Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummerDatum ontvangst
Tweede Kamer der Staten-Generaal2007-200831262 nr. 7

31 262
Wijziging van de Warenwet in verband met de opneming van de mogelijkheid om een last onder bestuursdwang op te leggen en enkele andere wijzigingen

nr. 7
NOTA VAN WIJZIGING

Ontvangen 25 juni 2008

Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:

Artikel IV wordt vervangen door:

ARTIKEL IV

Indien deze wet in werking treedt op een tijdstip vóór het wetsvoorstel van de Vierde tranche Algemene wet bestuursrecht (TK 2003–2004, 29 702, nr. 2) tot wet is verheven en in werking is getreden, wordt in artikel 32 «oplegging van een last onder bestuursdwang» vervangen door: toepassing van bestuursdwang.

ARTIKEL V

Indien artikel IV tot toepassing komt, wordt, nadat het wetsvoorstel van de Vierde tranche Algemene wet bestuursrecht (TK 2003–2004, 29 702, nr. 2) tot wet is verheven, met ingang van het tijdstip waarop die wet in werking treedt, in artikel 32 «toepassing van bestuursdwang» vervangen door: oplegging van een last onder bestuursdwang.

ARTIKEL VI

Deze wet treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.

Toelichting

Dit wetsvoorstel hangt voor wat betreft de keuze van de terminologie betreffende de bestuurlijke handhaving van de Warenwet samen met de terminologie van de Vierde tranche Algemene wet bestuursrecht. Bij de indiening van dit wetsvoorstel is ervan uitgegaan dat de Vierde tranche Algemene wet bestuursrecht geen oponthoud behoeft te veroorzaken voor dit wetsvoorstel. Momenteel bestaat daarover onvoldoende zekerheid. De thans voorgestelde wijziging regelt dat de inwerkingtreding van dit wetsvoorstel niet langer afhankelijk is van de inwerkingtreding van de Vierde tranche Algemene wet bestuursrecht. Daardoor bestaat ook geen behoefte meer de inwerkingtreding bij koninklijk besluit te regelen. Die wijze van inwerkingtreding was immers voorgesteld om een juiste volgorde van inwerkingtreding te kunnen garanderen.

De minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

A. Klink