nr. 4
VERSLAG
Vastgesteld op 11 september 2007
De vaste commissie voor Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer1, belast met het voorbereidend onderzoek van dit wetsvoorstel,
heeft de eer verslag uit te brengen van haar bevindingen. Het verslag behandelt
alleen die onderdelen waarover door de genoemde fracties inbreng is geleverd.
Onder het voorbehoud dat de regering de gestelde vragen tijdig en afdoende
zal hebben beantwoord, acht de commissie de openbare behandeling van dit wetsvoorstel
voldoende voorbereid.
| Inhoudsopgave | blz. |
| | | |
| 1. | Algemeen | 1 |
| 2. | Inleiding | 2 |
| 3. | Het PRTR-Protocol | 2 |
| 4. | Artikelsgewijze toelichting | 2 |
1. Algemeen
De leden van de CDA-fractie staan mede tegen de achtergrond van de totstandkomingsgeschiedenis
van het Protocol in principe positief tegenover het voorstel van de regering
om het Protocol betreffende registers inzake de uitstoot en overbrenging van
verontreinigende stoffen goed te keuren.
Dat neemt niet weg dat bij deze leden nog wensen leven ten aanzien van
de wijze van implementatie van dit Protocol in de Nederlandse wetgeving. Deze
wensen zijn verwoord in de schriftelijke inbreng bij wetsvoorstel 31 068.
Kortheidshalve wordt hiernaar verwezen. Vanwege de grote samenhang van beide
voorstellen stellen de leden van de CDA-fractie een gecombineerde behandeling
van beide voorstellen op prijs. Zij gaan ervan uit dat dit bij de regering
niet op onoverkomelijke bezwaren stuit.
De leden van de VVD-fractie hebben kennisgenomen van het wetsvoorstel.
De leden van de SP-fractie hebben eveneens met belangstelling kennis genomen
van het wetsvoorstel. Het Protocol streeft naar openbaarheid en
transparantie van emissies en overbrenging van verontreinigde stoffen.
Deze leden zijn van mening dat burgers en omwonenden het recht hebben op zoveel
mogelijk informatie over de gevolgen van industriële activiteiten en
bedrijvigheid voor het milieu. Aangezien er steeds meer internationale overbrenging
plaatsvindt is het wenselijk deze informatie internationaal te stroomlijnen.
De leden van de PVV-fractie hebben kennisgenomen van het wetsvoorstel.
Het instellen van een register inzake de uitstoot en overbrenging van
verontreinigende stoffen mag naar de mening van deze leden niet tot extra
lasten voor het Nederlandse bedrijfsleven leiden. Daarnaast moet het register
kosteloos en laagdrempelig te raadplegen zijn.
1. Inleiding (Alinea 1 in MvT)
De leden van de VVD-fractie constateren dat een onderdeel van het Protocol
is dat de inrichtingen waarop het Protocol van toepassing is, gegevens aanleveren
die worden opgenomen in het nationale PRTR. Daarbij is Nederland verplicht
om de door de inrichtingen geleverde gegevens door te geleiden aan de Europese
Commissie. Wat is het doel van deze doorlevering van gegevens van individuele
inrichtingen aan de Europese Commissie, anders dan controle op de nationale
PRTR van de lidstaten? Kan en zal de Commissie actie ondernemen op basis van
de aangeleverde gegevens van individuele inrichtingen? Zo ja, in welke gevallen?
3. Het PRTR-Protocol (Alinea 3 in Mvt)
De leden van de VVD-fractie wijzen erop dat de regering aangeeft dat verdragen
tot wijziging van de bijlagen bij het Protocol (die van uitvoerende aard zijn)
geen parlementaire goedkeuring behoeven, tenzij de Staten-Generaal zich thans
het recht van goedkeuring ter zake voorbehouden. Kan de regering drie inhoudelijke
redenen geven waarom de Staten-Generaal gebruik zouden moeten maken van dit
recht van goedkeuring van wijzigingen? En kan de regering eveneens drie inhoudelijke
redenen noemen, waarom de Staten-Generaal hiervan geen gebruik zouden moeten
maken?
4. Artikelsgewijze toelichting (Alinea 4 in MvT)
Art. 6
De leden van de SP-fractie hebben de volgende opmerkingen en vragen bij
enkele artikelen uit het wetsvoorstel. De informatie in het Protocol kan aanleiding
zijn voor strafrechtelijke vervolging van drijvers van inrichtingen die de
emissienormen overschrijden en of verontreinigde stoffen op onjuiste wijze
overbrengen. De leden van de SP-fractie zien dan ook veel meerwaarde in de
koppeling van de informatie aan de informatiesystemen van de VROM inspectie
en de registratiesystemen op grond van de EVOA richtlijn. Kan de regering
aangeven of zij dit ook wenselijk acht en in hoeverre het Protocol zich hiertoe
leent? Daarnaast kan de informatie de emissie van inrichtingen voor afvalbeheer
inzichtelijk maken. Ongewenste situaties, zoals rond de verwerking van loodaccu’s
in het Franse Bourg Fidele, kunnen zo voorkomen worden. Acht de regering het
mogelijk de openbaar gemaakte informatie te gebruiken voor het opstellen van
zwarte en witte lijsten met afvalverwerkings en -verwijderingsbedrijven?
Art. 9
De leden van de SP-fractie vragen de regering het begrip «Gepast»
nader toe te lichten zodat hierover geen verwarring kan ontstaan bij uitvoering
van het Protocol.
Art 11
De overbrenging van verontreinigde stoffen kan consequenties hebben voor
het welzijn van burgers in het ontvangende land. De leden van de SP-fractie
zijn van mening dat de informatie ook voor deze burgers openbaar moet zijn.
Voorziet het Protocol middels de koppeling aan informatie in andere landen
in deze openbaarheid? Is de informatie ook openbaar beschikbaar voor inwoners
van landen die het Protocol niet ratificeren? Zo neen, acht de regering dat
niet wenselijk?
De voorzitter van de commissie,
Koopmans
De adjunct-griffier van de commissie,
Lemaier
XNoot
1Samenstelling:
Leden: Van Gent (GL), Van der Staaij (SGP), Poppe (SP), Snijder-Hazelhoff
(VVD), ondervoorzitter, Depla (PvdA), Van Bochove (CDA), Koopmans (CDA), voorzitter,
Spies (CDA), Van der Ham (D66), Van Velzen (SP), Haverkamp (CDA), De Krom
(VVD), Samsom (PvdA), Roefs (PvdA), Neppérus (VVD), Van Leeuwen (SP),
Jansen (SP), Jacobi (PvdA), Van der Burg (VVD), Van Heugten (CDA), Vermeij
(PvdA), Madlener (PVV), Ouwehand (PvdD), Bilder (CDA) en Wiegman-van Meppelen
Scheppink (CU).
Plv. leden: Duyvendak (GL), Van der Vlies (SGP), Polderman (SP), Remkes
(VVD), Crone (PvdA), Hessels (CDA), Koppejan (CDA), Ormel (CDA), Koşer
Kaya (D66), Leijten (SP), Willemse-van der Ploeg (CDA), Kamp (VVD), Wolfsen
(PvdA), Vos (PvdA), Zijlstra (VVD), Langkamp (SP), Gerkens (SP), Waalkens
(PvdA), Van Beek (VVD), Schermers (CDA), Besselink (PvdA), Agema (PVV), Thieme
(PvdD), Vietsch (CDA) en Ortega-Martijn (CU).