Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2016-201731209 nr. 213

31 209 Schoon en zuinig

Nr. 213 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 16 mei 2017

Op grond van de richtlijn energie-efficiëntie (EED) moeten lidstaten driejaarlijks een nationaal energie-efficiëntie actieplan (NEEAP) opstellen en bij de Europese Commissie indienen. Hierbij informeer ik uw Kamer, mede namens de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, over het vierde nationale energie-efficiëntie actieplan (NEEAP4) dat Nederland aan de Commissie heeft aangeboden. De nationale renovatiestrategie is onderdeel van het NEEAP4. Tevens zijn het jaarverslag 2017 en de jaarlijkse rapportage inzake Warmtekrachtkoppeling aan de Commissie verstuurd. De rapportages zijn als bijlagen bij deze brief gevoegd1.

Met het NEEAP4 en het jaarverslag informeert Nederland de Europese Commissie over de implementatie van de bepalingen van de EED in nationale wetgeving en de tot nu toe bereikte resultaten. Dit NEEAP4 bevat een overzicht van het reeds geïmplementeerde energiebesparingsinstrumentarium. Onderdeel hiervan is een overzicht van de beleidsmaatregelen die het kabinet inzet voor de verplichting van 1,5% besparing op het energie eindverbruik uit artikel 7 van de EED.

De rapportage laat zien dat Nederland met het huidige en reeds voorgenomen energiebesparingsbeleid op koers ligt voor het behalen van de Europese doelstellingen op het gebied van energie-efficiëntie. Aanvullend op de doelen uit de EED heeft het kabinet in het Energieakkoord afspraken gemaakt om te komen tot 100 PJ extra finale energiebesparing in 2020. Om dat te bereiken is een aantal intensiveringen van het besparingsbeleid in gang gezet, zoals in de industrie en de gebouwde omgeving.2

Het NEEAP4 bevat ook gegevens over de stand van zaken van de uitvoering van de energie-audits voor grote ondernemingen. De energie-audit is een wettelijke verplichting die rechtstreeks voortvloeit uit de bepalingen van de EED.

Het doel van de energie-auditverplichting is om bewustwording en inzicht in mogelijke energiebesparingsmogelijkheden te creëren, zodat bedrijven en instellingen gestimuleerd worden om meer maatregelen te treffen voor het besparen van energie. Ten behoeve van de monitoring heeft de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland een eerste inventarisatie gedaan van het aantal uitvoerde energie-audits. Uit deze inventarisatie komt naar voren dat een meerderheid van de audit-plichtige bedrijven nog geen energie-audit heeft uitgevoerd. Dit betekent dat de komende periode een groot aantal bedrijven alsnog haar energie-audit zal moeten laten uitvoeren en voor moet leggen aan het bevoegd gezag.

Het kabinet zet zich in om de uitvoering van de energie-audits te stimuleren. Daartoe laat ik op korte termijn de uitvoering van de energie-audits evalueren. Naar verwachting is deze evaluatie dit najaar gereed. Op basis van de uitkomst van de evaluatie zal het kabinet eventuele verbetervoorstellen voor de nationale uitvoering van de audit-verplichting opstellen. Het kabinet zal uw Kamer daarover dit najaar nader informeren, samen met haar reactie op de aangehouden motie van het lid Van Veldhoven waarin de regering werd verzocht om de verplichting tot energie-audits te koppelen aan de Wet milieubeheer.3

Voor de periode na 2020 zet het kabinet in op het verbeteren van de energie-auditverplichting in het kader van de onderhandelingen over de herziening van de EED. Uw Kamer is hier reeds over geïnformeerd in het BNC-fiche «Herziening richtlijn over energie-efficiëntie» van 20 januari jl. (Kamerstuk 34 663, nr. 4). Zoals aangegeven in het BNC-fiche wil het kabinet de herziening van de EED benutten om de uitvoerbaarheid van de energie-auditverplichting te verbeteren. Het kabinet wil bijvoorbeeld de mogelijkheid krijgen om op nationaal niveau aanvullende minimumeisen te kunnen stellen, om te bepalen welke bedrijven onder de auditplicht vallen. Daarnaast is het kabinet voorstander van een duidelijker regelgevingskader voor ondernemingen die in meerdere lidstaten actief zijn.

De Europese Commissie heeft in plaats van een aanpassing van de richtlijn voorgesteld om een «guidance document» op te stellen, waarin de knelpunten van lidstaten worden geadresseerd. Het kabinet is voorstander van het opstellen van een dergelijk document in plaats van een aanpassing van de richtlijn, mits de hierboven beschreven prioriteiten hierin voldoende geadresseerd worden.

De Commissie zal op korte termijn aangeven welke onderwerpen in het document worden opgenomen. Indien de aandachtspunten van Nederland niet naar voren komen, wil het kabinet alsnog bepleiten om de energie-audits in de onderhandelingen te betrekken. Ik zal uw Kamer hierover informeren in de reguliere voortgangsrapportage over de onderhandelingen binnen het Winterpakket.

De Minister van Economische Zaken, H.G.J. Kamp


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl.

X Noot
2

Kamerstuk 30 196, nr. 544.

X Noot
3

Kamerstuk 34 550 XII, nr. 45.