29 517 Veiligheidsregio’s

Nr. 81 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VEILIGHEID EN JUSTITIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 10 februari 2014

Op verzoek van uw Kamer geef ik mijn reactie op het onderzoek van Een Vandaag en Abvakabo FNV over de veiligheid voor burgers en brandweerlieden.

Naar aanleiding van de uitzending d.d. 2 januari jl. van EenVandaag over deze enquête heb ik eerder Kamervragen van het lid Wolbert (PvdA), (ingezonden op 3 januari 2014), ontvangen en beantwoord (Aanhangsel Handelingen II 2013/14, nr. 1203).

De belangrijkste uitkomsten van de enquête waren de volgende:

  • 75% van de ondervraagde brandweerlieden vindt dat de veiligheid van de burgers is afgenomen door de regionalisering (en de bezuinigingen)

  • 56% vindt de managementlaag te groot en 40% heeft last van bureaucratie

  • 35% van de vrijwilligers ervaart meer werkdruk na de regionalisering

  • 82% beroepspersoneel vindt dat de korpsleiding onvoldoende op de werkvloer luistert.

Het thema van de enquête, veiligheid voor burgers en brandweerlieden, heeft mijn bijzondere aandacht. De uitkomsten van de enquête van EenVandaag hebben mij verbaasd. In aanvulling op de beantwoording van de eerdere Kamervragen, kom ik tot de volgende reactie.

Met de vorming van de veiligheidsregio’s en de regionalisering van de brandweer is gekozen voor een verandering in de aanpak. Dat gaat gepaard met wijzigingen in aansturing en bedrijfsvoering. Het betekent ook afscheid nemen van zaken die jarenlang op een bepaalde wijze waren georganiseerd. Vanzelfsprekend brengt dat ook onrust en onzekerheid met zich mee. Dan is juist de betrokkenheid van het personeel van essentieel belang is. Dat wordt op verschillende manieren bewerkstelligd. Brandweer Nederland en het Veiligheidsberaad hebben mij aangegeven dat de verbetering van de organisatie een continu proces is waarbij de medewerkers op allerlei wijzen betrokken worden, afhankelijk van de fase en de aard van de verbetering.

Dit vindt plaats door middel van bijeenkomsten, enquêtes, formele en informele overleggen, en vooral door een goede positionering van de medezeggenschap. Dat geldt voor zowel de beroeps- als ook de vrijwillige brandweermensen.

Belangrijk voor mij is dat het personeel ook in een op nieuwe leest geschoeide, regionale setting, zich thuis voelt in die organisatie.

De Minister van Veiligheid en Justitie, I.W. Opstelten

Naar boven