Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2013-201429446 nr. 87

29 446 Uitvoering Flora- en Faunawet

Nr. 87 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 18 maart 2014

In mijn brief van 6 december 2013 (Kamerstuk 29 446, nr. 86) heb ik u geïnformeerd over de gevolgen van twee uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State voor de uitvoering van beheer en schadebestrijding. Het oordeel van de Afdeling was dat de Benelux-overeenkomst Jacht en Vogelbescherming M(1970)7 ook toegepast moet worden op handelingen in het kader van beheer en schadebestrijding. Als gevolg van deze uitleg konden gedeputeerde staten niet langer ontheffingen verlenen van de Flora- en faunawet voor de bestrijding van schadeveroorzakende dieren, behorende tot de in de overeenkomst aangewezen vogel- en zoogdiersoorten.

In de afgelopen maanden heb ik afspraken gemaakt met de andere Benelux-landen over de aanpak van de ontstane problematiek. Aan de Secretaris-generaal van de Benelux Unie is medegedeeld dat provincies in dringende gevallen maatregelen zouden treffen in afwijking van de Benelux-overeenkomst. Conform de voorwaarden in artikel 13, tweede lid, van de Benelux-overeenkomst zouden de maatregelen niet langer dan 3 maanden (tot uiterlijk 10 maart 2014) gelden.

Voorts heb ik het Comité van Ministers van de Benelux Unie verzocht om toestemming te verlenen voor het voornemen van Nederland om de praktijk van beheer en schadebestrijding voort te zetten conform de kaders van de Flora- en faunawet, indien nodig, in afwijking van de relevante bepalingen van de Benelux-overeenkomst Jacht en Vogelbescherming. Het Comité van Ministers heeft deze toestemming verleend in zijn Beschikking van 5 maart 2014 (zie de bijlage1). In de beschikking staat dat lidstaten het Secretariaat-generaal van de Benelux Unie in kennis stellen van de afwijkingen die zij toestaan op basis van de beschikking. Het Nederlandse verzoek dat aan de beschikking ten grondslag ligt, geldt als de Nederlandse kennisgeving in de zin van de beschikking.

De Benelux-overeenkomst is niet bedoeld om regels te stellen over de uitvoering van beheer en schadebestrijding. Dit uitgangspunt moet beter in de Benelux-overeenkomst verankerd worden. Het secretariaat-generaal van de Benelux Unie bereidt momenteel een voorstel voor (Protocol tot wijziging). Nadat de lidstaten onderling overeenstemming hebben bereikt, wordt het voorstel ter ondertekening voorgelegd aan het Comité van Ministers. Een wijzigingsprotocol treedt pas in werking als het is geratificeerd door de nationale parlementen. Het secretariaat zal zijn voorstellen naar verwachting in april presenteren en de delegaties van de Benelux-partners om hun standpunt vragen. Ik zal de Kamer op een later moment informeren over mijn standpunt.

De Staatssecretaris van Economische Zaken, S.A.M. Dijksma


X Noot
1

Ter inzage gelegd bij het Centraal Informatiepunt Tweede Kamer