Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 27 februari 2026
Naar aanleiding van de vraag van het Kamerlid Ten Hove tijdens de regeling van werkzaamheden
van 27 januari 2026 heeft de Kamer verzocht schriftelijk te reageren op het artikel
dat op zaterdag 24 januari is verschenen in De Gooi- en Eemlander1. Hierin wordt onder andere geschetst dat de inzet van de hulpverlening bij een brand
bij woonzorgcentrum Godelinde in Bussum op 16 december van het afgelopen jaar volgens
betrokkenen achter de schermen chaotisch verliep. Volgens het artikel kwam dit doordat
de meldkamer ambulancezorg momenteel vanwege een pilot in het kader van zorgcoördinatie
niet op de gezamenlijke meldkamer in Hilversum gesitueerd is, maar in Almere. De pilot
in Almere is één van de twee lopende pilots die in 2025 gestart zijn om verschillende
wijzen van aansluiting tussen zorgcoördinatie en de meldkamerfunctie ambulancezorg
te onderzoeken.2
Evaluatie inzet hulpverlening bij de brand in Godelinde
Er heeft nog geen formele evaluatie plaatsgevonden. De betrokken Regionale Ambulance
Voorzieningen (RAV’s) en veiligheidsregio’s hebben besloten het incident multidisciplinair
te evalueren onder onafhankelijke begeleiding. Deze evaluatie zal zich concentreren
op de melding, alarmering, opschaling en informatie-uitwisseling tussen de meldkamers
van politie, brandweer en ambulancezorg. Er is nog geen planning bekend.
Zodra de kwaliteit of veiligheid van zorg of de continuïteit van meldkamerzorg (mogelijk)
in het gedrang komt door de uitvoering van de pilot, kunnen de Inspectie Gezondheidszorg
en Jeugd (IGJ) en de Inspectie Justitie en Veiligheid ingrijpen conform hun reguliere
toezichtsrol. Er zijn op dit moment geen signalen bekend dat hier sprake van is geweest
in deze situatie.
Vervolg
De evaluatie en de ervaringen van de betrokken medewerkers zullen worden meegenomen
in de monitoring van de pilots. Juist de evaluatie van multidisciplinaire en opgeschaalde
inzetten zoals deze, geeft inzicht in de effecten op de samenwerking tussen partijen,
en is expliciet onderdeel van deze pilotfase. Begin 2027 zal naar aanleiding van deze
monitoring een onderzoeksrapport worden opgesteld op basis waarvan het kabinet kan
besluiten welke eventuele gevolgen de uitkomsten van de pilots hebben op de meldkamersamenwerking.
De Kamer zal tevens tussentijds worden geïnformeerd wanneer uit de evaluatie of monitoring
van de pilots zaken naar voren komen die relevant zijn voor de voortgang van de pilots.
Naar aanleiding van de motie van het lid Michon-Derkzen3 worden geen onomkeerbare wijzigingen doorgevoerd in de organisatie van de meldkamerfunctie
ambulancezorg, voordat de Tweede Kamer hierover uitdrukkelijk is geïnformeerd.
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
S.Th.M. Hermans