31 066 Belastingdienst

Nr. 530 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 9 oktober 2019

Recent zijn er twee verzoeken vanuit de Tweede Kamer gedaan rondom CAF 11, waar ik in deze brief graag op in wil gaan.1 In de regeling van werkzaamheden van 24 september jl. is mij verzocht binnen twee weken een brief te sturen die ingaat op het handelen van de Belastingdienst rondom de CAF 11-zaak. Tevens is mij op 24 september 2019 door de vaste commissie voor Financiën verzocht om per ommegaande alle documenten te verstrekken over de CAF 11-zaak. Daarnaast ga ik in deze brief in op de motie Omtzigt die vraagt om uiterlijk 1 oktober een tussenrapportage te sturen.2

Juist vanwege de gevoeligheid in deze CAF 11-zaak en de versnipperde informatievoorziening is mij er bijzonder veel aan gelegen om u nu in één keer zo volledig en juist mogelijk te informeren. Zoals ik u in de brief van 20 september jl. heb laten weten, wordt er op dit moment gewerkt aan het in kaart brengen en het analyseren van alle beschikbaar gekomen informatie naar aanleiding van verzoeken van de Adviescommissie uitvoering toeslagen (de Adviescommissie), de ADR en een Wob-verzoek.3 Op basis van de analyse van al deze informatie wil ik uw Kamer nog in oktober op de hoogte stellen van het totaalbeeld dat hieruit naar voren komt. Ik streef ernaar om dit totaalbeeld te combineren met mijn reactie op het eerste advies van de Adviescommissie dat ik ook in oktober verwacht. De motie Omtzigt, die vraagt om een tussenrapportage, zal ik hierin meenemen, aangezien het eerste advies van de Adviescommissie op dit moment nog niet beschikbaar is.

Op basis van de kabinetsreactie mag u het volgende van mij verwachten:

  • a) een aanpak hoe ik gedupeerde ouders tegemoet kan komen,

  • b) met welke aanpak ik in de toekomst herhaling denk te voorkomen en,

  • c) een uitgebreide analyse en weging van alle beschikbaar gekomen informatie.

In de hierboven aangekondigde brief zal ik verder ingaan op de stukken die verzameld zijn in het kader van een omvangrijk Wob-verzoek dat ik thans in behandeling heb. Nu dit Wob-verzoek ziet op dezelfde informatie, geeft dit mij praktisch de gelegenheid om deze behandeling te combineren met de informatievoorziening aan de Kamer. Met de resultaten van deze behandeling ben ik in staat om ook in uw informatiebehoefte te voorzien. Tezamen met mijn aangekondigde brief zal ik u documenten doen toekomen die ook onderdeel zijn van dit Wob-verzoek. Ik verwacht dat u daarmee alle gevraagde informatie heeft ontvangen.

De Staatssecretaris van Financiën, M. Snel


X Noot
1

Handelingen II 2020/21, nr. 4, Regeling van Werkzaamheden en een commissieverzoek van 23 september 2019

X Noot
2

Kamerstuk 31 066, nr. 503.

X Noot
3

Kamerstuk 31 066, nr. 529.

Naar boven