aan een goede prestatie. Dat zal de inspanningen voor het rekenonderwijs en de prestaties bij de toets zelf verbeteren. Een belangrijke reden van de lage prestaties bij de pilots van 2012 was immers juist het feit dat de toets geen enkele consequentie had voor leerlingen.

Voorts geldt dat het cijfer bij de pilots van 2013 onder voorwaarden ingezet mag worden bij de invoering van de rekentoets in 2013/2014. Als de school deelneemt aan deze pilots heeft een leerling die in 2013/2014 de opleiding met het eindexamen afrondt maximaal twee extra kansen om een goed cijfer te behalen.

Ik ben van mening dat deze maatregelen het rekenonderwijs ten goede zullen komen en dat dit juist ook in het voordeel is van leerlingen.

De staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, S. Dekker