30 196 Duurzame ontwikkeling en beleid

Nr. 116 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN, LANDBOUW EN INNOVATIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 8 november 2010

Op 26 oktober (kenmerk 2010Z15285/2010D41374) heeft uw vaste commissie voor Economische Zaken mij verzocht in te gaan op het voornemen van Nuon om de Helianthos zonnecelfabriek in Arnhem te sluiten of te verkopen. Ik heb hierover contact gehad met Nuon en de provincie Gelderland om mij te informeren over de situatie. In deze brief treft u mijn reactie op uw verzoek.

Helianthos ontwikkelt sinds 1997 een zonnecel op een dunne kunststoffolie, die in de toekomst mogelijk forse kostenvoordelen kan bieden. Om de huidige proeffabriek op te schalen naar grootschalige productie is een forse investering nodig van minimaal € 200 miljoen euro. Voor het kunnen zetten van deze stap is Nuon daarom op zoek naar een geschikte investeringspartner. De verwachting is dat daar binnen enkele weken tot enkele maanden duidelijkheid over zal bestaan.

Met de verkoop van Nuon in 2009 aan het Zweedse Vattenfall zijn afspraken gemaakt over de duurzaamheidstrategie van het bedrijf. Tijdens de aandelenoverdracht is een stichting in het leven geroepen die toeziet op het nakomen van deze afspraken. Beleid op het gebied van zonne-energie en het bedrijf Helianthos worden in deze overeenkomst niet genoemd. De stichting heeft aangegeven daarom ook geen rol te spelen in de mogelijke toekomst van Helianthos.

De ontwikkelingen rondom Helianthos volg ik op de voet, omdat ik het belangrijk vind dat projecten zoals Helianthos kunnen leiden tot werkgelegenheid in Nederland. Tegelijkertijd moet ik concluderen dat het een bedrijfseconomische beslissing betreft, waarin ik niet kan en wil treden. Wel zijn vanaf 1997 door het Ministerie van Economische Zaken diverse subsidies toegekend aan Helianthos met een totaal van € 20,6 miljoen. Daarvan staat € 17,3 miljoen in rechte vast. Met betrekking tot het resterende deel zal ik bezien in hoeverre de toekomstige ontwikkelingen met betrekking tot Helianthos tot gevolg hebben dat aan de subsidie verbonden verplichtingen niet worden nagekomen. Indien er daadwerkelijk sprake zal zijn van het niet nakomen van subsidieverplichtingen, zal ik bezien in hoeverre er aanleiding is voor het nemen van maatregelen.

De minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie,

M. J. M. Verhagen

Naar boven