29 689 Herziening Zorgstelsel

34 104 Langdurige zorg

Nr. 1168 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 27 september 2022

Met deze brief informeer ik u, mede namens de Minister voor Langdurige Zorg en Sport, over de tussentijdse aanpassing van de gereguleerde tarieven, budgetten en vergoedingsbedragen die de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) heeft vastgesteld voor 2023 voor de Wet langdurige zorg (Wlz) en de Zorgverzekeringswet (Zvw).

De NZa stelt jaarlijks de (maximum)tarieven vast in het voorjaar, zodat zorgaanbieders en zorginkopers deze tijdig kennen met het oog op hun contractonderhandelingen voor het aankomende jaar. In de tarieven voor 2023 die de NZa eerder heeft vastgesteld, is rekening gehouden met de loon- en prijsontwikkeling die het Centraal Planbureau (CPB) voorzag in het Centraal Economisch Plan (CEP) in maart jl. Sinds dat moment zijn de lonen en prijzen fors aangepast en derhalve ook de ramingen. VWS houdt in de uitgavenramingen voor 2023 van de Wlz en de Zvw, maar ook bij de vaststelling van het Wlz-kader en het macroprestatiebedrag voor de Zvw rekening met de door het CPB geraamde lonen en prijzen in de Macro Economische Verkenning van september 2022 (MEV 2023) (bijlage bij Kamerstuk 36 200, nr. 2). Om deze wijziging ook te vertalen naar de Wlz en de Zvw is de NZa gevraagd de hogere ramingen alsnog tussentijds in de tarieven te verwerken.

Normaliter verschillen de geraamde lonen en prijzen tussen maart (CEP) en september (MEV) niet in de mate waarin dat nu het geval is. Vanwege deze uitzonderlijke situatie en het feit dat de uitgavenramingen voor de Wlz en de Zvw worden bijgesteld met de loon- en prijsontwikkeling op basis van de MEV 2023, heb ik de NZa verzocht om voor de Wlz en de Zvw tussentijds alle (gereguleerde) budgetten, vergoedingsbedragen en tarieven voor 2023 aan te passen aan de geraamde lonen en prijzen op basis van de MEV 2023. Deze verhoging is mogelijk binnen de budgettaire ruimte op grond van de reguliere systematiek van loon- en prijsindexatie van de uitgavenramingen voor de Wlz en de Zvw.

De aldus aan te passen (maximum)tarieven in de Wlz en de Zvw maken het mogelijk dat de vergoeding voor hogere prijzen en de hogere overheidsbijdrage in de arbeidskostenontwikkeling (ova) in 2023 bij aanbieders terecht kan komen.

Ook de tarieven voor pgb in de Wlz en de Zvw worden geactualiseerd op basis van de ramingen in de MEV via wijzigingen van de Regeling langdurige zorg resp. de Regeling zorgverzekering.

Door de tarieven voor 2023 tussentijds te verhogen op basis van de MEV wordt voorkomen dat zorgaanbieders en de budgethouders in de Wlz en de Zvw pas vanaf 2024 worden gecompenseerd voor de thans voorziene stijging van lonen en prijzen in 2022 en 2023. Dit vraagt van zorginkopers in de Wlz en de Zvw dat zij de hogere budgettaire ruimte ook doorvertalen naar hogere tarieven bij de zorginkoop.

Ik vertrouw erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, E.J. Kuipers

Naar boven