Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2014-201531110 nr. 16

31 110 Justitieel Verslavingsbeleid

Nr. 16 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN VEILIGHEID EN JUSTITIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 16 oktober 2014

Hierbij bied ik u de Factsheet «Korte- en langetermijneffecten van de ISD-maatregel»1 en het rapport «De maatregel Inrichting Stelselmatige Daders (ISD); een maatschappelijke kosten-batenanalyse van een eventuele verlenging» aan2.

Inleiding

Het Wetenschappelijk Onderzoek en Documentatiecentrum (WODC) heeft in 2012 het onderzoeksrapport «Effecten van de ISD-maatregel» uitgebracht. Bij brief van 28 maart 2012 heb ik dit rapport aan uw Kamer aangeboden3. Het WODC heeft de afgelopen periode opnieuw het effect van de ISD-maatregel onderzocht. Het doel van het onderzoek was het repliceren van de vorige effectmeting, maar dan ook voor de uitstroom van de justitiabelen in 2009 en 2010 en een langere termijn voor het meten van de recidive voor ISD’ers uitgestroomd voor 2009.

Eén van de conclusies van het onderzoek naar de effecten van de ISD-maatregel in 2012 was dat de ISD-maatregel effectiever is in het reduceren van criminaliteit en recidive dan standaardvrijheidsstraffen voor stelselmatige daders. Dit rapport en de beleidsreactie is met uw Kamer besproken tijdens een Algemeen Overleg (AO) op 13 juni 2012 (Kamerstuk 29 270, nr. 69). Verschillende leden van uw Kamer gaven tijdens dit AO aan dat de termijn van twee jaar voor de ISD-maatregel in hun optiek in bepaalde gevallen onvoldoende mogelijkheden zou bieden voor een succesvolle behandeling van de veelpleger. Daarop heb ik de toezegging gedaan om onderzoek te laten doen naar de mogelijkheden van verlenging van de ISD-maatregel, waarbij het kosten-baten effect wordt meegewogen. Met de maatschappelijke kosten-batenanalyse naar een eventuele verlenging van de ISD-maatregel doe ik deze toezegging gestand.

Belangrijkste conclusies

Factsheet Korte- en langetermijneffecten ISD-maatregel

Uit het recente onderzoek naar de effectiviteit van de ISD-maatregel blijkt dat de maatregel in vergelijking tot een standaard vrijheidsstraf voor zeer actieve veelplegers tot minder recidivisten en tot minder strafzaken leidt.

De kans op recidive is significant lager onder de ex-ISD’ers in vergelijking met veelplegers die een standaard vrijheidsstraf opgelegd hebben gekregen: in vergelijking met de controlegroepen is volgens het onderzoek sprake van 11% minder recidivisten bij de ISD’ers die waren uitgestroomd voor 2009 en 9% minder recidivisten bij de ISD’ers die zijn uitgestroomd in 2009 en 2010. Naar schatting kwam 74% van de zeer actieve veelplegers binnen twee jaar na uitstroom uit de ISD opnieuw met justitie in aanraking wegen het plegen van een strafbaar feit. Van de ISD-ers uitgestroomd voor 2009 bleek zes jaar na beëindiging van de maatregel bijna 85% opnieuw in aanraking te zijn gekomen met justitie. 93% van de zeer actieve veelplegers uit de controlegroep had opnieuw een strafzaak gehad.

Door het incapacitatie-effect zijn naar schatting gemiddeld zo’n 5,4 strafzaken en 8,6 strafbare feiten voorkomen in de periode dat de zeer actieve veelplegers waren ingesloten. De voorkomen geregistreerde misdrijven betreffen hoofdzakelijk diefstal, woninginbraak, vernielingen en openbare orde misdrijven.

Rapport «De maatregel Inrichting Stelselmatige Daders (ISD); een maatschappelijke kosten-batenanalyse van een eventuele verlenging»

In een maatschappelijke kosten-batenanalyse (MKBA) worden de maatschappelijke kosten en baten van (voorgenomen) beleid voor de samenleving als geheel in kaart gebracht. De MKBA ziet op de maatschappelijke kosten en baten, wat inhoudt dat alle kosten en baten op het gebied van veiligheid, werk, inkomen, wonen en zorg zijn geschat.

De onderzoekers hebben 43 casussen van ISD-ers bestudeerd en over deze casussen gesproken met bij de ISD betrokken professionals, waaronder zorgprofessionals. Vervolgens is berekend wat de kosten en baten van een verlenging van de behandeling naar schatting zouden zijn. Daarbij zijn vijf alternatieven doorgerekend: een verlenging van de ISD-maatregel met een half jaar, een verlenging van de ISD-maatregel met een jaar, na afloop van de huidige ISD-maatregel een half jaar reclasseringstoezicht, na afloop van de huidige ISD-maatregel een jaar reclasseringstoezicht en eerder starten met de behandeling binnen de huidige ISD.

De kosten en baten van deze alternatieven zijn afgezet tegen de kosten en baten van de huidige ISD. Hierbij werd gebruik gemaakt van de onderzoeksresultaten van het nieuwe onderzoek naar de korte- en langetermijneffecten van de de ISD-maatregel dat ik u nu toestuur.

Uit het onderzoek komt naar voren dat nagenoeg alle bij de ISD betrokken professionals aangeven dat de verlenging van de ISD-maatregel in specifieke gevallen en onder bepaalde voorwaarden meerwaarde kan bieden bij het oplossen van de problematiek van ISD’ers. Bij ruim driekwart van de onderzochte casussen zijn zij van mening dat een verlenging van de maatregel, dan wel een reclasseringstoezicht na afloop van de huidige ISD-maatregel zeer zinvol zou zijn. Enerzijds om de behandeling en/of begeleiding van de ISD’er af te ronden, anderzijds als stok achter de deur.

Een verlenging van de ISD-maatregel met een jaar pakt in termen van kosten en baten gunstig uit: het voordeel van een dergelijke verlenging per gemiddelde ISD’er is door de onderzoekers geschat op 59.000 tot 107.000 euro, waarbij wordt aangenomen dat er een positief effect zal zijn op de recidive. Is dit niet het geval, dan is het nog steeds kosteneffectief: 2.000 tot 32.000 euro per ISD’er.

Beleidsreactie

Hoewel uit het nieuwe effectonderzoek naar de ISD-maatregel blijkt dat het percentage ex-ISD’ers dat na twee jaar recidiveert hoog is, is de kans op recidive nog steeds significant lager dan onder de zeer actieve veelplegers die een vrijheidsstraf opgelegd hebben gekregen. Hieruit concludeer ik dat de ISD-maatregel voor de doelgroep, die wordt gekenmerkt door complexe problematiek op velerlei terreinen, bruikbaar en significant effectief is.

Uit het onderzoek blijkt dat er nog geen significante verschillen zijn gevonden tussen de ISD-groep uitgestroomd voor 2009 en de groep die is uitgestroomd in 2009 en 2010. Ik vind het echter te vroeg om hieruit te concluderen dat de verbeterplannen voor de ISD die in 2009 zijn ingevoerd, geen extra effect zouden hebben op het reduceren van de recidive. De ISD’ers die zijn uitgestroomd in 2009 en 2010 hebben slechts gedeeltelijk baat gehad van de verbeterplannen. Door middel van volgende metingen blijf ik de effectiviteit van de ISD-maatregel monitoren.

Uit de maatschappelijke kosten-batenanalyse is gebleken dat een verlenging van de ISD-maatregel door professionals wordt gezien als een mogelijke oplossing voor de hardnekkige problematiek van de stelselmatige veelplegers. Nu uit de analyse is gebleken dat een verlenging van de maatregel, op welke manier dan ook, een positief financieel effect zal hebben, zullen de juridische mogelijkheden daartoe verder worden verkend. Ik ga nader bezien of door de duur van de maatregel te verlengen, of door reclasseringstoezicht na beëindiging van de maatregel mogelijk te maken, de recidive van de ISD’ers verder teruggebracht zou kunnen worden. De aanvullende verkenning naar de wenselijkheid, juridische mogelijkheden en de financiële implicaties van een verlenging van de ISD-maatregel zal de komende maanden plaatsvinden. Het is ook één van de thema’s op het ISD-symposium voor alle betrokken ketenpartners dat begin 2015 zal plaatsvinden. In de eerste helft van 2015 zal ik uw Kamer informeren over de uitkomsten van de verkenning.

De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, F. Teeven


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl

X Noot
2

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl

X Noot
3

Kamerstuk 31 110, nr. 13