Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 16 mei 2017
Op grond van de richtlijn energie-efficiëntie (EED) moeten lidstaten driejaarlijks
een nationaal energie-efficiëntie actieplan (NEEAP) opstellen en bij de Europese Commissie
indienen. Hierbij informeer ik uw Kamer, mede namens de Minister van Binnenlandse
Zaken en Koninkrijksrelaties en de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu,
over het vierde nationale energie-efficiëntie actieplan (NEEAP4) dat Nederland aan
de Commissie heeft aangeboden. De nationale renovatiestrategie is onderdeel van het
NEEAP4. Tevens zijn het jaarverslag 2017 en de jaarlijkse rapportage inzake Warmtekrachtkoppeling
aan de Commissie verstuurd. De rapportages zijn als bijlagen bij deze brief gevoegd1.
Met het NEEAP4 en het jaarverslag informeert Nederland de Europese Commissie over
de implementatie van de bepalingen van de EED in nationale wetgeving en de tot nu
toe bereikte resultaten. Dit NEEAP4 bevat een overzicht van het reeds geïmplementeerde
energiebesparingsinstrumentarium. Onderdeel hiervan is een overzicht van de beleidsmaatregelen
die het kabinet inzet voor de verplichting van 1,5% besparing op het energie eindverbruik
uit artikel 7 van de EED.
De rapportage laat zien dat Nederland met het huidige en reeds voorgenomen energiebesparingsbeleid
op koers ligt voor het behalen van de Europese doelstellingen op het gebied van energie-efficiëntie.
Aanvullend op de doelen uit de EED heeft het kabinet in het Energieakkoord afspraken
gemaakt om te komen tot 100 PJ extra finale energiebesparing in 2020. Om dat te bereiken
is een aantal intensiveringen van het besparingsbeleid in gang gezet, zoals in de
industrie en de gebouwde omgeving.2
Het NEEAP4 bevat ook gegevens over de stand van zaken van de uitvoering van de energie-audits
voor grote ondernemingen. De energie-audit is een wettelijke verplichting die rechtstreeks
voortvloeit uit de bepalingen van de EED.
Het doel van de energie-auditverplichting is om bewustwording en inzicht in mogelijke
energiebesparingsmogelijkheden te creëren, zodat bedrijven en instellingen gestimuleerd
worden om meer maatregelen te treffen voor het besparen van energie. Ten behoeve van
de monitoring heeft de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland een eerste inventarisatie
gedaan van het aantal uitvoerde energie-audits. Uit deze inventarisatie komt naar
voren dat een meerderheid van de audit-plichtige bedrijven nog geen energie-audit
heeft uitgevoerd. Dit betekent dat de komende periode een groot aantal bedrijven alsnog
haar energie-audit zal moeten laten uitvoeren en voor moet leggen aan het bevoegd
gezag.
Het kabinet zet zich in om de uitvoering van de energie-audits te stimuleren. Daartoe
laat ik op korte termijn de uitvoering van de energie-audits evalueren. Naar verwachting
is deze evaluatie dit najaar gereed. Op basis van de uitkomst van de evaluatie zal
het kabinet eventuele verbetervoorstellen voor de nationale uitvoering van de audit-verplichting
opstellen. Het kabinet zal uw Kamer daarover dit najaar nader informeren, samen met
haar reactie op de aangehouden motie van het lid Van Veldhoven waarin de regering
werd verzocht om de verplichting tot energie-audits te koppelen aan de Wet milieubeheer.3
Voor de periode na 2020 zet het kabinet in op het verbeteren van de energie-auditverplichting
in het kader van de onderhandelingen over de herziening van de EED. Uw Kamer is hier
reeds over geïnformeerd in het BNC-fiche «Herziening richtlijn over energie-efficiëntie»
van 20 januari jl. (Kamerstuk 34 663, nr. 4). Zoals aangegeven in het BNC-fiche wil het kabinet de herziening van de EED benutten
om de uitvoerbaarheid van de energie-auditverplichting te verbeteren. Het kabinet
wil bijvoorbeeld de mogelijkheid krijgen om op nationaal niveau aanvullende minimumeisen
te kunnen stellen, om te bepalen welke bedrijven onder de auditplicht vallen. Daarnaast
is het kabinet voorstander van een duidelijker regelgevingskader voor ondernemingen
die in meerdere lidstaten actief zijn.
De Europese Commissie heeft in plaats van een aanpassing van de richtlijn voorgesteld
om een «guidance document» op te stellen, waarin de knelpunten van lidstaten worden
geadresseerd. Het kabinet is voorstander van het opstellen van een dergelijk document
in plaats van een aanpassing van de richtlijn, mits de hierboven beschreven prioriteiten
hierin voldoende geadresseerd worden.
De Commissie zal op korte termijn aangeven welke onderwerpen in het document worden
opgenomen. Indien de aandachtspunten van Nederland niet naar voren komen, wil het
kabinet alsnog bepleiten om de energie-audits in de onderhandelingen te betrekken.
Ik zal uw Kamer hierover informeren in de reguliere voortgangsrapportage over de onderhandelingen
binnen het Winterpakket.
De Minister van Economische Zaken, H.G.J. Kamp