Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2011-201231239 nr. 127

31 239 Stimulering duurzame energieproductie

Nr. 127 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN, LANDBOUW EN INNOVATIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 23 december 2011

Op 3 november 2011 en daarna tijdens het Wetgevingsoverleg Energie op 21 november en 5 december 2011 heb ik u geïnformeerd over de openstelling van de SDE+ regeling op 31 januari 20121.

Tijdens de tweede termijn van het wetgevingsoverleg energie op 5 december jl. heb ik naar aanleiding van een verzoek van uw Kamer toegezegd dat ik een extra categorie voor wind op land zal openstellen met meer vollasturen (Kamerstuk 33 000-XIII, nr. 68). Tevens heb ik toegezegd dat ik in overleg zal gaan met LTO over de situatie van MEP-vergisters en ECN en KEMA over het berekende basisbedrag voor warmtebenutting bij bestaande mestcovergistingsinstallaties. (Kamerstuk 33 000 XIII, nr. 67 en 68 zijn ingetrokken na mijn toezeggingen.)

ECN en KEMA zijn verzocht om een basisbedrag te berekenen voor kosteneffectieve windprojecten op windrijke locaties. Er is inmiddels ook overleg gevoerd met LTO. Daarop is een opdracht verstrekt aan ECN en KEMA om de berekening voor warmtebenutting bij bestaande covergistingsinstallaties opnieuw te bezien. Dit moet vanzelfsprekend wel zorgvuldig gebeuren. Daarom hecht ik groot belang aan consultatie van de genoemde berekeningen met de markt. Dit zal wel leiden tot enige vertraging in de openstelling. Ik streef nu naar publicatie van de ministeriele regelingen rond 14 februari, wanneer naar verwachting de Europese Commissie ook goedkeuring heeft gegeven aan het herziene Besluit.

De timing van de gefaseerde openstelling in 2012 zou dan als volgt zijn:

Fase 1: 13 maart

Fase 2: 1 mei

Fase 3: 19 juni

Fase 4: 4 september

Fase 5: 6 november.

Deze herziene fasering leidt ertoe dat de fases 2 en 3 korter zullen openstaan dan oorspronkelijk gepland. Dit zal verder geen invloed hebben op de SDE+ systematiek, noch op de uitkomsten.

De minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie,

M. J. M. Verhagen


X Noot
1

31 239, nr. 125.