Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummerDatum brief
Tweede Kamer der Staten-Generaal2007-200830551 nr. 22

30 551
Wijziging van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek in verband met verkorting van de adoptieprocedure en wijziging van de Wet opneming buitenlandse kinderen ter adoptie in verband met adoptie door echtgenoten van gelijk geslacht tezamen

nr. 22
BRIEF VAN DE MINISTER VAN JUSTITIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 12 augustus 2008

Hierbij informeer ik u nader over de stand van zaken met betrekking tot de kabinetsreactie op het rapport «Lesbisch ouderschap» van de Commissie Kalsbeek. In mijn brief aan de Eerste Kamer van 11 april 2008 (30 551; nr. 21) heb ik aangegeven dat er een verband bestaat tussen het wetsvoorstel tot verkorting van de adoptieprocedure en adoptie door echtgenoten van gelijk geslacht tezamen (30 551) en deze kabinetsreactie. De aanbevelingen van de Commissie Kalsbeek kunnen immers, zoals de Commissie ook aangeeft, gevolgen hebben voor de wijze waarop de behandeling van het genoemde wetsvoorstel wordt voortgezet.

Het kabinet heeft besloten om de adviezen van de commissie Kalsbeek op hoofdlijnen uit te voeren. Een belangrijke overweging daarbij is geweest dat het denken over het juridisch ouderschap zich in de loop der jaren heeft ontwikkeld van een strikt op biologische verhoudingen gerichte rechtsfiguur – men denke aan de aloude «wettiging» van kinderen – tot een meeromvattende regeling waarin ook plaats is voor anderen dan de biologische ouders die bereid zijn het juridisch ouderschap te aanvaarden. De wet heeft ruimte geboden voor die ontwikkeling. De rechtsfiguur erkenning kan aldus worden toegepast in gevallen waarbij wordt geabstraheerd van het biologische ouderschap.

In de uitwerking staat het belang van het kind centraal. Dat leidt tot het volgende:

• Juridisch ouderschap zonder tussenkomst van de rechter wordt mogelijk gemaakt voor de duomoeder. Bij de vormgeving zal uitdrukkelijk aandacht zijn voor de positie van de biologische vader met family life als bedoeld in artikel 8 Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) en het recht van het kind op informatie over zijn afstamming. Daartoe zal ik in de voorbereidende fase van het wetsvoorstel advies inwinnen van deskundigen op het gebied van het EVRM, opdat de rechten van alle betrokkenen in een regeling zo evenwichtig mogelijk kunnen worden beschermd;

• Voor gehuwde of geregistreerde lesbische paren die gebruik hebben gemaakt van een donor in de zin van de Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting, wordt het ouderschap van rechtswege geïntroduceerd. Het punt van de biologische vader met family life speelt dan niet, en afstammingsinformatie is beschikbaar onder de voorwaarden van de Wet donorgegevens.

De Commissie Kalsbeek adviseerde de versoepeling van de adoptieregels zoals voorzien in wetsvoorstel 30 551 terug te draaien in het geval de erkenning voor de duomoeder mogelijk wordt. Mede gelet op de tijd die gemoeid zal zijn met de voorbereidingen van een nieuw voorstel, acht ik het wenselijk nu reeds een voorziening voor de duomoeders te treffen in de vorm van de versoepeling van de adoptieregels. De behandeling van wetsvoorstel 30 551 zal daarom met voortvarendheid worden voortgezet.

De minister van Justitie,

E. M. H. Hirsch Ballin