Kamerstuk
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer | Datum brief |
|---|---|---|---|---|
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2007-2008 | 30872 nr. 8 |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer | Datum brief |
|---|---|---|---|---|
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2007-2008 | 30872 nr. 8 |
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 15 april 2008
Op 7 maart 2008 ontving ik van u een afschrift van een mail van het bedrijf N.N. inzake de uitvoering van de Verordening (EG) 1013/2006, verder aan te halen als EVOA (Europese Verordening betreffende de overbrenging van afvalstoffen) door SenterNovem. Die mail gaat in op een aantal door N.N. ervaren problemen die spelen bij het indienen van kennisgevingen bij SenterNovem. Op mijn verzoek heeft SenterNovem de aangevoerde problemen onderzocht en ik zal daar nader op ingaan. Alvorens ik dat doe, wil ik wat meer algemene opmerkingen maken over de werkwijze van SenterNovem.
In mijn ervaring is SenterNovem een laagdrempelige uitvoeringsorganisatie die zeer klantgericht werkt. SenterNovem geeft veel uitleg door middel van een telefonische helpdesk en een internetsite (www.uitvoeringafvalbeheer.nl). Ook komen bedrijven regelmatig bij SenterNovem op bezoek om informatie uit te wisselen over de EVOA en zaken te stroomlijnen. Voorts legt SenterNovem elk jaar een aantal bedrijfsbezoeken af, zodat de kennis omtrent over te brengen afvalstoffen wordt verbreed of verbeterd. Het is jammer dat de in deze casus ervaren problemen niet op een dergelijke manier zijn opgelost. Daarnaast kent SenterNovem overigens een formele klachtenprocedure. Het bedrijf N.N. heeft hier helaas geen gebruik van gemaakt.
In de afgelopen maanden heeft u vaker vragen gesteld over de uitvoeringspraktijk van de EVOA bij SenterNovem. SenterNovem voert in mijn opdracht de EVOA uit en is daarbij primair gebonden aan de tekst van de EVOA, het beleid als verwoord in het Landelijk Afvalbeheerplan 2002–2012 (hierna LAP) en aanwijzingen van mijn kant omtrent de uitvoering. Uiteraard kan het altijd gebeuren dat in een individuele casus zaken mislopen. In mijn perceptie is de door u aangevoerde casus echter een incident en niet exemplarisch voor het functioneren van SenterNovem. Ik baseer dit onder andere op klanttevredenheidsmetingen welke voor het laatst in 2006 zijn uitgevoerd. Wat mogelijk een oorzaak is dat bedrijven het afgelopen half jaar het indienen van een kennisgeving lastiger of ingewikkelder vinden, is de invoering van de nieuwe EVOA op 12 juli 2007. In mijn brief van 31 januari jl. (30 872/22 343, nr. 6) heb ik u de nieuwe procedures geschetst. Mede hierom is in 2007 geen klanttevredenheidsmeting uitgevoerd. In 2008 zal ik weer een klanttevredenheidsmeting laten uitvoeren.
Onderstaand ga ik meer specifiek in op de klachten die door N.N. worden geuit. Het betreft een drietal klachten:
1) Na verhuizing van het bedrijf moest N.N. een nieuwe kennisgeving doen.
2) Geschil over de indeling van de verwerkingshandeling R4 vs D9.
3) Inefficiënt en ineffectief proces rond dossiernummers: NL201037 t/m NL201042.
Ad 1)
N.N. is de mening toegedaan dat na een verhuizing binnen eenzelfde vestigingsplaats, een reeds bestaand kennisgevingsformulier aangepast had kunnen worden, omdat enkel de straat en de postcode gewijzigd dienden te worden.
In antwoord hierop merk ik op dat op grond van de EVOA (artikel 17) nadat een kennisgeving is ingediend alleen nog gegevens van ondergeschikte aard voor wijziging in aanmerking kunnen komen (bijvoorbeeld een vergissing in het jaartal of het opgegeven aantal tonnen of transporten). Gegevens die behoren tot de grondslag van de kennisgeving (gegevens over kennisgever, ontvanger, vertreklocatie, e.d.) komen na het indienen van een kennisgeving niet voor een wijziging in aanmerking. Indien in deze essentiële gegevens een wijziging moet worden aangebracht zal een nieuwe kennisgeving moeten worden ingediend.
Ad 2)
Door N.N. wordt ten aanzien van de afvoer van beitszuur naar een ONO gesteld dat VROM en SenterNovem deze handelingen ten onrechte als een verwijderingshandeling betitelen. Uit deze mail van N.N. zelf blijkt echter al dat het LAP en de jurisprudentie van de Raad van State aangeven dat een handeling voor verwijdering moet worden opgegeven. SenterNovem doet hier niet anders dan het LAP en de jurisprudentie volgen. Ik wil u tevens verwijzen naar de antwoorden welke ik op 1 juni 2007 (Aanhangsel Handelingen II, vergaderjaar 2006–2007, nr. 1722) aan u heb gezonden, waarin nader wordt ingegaan op de indeling van de handeling wanneer beitszuur wordt verwerkt in een ONO.
Ad 3)
N.N. schetst een aantal problemen rond kennisgevingen van een zestal identieke aanvragen voor een afvalstof welke al meer dan 10 jaar wordt hergebruikt.
Ik wil hierbij nogmaals opmerken dat de EVOA met ingang van 12 juli 2007 is gewijzigd waardoor de kennisgevingsprocedure anders verloopt dan in de jaren daarvoor.
De kern van de door N.N. ervaren problemen in het proces zijn:
a) onvoldoende coördinatie van de zes vergelijkbare procedures waardoor andere informatie moest worden opgeleverd
b) onduidelijke uitspraken van SenterNovem over het al dan niet aanpassen van de contracten
c) tegenstrijdige uitspraken van SenterNovem over wat in te vullen in vak 14
ad a)
Met uitzondering van dossier NL201 041 heeft voor de overige vijf dossiers steeds overleg plaatsgevonden tussen de betrokken projectadviseurs. Ik erken dat het beter ware geweest als de NL201 041 ook in deze reeks was behandeld. Omdat dossier NL 201 041 afzonderlijk is behandeld is hiervoor inderdaad een afzonderlijke fax met aanvullende vragen verstuurd (op 7 november 2007). De vragen met betrekking tot de andere dossiers zijn gebundeld in een fax van 8 november 2007. De twee faxen betroffen, op een detail na, overigens dezelfde vragen. Na telefonisch overleg met N.N. heeft SenterNovem deze fout binnen twee dagen hersteld en de vragen van de twee faxen gebundeld en de zes dossiers gelijk behandeld.
Ad b)
Indien een contract niet voldoet aan de vereisten van de EVOA wordt de kennisgever verzocht het contract aan te passen. Wat telefonisch gewisseld is, kan ik niet achterhalen. Op grond van de verzonden fax lijkt het echter niet waarschijnlijk dat telefonisch toegezegd is dat de contracten niet gewijzigd zouden hoeven te worden.
Ad c)
Ten aanzien van de Baselcode in vak 14 merk ik op dat een kennisgever weliswaar zijn informatie kan ontlenen aan de website van SenterNovem, maar dat er in het licht van de over te brengen afvalstof altijd de mogelijkheid is dat navraag wordt gedaan over de keuze voor de betreffende code indien SenterNovem daarover twijfels heeft. Uiteraard kan SenterNovem na het ontvangen van extra informatie tot de conclusie komen dat de ingevulde code correct was.
Ten aanzien van de opmerkingen welke gemaakt zouden zijn over overige codes in vak 14 is mij niet duidelijk geworden wat telefonisch is gewisseld. Overigens merk ik wel op dat het niet of verkeerd invullen van deze codes/nummer geen reden is voor SenterNovem om kennisgevingen niet door te zenden, niet in behandeling te nemen of negatief te beschikken.
Door N.N. is het proces als inefficiënt en ineffectief ervaren. Dit wordt deels veroorzaakt door ervaren discrepanties tussen telefonische uitspraken, die later herroepen zouden zijn dan wel in tegenspraak blijken met latere schriftelijke verzoeken en wordt daarnaast veroorzaakt door onbegrip over aanvullende vragen.
Als ik echter naar de feitelijke procesgang kijk ben ik niet van mening dat er sprake is van een inefficiënt en ineffectief proces. Na een valse start, heeft SenterNovem twee dagen na de eerste fax alle dossiers gecoördineerd behandeld. Uit het overzicht met N.N. blijkt dat daarna ook steeds contact is geweest met één behandelaar, die de verdere coördinatie binnen SenterNovem heeft verzorgd. Ook als ik kijk naar de doorlooptijden blijkt dat SenterNovem zeer snel reageert op informatie die door N.N. wordt aangeleverd. Dat het leveren van aanvullende informatie niet altijd hoeft te leiden tot een aanpassing (in deze casus van de Baselcode) maakt nog niet dat er sprake is van inefficiëntie. De aanvullende vragen die door SenterNovem zijn gesteld passen binnen het door de EVOA gestelde kader.
Vertrouwende u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-30872-8.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.