Kamerstuk
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 2021-2022 | 29362 nr. I |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Eerste Kamer der Staten-Generaal | 2021-2022 | 29362 nr. I |
Vastgesteld 22 maart 2022
De vaste commissie voor Binnenlandse Zaken en de Hoge Colleges van Staat / Algemene Zaken en Huis van de Koning1 heeft tijdens de commissievergadering van 8 februari 2022 haar leden gelegenheid gegeven tot het stellen van vragen over het Interbestuurlijk programma (IBP). De leden van de fractie van de PVV hebben van de geboden mogelijkheid gebruikgemaakt.
Naar aanleiding hiervan is op 16 februari 2022 een brief gestuurd aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
De Minister heeft op 22 maart 2022 gereageerd.
De commissie brengt bijgaand verslag uit van het gevoerde nader schriftelijk overleg.
De griffier van de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken en de Hoge Colleges van Staat / Algemene Zaken en Huis van de Koning, Bergman
Aan Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Den Haag, 16 februari 2022
De vaste commissie voor Binnenlandse Zaken en de Hoge Colleges van Staat / Algemene Zaken en Huis van de Koning heeft tijdens haar commissievergadering van 8 februari 2022 haar leden gelegenheid gegeven tot het stellen van vragen over het Interbestuurlijk programma (IBP). De leden van de fractie van de PVV hebben van de geboden mogelijkheid gebruikgemaakt.
In het kader van het IBP zijn afspraken gemaakt over de Landelijke Vreemdelingenvoorziening (LVV). Hierover wordt gesteld: «Door te komen tot een landelijk dekkend netwerk van LVV’s kan Bed-Bad-Brood worden afgebouwd.».2 Kunt u aangeven in hoeverre Bed-Bad-Brood inmiddels is afgebouwd, in welke gemeenten nog dergelijke voorzieningen geboden worden en per wanneer dit volledig wordt beëindigd?
Verder wordt aangegeven: «Om dit te realiseren zijn er pilots opgestart in vijf gemeenten (Amsterdam, Eindhoven, Groningen, Rotterdam en Utrecht). De ontwikkelfase van de pilots loopt tot eind december 2021. In de pilots werken VNG, gemeenten, ngo’s, IND, DT&V, AVIM en rijksoverheid samen en wordt er onderzocht hoe de doelstelling kan worden bereikt.».3 Kunt u, aangezien de ontwikkelfase van de pilots inmiddels verstreken is, aangeven wat hiervan de resultaten zijn, in hoeverre hebben deze pilots daadwerkelijk (in concrete aantallen) bijgedragen aan het effectief laten vertrekken van vreemdelingen zonder recht op verblijf?
In het kader van het IBP-programma Agenda Stad zijn zogenoemde City Deals gesloten ten behoeve van de Smart Cities aanpak. «De City Deals zijn onderdeel van Agenda Stad, het interbestuurlijke programma waarin steden, maatschappelijke partners en rijksoverheid samenwerken aan het versterken van de innovatie van Nederlandse steden. City Deals hebben als doel innovatie aan te jagen. In City Deals leggen de betrokken partijen concrete afspraken met elkaar vast.».4
Hoogleraar managementwetenschappen en voormalig curator van Amsterdam Smart City, Herman van de Bosch, uitte afgelopen jaar scherpe kritiek op deze Smart City aanpak.5 Zo stelt hij dat er in plaats van een probleemgestuurd beleid, sprake is van een data-gedreven beleid en belanghebbende bedrijven zoals IBM (bedenker van het «smarter city» handelsmerk) stedelijke problemen zodanig benoemen dat ze «oplosbaar» zijn met hun technologie. Voor de invulling van deze marketingmethode van technologiebedrijven kunnen belastingbetalers uiteindelijk vele miljarden ophoesten. Kunt u aangeven hoe de afweging bij deze IBP «City Deals» wordt gemaakt ten aanzien van concrete «problemen» en het inzetten van «Smart City» dataprojecten? Kunt u tevens aangeven in hoeverre voorkomen wordt dat de belastingbetaler een melkkoe wordt voor deze technologiebedrijven?
In het kader van deze IBP «City Deals» is de gemeente Apeldoorn onlangs aangewezen als Smart City in een project6 waar onder andere het World Economic Forum7 leidend is.8 Bij dit project komen veel aspecten aan de orde die de privacy en het persoonlijk leven van burgers kunnen raken: «We proberen als overheid onze steden steeds digitaal slimmer te maken. Dit doen we door mensen, machines en objecten te verbinden. Door al de data die daarbij vrij komt te combineren en te delen, is er van alles mogelijk. Zo kunnen lantaarnpalen ingezet worden als auto-oplaadpunt, zwerfafval opgespoord worden of een app maken voor de 1,5 meter samenleving. Gemeenten, bedrijven en kennisinstellingen werken samen om deze digitaliseringskansen op een waardegedreven en democratische manier te faciliteren. Publieke waarden staan hierbij centraal en worden ondersteund door innovatieve oplossingen uit het bedrijfsleven.».9
Tevens op internationaal niveau: «De FIWARE Foundation tekent onze City Deal. We hebben erg korte lijnen met OASC, Living in EU en RvO voor internationale borging. Ontwikkelde tooling wordt gedeeld via de site www.LivinginEU.nl (in samenwerking met de andere leden van de impactcoalitie DigiBuit). Hierbij wordt ook gewerkt aan een Engelstalige variant, zodat in Nederland ontwikkelde tooling ook beschikbaar is voor de internationale markt. Uiteraard wordt op die site ook tooling van het buitenland gedeeld met Nederland. Hierdoor ontstaat een marktplaats voor tooling, nationaal en internationaal. En het biedt kansen voor Nederlandse bedrijven en overheden om gebruik te maken van state of the art instrumentarium.».10
Kunt u aangeven welke concrete initiatieven worden ingezet bij een app voor de 1,5 meter samenleving, onder welke voorwaarden en door welke bedrijven of organisaties?
Kunt u tevens aangeven wat de concrete rol en betrokkenheid van het World Economic Forum bij deze projecten is?
Ook de gemeente ’s-Hertogenbosch maakte onlangs bekend: «Naast inzicht in bezoekers- en verkeersstromen geeft de monitor ook data over bijvoorbeeld de luchtkwaliteit en de beleving van bezoekers. Op deze manier kunnen verschillende data aan elkaar worden gekoppeld. Dat levert belangrijke informatie op om voorspellingen te doen en om met passende oplossingen te komen. Denk bijvoorbeeld aan slimme bevoorrading, duurzaam vervoer en verdere vergroening. Of aan ondernemers die hun planning en marketing kunnen afstemmen op voorspelde drukte. Inzicht in verblijfsduur en verplaatsingen helpt ook om knelpunten in bijvoorbeeld veel gebruikte fiets- en autoroutes op te lossen, of om evenementen meer te verspreiden over ruimte en tijd.».11
En prominente «Europese» thema’s als energietransitie, verduurzaming en digitalisering raken steden direct. In het Duitse akkoord wordt het NLC ook genoemd. Wethouder Ufuk Kâhya van Den Bosch: «gebruik het NLC om het vertrouwen van burgers in de politiek te herstellen en optimaal gebruik te maken van de transformative power of cities.».12
Ook stelde deze gemeente: «Bij Smart City-missies werken publieke en private partners samen aan het realiseren van maatschappelijke impact én duurzame handelsresultaten. Doelen zoals de Sustainable Development Goals (SDGs) en Smart City-gerelateerde onderwerpen in de Green Deal en Digital Transformation van de Europese Commissie, staan centraal.».13
Kunt u aangeven waarom doelen van multinationale instellingen (SDG-doelen) als de EU en de VN leidend worden gemaakt bij IBP-projecten in het lokale beleid?
Kunt u ook aangeven, gelet op bovengenoemde passages, welke waarborgen er zijn voor de privacy van burgers en hoe wordt uitgesloten dat deze data gepersonaliseerd kan worden? Welke afspraken worden hierover gemaakt tussen de rijksoverheid en de gemeenten (al dan niet in het kader van het IBP)?
Welke bedrijven zijn betrokken bij de Smart Cities strategie en op basis van welke afspraken, waarborgen en criteria? In hoeverre wordt voorkomen dat bijvoorbeeld via bedrijven buitenlandse mogendheden, zoals de Chinese communistische staat, toegang kunnen krijgen of de beschikking kunnen krijgen over zulke data of systemen? Heeft de rijksoverheid maatregelen genomen om «function creep» hierbij te voorkomen?
Kan worden uitgesloten dat zulke datatoepassingen gekoppeld zullen worden aan gepersonaliseerde apps of identificatiemiddelen zoals de Europese digitale identiteit, het coronatoegangsbewijs of voertuiggegevens (bijvoorbeeld bij het inrijden van een milieuzone)?
De commissie voor Binnenlandse Zaken en de Hoge Colleges van Staat / Algemene Zaken en Huis van de Koning ziet met belangstelling uit naar uw reactie en ontvangt deze graag binnen vier
weken na dagtekening van deze brief.
De voorzitter van de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken en de Hoge Colleges van Staat / Algemene Zaken en Huis der Koning, B.O. Dittrich
Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 22 maart 2022
Hierbij zend ik u, mede namens de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, de antwoorden op de vragen van de fractie van de PVV, gesteld over het Interbestuurlijk Programma tijdens de commissievergadering van 8 februari 2022.
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, H.G.J. Bruins Slot
In het kader van het IBP zijn afspraken gemaakt over de Landelijke Vreemdelingenvoorziening (LVV). Hierover wordt gesteld: «Door te komen tot een landelijk dekkend netwerk van LVV’s kan Bed-Bad-Brood worden afgebouwd.»14 Kunt u aangeven in hoeverre Bed-Bad-Brood inmiddels is afgebouwd, in welke gemeenten nog dergelijke voorzieningen geboden worden en per wanneer dit volledig wordt beëindigd?
Ten tijde van de start van de LVV’s in de vijf pilotgemeenten was de inzet om in 2021 een bestuursakkoord met de VNG te sluiten om de LVV’s definitief te ontwikkelen tot een landelijk dekkend netwerk. Vanwege de demissionaire status van het kabinet destijds, heeft het toenmalige kabinet besloten dat een besluit van Rijkszijde over een bestuursakkoord met de VNG en de ontwikkeling tot een landelijk dekkend netwerk aan het volgende kabinet zal zijn. Ter uitvoering van de LVV’s in de vijf pilotgemeenten zijn er convenanten met deze gemeenten gesloten. Om het volgende kabinet de ruimte te geven, heeft het toenmalige kabinet daarom besloten om de convenanten met de pilotgemeenten te verlengen. Uiteindelijk zijn de convenanten verlengd tot eind 2022.
Zoals opgenomen in het coalitieakkoord is het ook de ambitie van dit kabinet te komen tot een landelijk dekkend netwerk. Dit dient nog nader te worden uitgewerkt met betrokken partijen. Dit betekent ook dat er nog geen sprake is van een landelijk dekkend netwerk van LVV’s. Nu dit nog niet nader is uitgewerkt kan ook nog niet aangeven worden per wanneer Bed-Bad-Brood voorzieningen volledig zijn beëindigd. Hierbij dient vermeld te worden dat het Rijk geen besluit kan nemen voor gemeenten ten aanzien van het behouden van zelfstandige gemeentelijke voorzieningen. De inzet is wel, zoals opgenomen in het coalitieakkoord, dat zelfstandige gemeentelijke opvang niet meer nodig is en dan ook door het Rijk niet meer wordt gefinancierd. Het Rijk heeft op dit moment geen sluitend overzicht van het aantal gemeenten dat nog een Bed-Bad-Brood voorziening heeft, dit wordt momenteel in beeld gebracht.
Verder wordt aangegeven: «Om dit te realiseren zijn er pilots opgestart in vijf gemeenten (Amsterdam, Eindhoven, Groningen, Rotterdam en Utrecht). De ontwikkelfase van de pilots loopt tot eind december 2021. In de pilots werken VNG, gemeenten, ngo’s, IND, DT&V, AVIM en rijksoverheid samen en wordt er onderzocht hoe de doelstelling kan worden bereikt.»15 Kunt u, aangezien de ontwikkelfase van de pilots inmiddels verstreken is, aangeven wat hiervan de resultaten zijn, in hoeverre hebben deze pilots daadwerkelijk (in concrete aantallen) bijgedragen aan het effectief laten vertrekken van vreemdelingen zonder recht op verblijf?
De ontwikkelfase van de pilots liep in eerste instantie tot eind 2021. De convenanten met de gemeenten en dus de uitvoering van de pilots lopen, zoals eerder vermeld in deze brief, nu nog door tot eind 2022. Er is voorzien in een eindevaluatie door het WODC, deze bevindt zich momenteel in de voorbereidende fase. Een tussenevaluatie is in opdracht van het WODC reeds uitgevoerd. Hierin zijn de resultaten die toen beschikbaar waren meegenomen. Hierbij werd toen vermeld dat de pilots nog te kort liepen om conclusies te verbinden aan het percentage vreemdelingen dat de LVV met een bestendige oplossing heeft verlaten. Tevens werd benoemd dat alle pilots veel tijd en energie hebben gestoken in het opzetten van de LVV’s en dat de maatregelen rondom COVID-19 volgens betrokken partijen beperkend zijn geweest in de uitvoering en het boeken van voortgang, bijvoorbeeld omdat er beperkingen zijn in het bieden van begeleiding, het verkrijgen van documenten of reismogelijkheden.
De resultaten van de LVV-pilots zien op meer dan vertrek. Het doel, zoals vastgesteld in de samenwerkingsafspraken met de VNG, is het vinden van bestendige oplossingen (terugkeer, doormigratie, of indien aan de orde, legalisering van verblijf) en door de vreemdelingen naar deze bestendige oplossingen te begeleiden ook de bijbehorende zorg- en of veiligheidsproblematiek aan te pakken. Het programma LVV houdt een periodieke monitor bij om de kwantitatieve resultaten in beeld te brengen. De meest recente vastgestelde monitor is van november 2021. Hieruit blijkt dat sinds de start van de LVV-pilots er voor 93 personen sprake is geweest van vertrek (naar het land van herkomst of doormigratie). Voor 86 personen was legalisering van verblijf aan de orde. Ook zijn er semi-bestendige oplossingen gerealiseerd, dit gaat om personen die een herhaalde asielaanvraag hebben ingediend en daarom zijn uitgestroomd naar de rijksopvang (328 in totaal, waarvan 57 aanvragen ingewilligd en 52 afgewezen, de rest nog in afwachting van een besluit) of personen die op basis van een toegekende aanvraag voor uitstel van vertrek op grond van artikel 64 Vreemdelingenwet zijn uitgestroomd naar de rijksopvang (54 in totaal, waarvan 7 inmiddels een verblijfsvergunning hebben gekregen en bij 9 een vervolgaanvraag op grond van artikel 64 Vreemdelingenwet is afgewezen).
Hoogleraar managementwetenschappen en voormalig curator van Amsterdam Smart City, Herman van de Bosch, uitte afgelopen jaar scherpe kritiek op deze Smart City aanpak.
In een pas verschenen artikel trekt de Van de Bosch deze kritiek helemaal in en roemt hij de City Deal «Een slimme stad, zo doe je dat».
https://hmjvandenbosch.com/2022/02/21/agenda-stad-vormgeven-aan-samenwerking-tussen-gemeenten/
Kunt u aangeven hoe de afweging bij deze IBP «City Deals» wordt gemaakt ten aanzien van concrete «problemen» en het inzetten van «Smart City» dataprojecten?
De City Deal «Een slimme stad, zo doe je dat» heeft als doel om bij het oplossen de grote problemen waar onze samenleving voor staat in het fysiek domein digitalisering en technologisering in te zetten, maar alleen als daarmee de democratie wordt versterkt. In de Dealtekst (het convenant dat ten grondslag ligt aan de City Deal) is dat als volgt verwoord:
Art 2.2 Partijen stellen dat digitalisering en technologisering moet worden ingezet om de grote opgaven waar Europa en Nederland voor staan, aan te pakken. Het gaat daarbij onder meer om de energietransitie en andere gevolgen van de klimaatverandering; de gevolgen van de groeiende verstedelijking en dan met name de mobiliteitsdruk in steden; het opzetten van een circulaire economie; het inclusief houden van onze samenleving en het leefbaar houden van steden en het platteland. De huidige COVID-19-pandemie is daarbij een uitdaging op zichzelf en versterkt de andere genoemde opgaven. Dit is samen te vatten in het sustainable development goal 11 van de Verenigde Naties: maak steden inclusief, veilig, veerkrachtig en duurzaam.
Art 2.3 Partijen stellen dat digitalisering en technologisering moet bijdragen aan een samenleving waarin iedereen in vrijheid kan leven en dat het moet leiden tot het versterken van de democratie. Die samenleving moet veilig zijn met een betrouwbaar maatschappelijk verkeer. Dat is niet altijd vanzelfsprekend of eenvoudig: ontwikkelingen door digitalisering en technologisering kunnen deze vrijheid en democratie ook bedriegen. Daarom moeten de ethische dilemma’s die door het Rathenau Instituut zijn benoemd in het rapport «Opwaarderen» in acht worden genomen. Dat zijn: privacy, autonomie, veiligheid, controle over technologie, menselijke waardigheid, rechtvaardigheid, machtsevenwicht.
Deze voornemens zijn geborgd in de processen (die later in de Dealtekst zijn opgenomen) en de City-Deal-organisatie ziet toe op naleving daarvan.
De tekst van dit convenant staat hier: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2021-44432.html
Kunt u tevens aangeven in hoeverre voorkomen wordt dat de belastingbetaler een melkkoe wordt voor deze technologiebedrijven?
De City Deal focust op het veranderen van processen zodat we op een goede manier gebruik kunnen maken van de kansen die nieuwe technologische oplossingen bieden, met inachtneming van ethische randvoorwaarden (zie hiervoor ook het antwoord op de vorige vraag).
Bigtechbedrijven maken vaak gebruik van vendor lockins (waardoor inderdaad het risico bestaat dat belastingbetalers een melkkoe worden van technologiebedrijven). Bij een vendor lockin, heeft afscheid nemen van een leverancier grote nadelige gevolgen.
In de City Deal staat in artikel 4.7 expliciet vermeld dat we vendor lockins voorkomen. Daar zien we op toe.
Bij de City Deal zijn overigens ook geen bigtechbedrijven aangesloten.
In het kader van deze IBP «City Deals» is de gemeente Apeldoorn onlangs aangewezen als Smart City in een project waar onder andere het World Economic Forum leidend is.
De gemeente Apeldoorn is niet aangewezen als Smart City. De gemeente heeft zelf onafhankelijk en via een democratisch proces beleid ontwikkeld op het thema smart city, te vinden in de Visie & Strategie Smart City Apeldoorn, vastgesteld door de gemeenteraad van Apeldoorn op 28 november 2019 (zie https://www.apeldoorn.nl/visie-voorwoord).
Het World Economic Forum was op zoek naar steden, wereldwijd, die wilden fungeren als zogenaamde «pilot cities» (later omgedoopt tot Pioneer Cities) om samen nieuwe beleidsstandaarden mee te ontwikkelen onder de noemer «G20 Global Smart Cities Alliance». Ambitie was te komen tot beleid dat steden inclusiever, veerkrachtiger en duurzamer kan maken. Dat sloot goed aan bij de uitgangspunten van Smart City Apeldoorn. Apeldoorn heeft de interesse van de gemeente kenbaar gemaakt. De reden was, dat Apeldoorn zonder zelf «opnieuw het wiel uit te hoeven vinden» als een van de pilot cities kon samenwerken, ook internationaal.
Apeldoorn heeft daarop de Letter of Intent ondertekend in september 2020 Deze samenwerking loopt tot oktober 2022. Op de website van de Alliance, https://globalsmartcitiesalliance.org, staat meer informatie. De samenwerking betreft louter.de ontwikkeling van beleid met als ambitie om steden, waaronder Apeldoorn, inclusiever, veerkrachtiger en duurzamer te maken.
Ontwikkelde tooling wordt gedeeld via de site www.LivinginEU.nl (in samenwerking met de andere leden van de impactcoalitie DigiBuit).
Dit is afgesproken in artikel 3.6 van de Dealtekst: «De Partijen ontwikkelen en vullen een online instrumentenkoffer waarin deze nieuwe instrumenten worden verzameld. De instrumentenkoffer wordt aangevuld met reeds bestaande instrumenten uit binnen- en buitenland.» Dit wordt niet gedaan via LivinginEU, maar via een eigen website: www.toollboxslimmestad.nl
Hierbij wordt toegezien dat uitsluitend tooling wordt gedeeld die past bij de doelstellingen van de City Deal.
Kunt u aangeven welke concrete initiatieven worden ingezet bij een app voor de 1,5 meter samenleving, onder welke voorwaarden en door welke bedrijven of organisaties?
Zoals eerder opgemerkt werkt Apeldoorn aan beleid om steden inclusiever, veerkrachtiger en duurzamer te maken. Apeldoorn werkt niet aan een app voor 1,5-samenleving (zie p. 2 van uw brief waarin u informeert naar een project waarin het World Economic Forum leidend zou zijn). Wel is gewerkt aan een instrument waarbij een gemeente crowd management beter kan organiseren om te voorkomen dat er gevaarlijke situaties ontstaan. Crowd management is extra actueel geworden tijdens de corona-pandemie, maar is al veel langer een gemeentelijke taak tijdens bijvoorbeeld evenementen. Het niet goed managen van grote groepen mensen kan tot gevaarlijke toestanden leiden, zoals bijvoorbeeld is gebeurd bij de Love Parade Ramp in Duisburg (juli 2010).
Dit wordt op dit moment verder onderzocht op Scheveningen op initiatief van de Politie van de gemeente Den Haag. Zie hiervoor ook de volgende website:
https://www.digitaleoverheid.nl/innovatieproject/crowd-safety-manager/
Ook dit instrument moet voldoen aan de democratische principes. Binnen de City Deal is een ethiektafel georganiseerd om bijvoorbeeld privacy-schendingen te voorkomen, maar ook dat andere ethische dilemma’s (bijvoorbeeld autonomie) goed zijn geborgd.
Kunt u tevens aangeven wat de concrete rol en betrokkenheid van het World Economic Forum bij deze projecten is?
Bovenstaand is vermeld dat de gemeente Apeldoorn een van de Pioneer Cities is. Vanuit de City Deal «Een slimme stad, zo doe je dat» is geen verdere betrokkenheid bij het World Economic Forum.
Kunt u aangeven waarom doelen van multinationale instellingen (SDG-doelen) als de EU en de VN leidend worden gemaakt bij IBP-projecten in het lokale beleid?
Nederland onderschrijft de Sustainable Development Doelen (SDG-s), zie ook de website https://www.sdgnederland.nl/
Ook de partners van de City Deal Een slimme stad hebben gekozen voor SDG-doelstelling 11 (maak steden inclusief, veilig, veerkrachtig en duurzaam). Dit wordt door hen gezien als een goede samenvatting van de grote opgaven waar Europa en Nederland voor staan en die zijn genoemd in artikel 2.1 van de City Dealtekst.
Kunt u ook aangeven, gelet op bovengenoemde passages, welke waarborgen er zijn voor de privacy van burgers en hoe wordt uitgesloten dat deze data gepersonaliseerd kan worden? Welke afspraken worden hierover gemaakt tussen de rijksoverheid en de gemeenten (al dan niet in het kader van het IBP)?
Voor de City Deal «Een slimme stad, zo doe je dat «is in artikel 2.3 van het convenant opgenomen: «Partijen stellen dat digitalisering en technologisering moet bijdragen aan een samenleving waarin iedereen in vrijheid kan leven en dat het moet leiden tot het versterken van de democratie. Die samenleving moet veilig zijn met een betrouwbaar maatschappelijk verkeer. Dat is niet altijd vanzelfsprekend of eenvoudig: ontwikkelingen door digitalisering en technologisering kunnen deze vrijheid en democratie ook bedriegen. Daarom moeten de ethische dilemma’s die door het Rathenau Instituut zijn benoemd in het rapport «Opwaarderen» in acht worden genomen. Dat zijn: privacy, autonomie, veiligheid, controle over technologie, menselijke waardigheid, rechtvaardigheid, machtsevenwicht.» In artikel 4.2 van het convenant wordt dit herhaald als randvoorwaarde voor de instrumenten die binnen de City Deal worden ontwikkeld. Binnen de City Deal is voor het borgen van de genoemde randvoorwaarden van het Rathenau Instituut een
een kwaliteitsteam democratische waarden opgezet artikel 5.6 van het convenant.
De gehele tekst van dit convenant vindt u hier: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2021-44432.html
Welke bedrijven zijn betrokken bij de Smart Cities strategie en op basis van welke afspraken, waarborgen en criteria?
De City Deal «Een slimme stad, zo doe je dat» is geen smart cities strategie, maar focust op het ontwikkelen van kaders, richtlijnen etc. waarbinnen op een democratische manier gebruik kan worden gemaakt van de nieuwe kansen die digitalisering ons biedt. Daar zijn naast overheden ook bedrijven bij betrokken. Het gaat om: AM, Arcadis, Argaleo, BPD, Civity, DHM Infra, ELBA\REC, FIWARE Foundation, Heijmans, Jelmer, Kennedy Van der Laan, KPN, OverMorgen, Phbm, VodafoneZiggo, We-Consultants, WeCity
De bedrijven zijn op dezelfde basis Partij als de overheden en de samenwerking is geborgd in de het convenant horend bij de City Deal «Een Slimme stad zo doe je dat».
KPN is aangesloten via een addendum bij het convenant: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2021-44433.html
In hoeverre wordt voorkomen dat bijvoorbeeld via bedrijven buitenlandse mogendheden, zoals de Chinese communistische staat, toegang kunnen krijgen of de beschikking kunnen krijgen over zulke data of systemen? Heeft de rijksoverheid maatregelen genomen om «function creep» hierbij te voorkomen?
In de City Deal wordt niet gewerkt met data of systemen. De City Deal wil processen zo (her)inrichten dat in de toekomst de democratie juist wordt geborgd en dat voorkomen wordt dat dit kan gebeuren.
Kan worden uitgesloten dat zulke datatoepassingen gekoppeld zullen worden aan gepersonaliseerde apps of identificatiemiddelen zoals de Europese digitale identiteit, het coronatoegangsbewijs of voertuiggegevens (bijvoorbeeld bij het inrijden van een milieuzone)?
Binnen de kaders van de City Deal kan dat worden uitgesloten, omdat de City Deal daar niet mee bezig is.
Samenstelling:
Kox (SP), Ganzevoort (GL), De Boer (GL), Van Hattem (PVV), Pijlman (D66), Rombouts (CDA), Schalk (SGP), Koole (PvdA), Klip-Martin (VVD), Baay-Timmerman (50PLUS), Bezaan (VVD), Van den Berg (VVD), Crone (PvdA), Dittrich (D66) (voorzitter) Doornhof (CDA), Frentrop (FVD), Meijer (VVD), Nicolaï (PvdD) (ondervoorzitter), Rietkerk (CDA), Rosenmöller (GL), De Vries (Fractie-Otten), Keunen (VVD), Van der Linden (Fractie-Nanninga), Van Pareren (Fractie-Nanninga), Raven (OSF) en Talsma (CU).
Ministerie van Justitie en Veiligheid, Introductiedossier Ministerie van Justitie en Veiligheid, December 2021, p. 125.
https://www.livingineu.nl/ en https://vng.nl/rubrieken/onderwerpen/innovatie-en-trends (gekoppeld aan https://www.apeldoorn.nl/smartcity).
https://s-hertogenbosch.raadsinformatie.nl/document/10771708/1#search=%22smart%20city%20missie%22.
Ministerie van Justitie en Veiligheid, Introductiedossier Ministerie van Justitie en Veiligheid, December 2021, p. 125.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-29362-I.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.