nr. 12
BRIEF VAN DE MINISTERS VAN VERKEER EN WATERSTAAT EN VAN VOLKSHUISVESTING,
RUIMTELIJKE ORDENING EN MILIEUBEHEER
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 31 augustus 2005
Hierbij sturen wij u het Kabinetsstandpunt (PKB deel III) inzake de Nota
Mobiliteit. Dit kabinetsstandpunt doorloopt de procedure van de Planologische
kernbeslissing, zoals aangegeven in artikel 2a van de Wet op de Ruimtelijke
Ordening. Daarnaast wordt de procedure voor de totstandkoming van de Nota
Mobiliteit gereguleerd door de Planwet Verkeer en Vervoer.
Met de Nota Mobiliteit sturen wij u ook Uitvoeringsagenda van de Nota
Mobiliteit, de Resultaten inspraak & advies en bestuurlijk overleg (PKB-deel
II) en het eindrapport van de werkgroep Gebruiksvergoedingen Goederenvervoer.
Nota Mobiliteit: Naar een betrouwbare en voorspelbare
bereikbaarheid
De Nota Mobiliteit werkt de ruimtelijke strategie voor verkeer en vervoer,
zoals beschreven in de Nota Ruimte, nader uit en geeft hoofdlijnen van het
nationale verkeers- en vervoersbeleid voor de periode tot en met 2020. Centraal
staat dat mobiliteit een noodzakelijke voorwaarde is voor economische en sociale
ontwikkeling. Een goed functionerend systeem voor personen- en goederenvervoer
en een betrouwbare bereikbaarheid zijn essentieel om de economie en de internationale
concurrentiepositie van Nederland te versterken. Met het beleid van de Nota
Mobiliteit verbetert ook de verkeersveiligheid en wordt bijgedragen aan het
realiseren van (inter)nationale wettelijke en beleidsmatige doelen en eisen
op het gebied van de kwaliteit van de leefomgeving.
De Nota Mobiliteit PKB deel I «het beleidsvoornemen» heeft
gedurende de periode van 18 oktober tot 31 december 2004 ter inzage
gelegen. Uit de inspraakreacties blijkt dat de algemene visie
van het beleidsvoornemen door de insprekers wordt gedeeld. De inspraakreacties
zijn samen met de adviezen van de Sociaal Economische Raad, de Raad voor Verkeer
en Waterstaat en het verslag van de Overlegorganen Verkeer en Waterstaat gebundeld
in PKB deel II «Resultaten Inspraak en advies». In de Nota Mobiliteit
PKB deel III, heeft het Kabinet, mede op basis van de inspraakreacties en
de adviezen zijn standpunt bepaald. Ten opzichte van de PKB deel I (het beleidsvoornemen)
zijn met name de volgende onderdelen verder uitgewerkt: de visie op het openbaar
vervoer, de versnelling van de aanleg van infrastructuur, anders betalen voor
mobiliteit, luchtkwaliteit, mobiliteitsmanagement en innovatie. Voor wat betreft
de onderdelen anders betalen voor mobiliteit en de visie op het openbaar vervoer
heeft het kabinet de aanbevelingen van de commissies onder de leiding van
de heren Nouwen respectievelijk Winsemius in hoofdlijnen overgenomen.
Decentrale overheden ondersteunen inzet Nota Mobiliteit
De Nota Mobiliteit is in nauwe samenwerking met de bestuurlijke partners
uit het Nationaal Mobiliteitsberaad tot stand gekomen. In het afrondend bestuurlijk
overleg op 9 juni 2005 hebben de decentrale overheden met de hoofdlijnen
van de Nota Mobiliteit ingestemd en hebben ze de ingezette weg van verdere
decentralisatie ondersteund. De decentrale overheden wijzen er nadrukkelijk
op dat de uitkomsten van de netwerkanalyses meegenomen moeten worden bij de
tussentijdse evaluatie van de BDU in 2007 en dat de infrastructuurplanning
niet tot 2020 moet worden «dichtgetimmerd».
Uitvoeringsagenda: van Nota naar Mobiliteit
Om stapsgewijs de werkwijze en de doelstellingen uit de Nota Mobiliteit
te realiseren, is een Uitvoeringsagenda opgesteld. In deze agenda staat hoe
de overheden samen met bedrijven, burgers, maatschappelijke organisaties en
kennisinstellingen uitvoering willen geven van het in de Nota Mobiliteit geschetste
beleid.
De Uitvoeringsagenda beschrijft concreet welke overheden de komende jaren
wat gaan doen. Jaarlijks wordt over de voortgang van de uitvoering gerapporteerd.
Deze rapportage vormt de basis voor het overleg met de Tweede Kamer, de decentrale
overheden, de marktpartijen en maatschappelijke organisaties.
Interdepartementaal Beleidsonderzoek Gebruiksvergoedingen
Goederenvervoer
In het Interdepartementaal Beleidsonderzoek gebruiksvergoedingen goederenvervoer
zijn de lange-termijneffecten onderzocht van gebruiksvergoedingen voor het
goederenvervoer over weg, water en spoor voor de kosten van beheer en onderhoud
van rijksinfrastructuur. De kabinetsreactie volgt in een later stadium.
Conclusie
Het kabinet is van mening dat met de in deel III van de Nota Mobiliteit
beschreven beleidsvoorstellen er een gedegen en onderbouwd Nationaal Verkeers-
en Vervoersplan ligt voor de komende 15 jaar.
De Minister van Verkeer en Waterstaat,
Karla Peijs
De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,
Sybilla M. Dekker