Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-202029683 nr. 250

29 683 Dierziektebeleid

Nr. 250 BRIEF VAN DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN VOEDSELKWALITEIT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 20 september 2019

Hierbij informeer ik u naar aanleiding van uw vraag over het bericht in het Algemeen Dagblad van 26 juni jl. over de recente zeehondensterfte, zoals ik u heb toegezegd tijdens het Algemeen Overleg Wadden van 26 juni jl. Tevens informeer ik u over de voortgang van het met partijen op te stellen zeehondenakkoord.

Ik heb Wageningen Marine Research (WMR) gevraagd om een expert judgement te geven op basis van informatie van een aantal betrokken Nederlandse wetenschappelijke experts, de Nederlandse zeehondencentra en experts in de Trilateraal Waddenzee samenwerking rondom zeehonden. Tevens heb ik WMR gevraagd om onderzoek te laten verrichten naar de doodsoorzaak van drie recent overleden zeehondenpups.

Uitslag expert judgement en onderzoek

De expert judgement geeft aan dat de Nederlandse deskundigen geen ander beeld hebben van het aantal strandingen van zeehonden, inclusief de pups, dan voorgaande jaren. Ook in de Duitse en Deense Waddenzee is tot nu toe geen verhoogde sterfte waargenomen in 2019 of zijn er afwijkende strandingen in vergelijking met eerdere jaren. Hieruit kan geconcludeerd worden dat er nu, halverwege het pupseizoen en op basis van het beeld van de deskundigen, geen indicatie is dat er dit jaar meer dode pups stranden dan voorgaande jaren.

Het onderzoek naar de doodsoorzaak van drie recent overleden pups heeft geen afwijkend beeld opgeleverd. In twee gevallen is de doodsoorzaak waarschijnlijk vermagering. In één geval is de doodsoorzaak waarschijnlijk te wijten aan verwondingen aan de schedel. In geen van de drie gevallen zijn er aanwijzingen gevonden voor mogelijke infecties.

Beide beknopte rapportages vindt u in de bijlagen1.

Populatie en monitoring

In het Algemeen Overleg Wadden van 26 juni jl. (Kamerstuk 29 684, nr. 187) heb ik aangegeven dat het goed gaat met de populaties zeehonden in Nederland. Ik hou de ontwikkeling van de populatie goed in de gaten middels monitoring. Er is een langjarig monitoringprogramma dat de populaties nauwkeurig volgt.

Voortgang zeehondenakkoord

Uw Kamer heeft mij gevraagd (Kamerstuk 33 576, nr. 153) om mij in te spannen alle relevante partijen opnieuw aan tafel te krijgen ten behoeve van een breed gedragen zeehondenakkoord. Zoals u weet, werkt mevrouw Schokker met partijen aan een zeehondenakkoord. Eerder heeft een aantal partijen de gesprekken gestaakt. Mevrouw Schokker heeft de afgelopen maanden diverse gesprekken gevoerd met alle partijen. Dat heeft erin geresulteerd dat inmiddels alle relevante partijen weer aan tafel zitten. Hiermee heb ik invulling gegeven aan uw verzoek. Mevrouw Schokker heeft aangegeven dat zij verwacht aan het einde van dit jaar met partijen tot een zeehondenakkoord te kunnen komen.

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, C.J. Schouten


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl