30 573 Migratiebeleid

Nr. 132 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN VEILIGHEID EN JUSTITIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 30 september 2015

Inleiding

In het Algemeen Overleg van 4 juni jl. heb ik toegezegd u vóór het einde van dit jaar te informeren over de wijziging van de toelatingsregeling voor buitenlandse investeerders en over de knelpunten in de start-up regeling en de toelatingsregeling voor zelfstandigen (Kamerstuk 19 637, nr. 2025). Met deze brief informeer ik u over de toelatingsregelingen over start-ups en zelfstandigen; over de toelatingsregeling voor buitenlandse investeerders informeer ik u later dit jaar.

1. Zelfstandigenregeling

Zoals ik uw Kamer in mijn brief van 2 februari 2015 heb bericht1, heeft de IND in 2014 ruim 1.000 aanvragen in het kader van de zelfstandigenregeling behandeld. Bijna 90% hiervan was ingediend door vreemdelingen met de Turkse nationaliteit. De IND wijst bijna alle aanvragen van deze vreemdelingen af. Voor het volledige beeld heb ik als bijlage bij deze brief een cijferoverzicht gevoegd van 2014. Analyse laat zien dat een groot deel van de afgehandelde aanvragen van Turkse zelfstandigen direct wordt afgewezen omdat de aanvraag niet volledig is, vaak omdat er geen ondernemingsplan is bijgevoegd. Het deel dat aan de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) voor advies wordt voorgelegd, wordt afgewezen omdat RVO van oordeel is dat de bedrijfsmatige activiteiten niet in een behoefte voorzien en/of een negatieve invloed hebben op de markteconomie of de werkgelegenheidssituatie. Gebleken is dat de meeste vreemdelingen met de Turkse nationaliteit als zelfstandige aan de slag willen in de bouwsector. In de bouwsector is (hoewel er een heel licht herstel te zien is) echter sprake van overcapaciteit bij bestaande ondernemingen alsmede van een grote werkloosheid onder zelfstandigen. Ter bescherming van de markt geeft de RVO in deze zaken daarom een negatief advies. Ik heb in voornoemde brief toegezegd de voorlichting te verbeteren. In ieder geval zal voor het einde van het jaar een brochure worden opgesteld voor deze specifieke doelgroep en zullen de aanvraagformulieren voor zelfstandigen verder worden verduidelijkt.

2. Start-up regeling

De start-up regeling is een nieuwe toelatingsregeling voor innovatieve, startende ondernemers van buiten de Europese Unie, die sinds 1 januari 2015 van kracht is. Het eerste half jaar van 2015 zijn er ongeveer 40 aanvragen ingediend en zijn er ongeveer 10 verblijfsvergunningen verleend. Mijn indruk is dat de regeling verwelkomd wordt; ik krijg positieve feedback van zowel ondernemers als facilitators. Nationaal en internationaal is er veel belangstelling voor de regeling. Nederland is wereldwijd een van de weinige landen die een toelatingsregeling kent voor start-ups en heeft daarmee een unieke positie. De regeling wordt begin 2017 geëvalueerd. Ik heb echter twee knelpunten geconstateerd, die ik al wil oplossen vóór de evaluatie. Het betreft a) de informatievoorziening en b) het vereiste om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) te hebben.

a) Informatievoorziening

Bij de inwerkingtreding van de regeling is informatie gepubliceerd op de website van de IND en de RVO over hoe de regeling werkt, wat de voorwaarden zijn en welke bewijsstukken overgelegd dienen te worden. Zoals vaak het geval is met nieuwe regelingen, zijn er altijd wel vragen die niet gedekt zijn door de beschikbaar gestelde informatie. Daarom is vanaf de start van de regeling bijgehouden welke vragen (vaak) worden gesteld met het doel een FAQ op te stellen. De IND publiceert deze FAQ op haar website.

b) Machtiging tot voorlopig verblijf

Vreemdelingen hebben in beginsel een mvv nodig om Nederland in te reizen. Zij moeten in het land van herkomst op de diplomatieke post in persoon de mvv-aanvraag indienen, zodat de overheid niet voor een voldongen feit wordt gesteld als de vreemdeling inreist zonder dat vast staat dat de vreemdeling in Nederland mag verblijven. Vervolgens moet de vreemdeling de mvv in persoon afhalen (vanwege identificatie, het afnemen van vingerafdrukken, het maken van een pasfoto en het overleggen van originele documenten).

Omdat de Vreemdelingenwet 2000 voorschrijft dat het indienen van een mvv-aanvraag in persoon moet geschieden, kan een gemachtigde dit niet doen. De enige uitzondering op het in persoon indienen op de post geldt voor verblijfsdoelen die een referent kennen (bijvoorbeeld kennismigratie, studie of gezinsmigratie). Startende ondernemers moeten wel een begeleider c.q. facilitator hebben, maar deze is geen referent, heeft daarom niet dezelfde rechten en plichten en kan ook niet als zodanig optreden.

Vreemdelingen die toegelaten willen worden tot het begeleidingsprogramma van de facilitator moeten vaak in Nederland eerst enkele (administratieve) zaken regelen, zoals het presenteren van de ideeën bij de facilitator («pitchen») en het oprichten van een B.V. bij een Nederlandse notaris. Deze zaken worden door de visumplichtige vreemdelingen gedaan op basis van een visum kort verblijf omdat deze zaken enkel in Nederland te regelen zijn. Nadat ze toegelaten zijn tot een facilitator voldoen ze aan de voorwaarden van de verblijfsvergunning en kunnen ze een mvv aanvragen als startende ondernemer. Echter, omdat het begeleidingsprogramma meestal meteen van start gaat, moet de vreemdeling (met het geldige visum) twee keer heen en weer reizen (om de mvv aan te vragen en de mvv af te halen). Dit vormt een serieuze belemmering voor de voortgang van het programma en de intensieve begeleiding van de start-up. Van een derde van de aanvragers heb ik signalen ontvangen dat het mvv-vereiste een knelpunt vormt. Ik wil deze onwenselijke drempel wegnemen door met ingang van 1 oktober 2015 in de Vreemdelingencirculaire 2000 te regelen dat zij vrijstelling krijgen van het mvv-vereiste als verder voldaan wordt aan alle voorwaarden voor het verlenen van de verblijfsvergunning als start-up.

De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, K.H.D.M. Dijkhoff

Bijlage: aanvragen verblijfsvergunning als zelfstandige (eerste toelating)

Arbeid als zelfstandige

 

2014

 

Inwilligingen

10

Turkse nationaliteit

Afwijzingen

870

 

Overige afd.

60

 

Totaal afhandelingen

940

 

Inw.%

1%

 

Inwilligingen

20

Overige nationaliteiten

Afwijzingen

60

 

Overige afd.

10

 

Totaal afhandelingen

90

 

Inw.%

17%

 

Inwilligingen

20

Alle nationaliteiten

Afwijzingen

930

 

Overige afd.

70

 

Totaal afhandelingen

1030

 

Inw.%

2%

     

Zelfst. Ned-Jap handelsverdrag

 

2014

 

Inwilligingen

30

Alle nationaliteiten

Afwijzingen

<5

 

Overige afd.

0

 

Totaal afhandelingen

30

 

Inw.%

97%

     

Zelfstandige VS-NL verdrag

 

2014

 

Inwilligingen

140

Alle nationaliteiten

Afwijzingen

10

 

Overige afd.

10

 

Totaal afhandelingen

160

 

Inw.%

86%

Cijfers afgerond op tientallen.

Bron: IND


X Noot
1

Zie Kamerstuk 30 573, nr. 130.

Naar boven