Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 26 april 2021
Op 3 juli 2021 heb ik uw Kamer in het kader van de voorhangprocedure van het Besluit
elektronisch procederen (Kamerstukken I, vergaderjaar 2019/20, 29 279, D) toegezegd u nader te informeren over het gebruik van het Burgerservicenummer (hierna:
BSN) op administratieve formulieren die worden gebruikt bij elektronisch procederen.
Met deze brief doe ik deze toezegging gestand.
De Raad voor de rechtspraak (hierna: de Raad) heeft onderzoek gedaan naar het gebruik
van het BSN in civiele en bestuursrechtelijke procedures bij de rechtbank en het hof
en aanpassingen doorgevoerd om te voorkomen dat het BSN zonder wettelijke grondslag
bij andere procespartijen terecht kan komen.
De Raad vond enkele gevallen waarin het BSN werd gevraagd door de rechtspraak waarna
het onbedoeld bij andere procespartijen terecht kon komen, al dan niet via procespartijen
zelf. Het betrof de nog niet vernieuwde digitale formulieren binnen het bestuursrecht,
een tweetal formulieren in het familierecht en het verzoekschrift Wet schuldsanering
natuurlijke personen (hierna: Wsnp).
De Raad heeft inmiddels in alle gevallen maatregelen getroffen om onrechtmatige verwerking
van het BSN te voorkomen. In het bestuursrecht bleken digitale formulieren het BSN
automatisch te plaatsen in het beroepschrift en het verzoekschrift. De afgelopen maanden
zijn de nieuwe formulieren in gebruik genomen en hierdoor ontvangt alleen de griffie
het BSN.
Tevens is ervoor gezorgd dat de procesreglementen voor de zogeheten F-formulieren
en V-formulieren in het familierecht zijn aangepast. Er is ter verduidelijking vermeld
dat de stukken waarop het BSN staat enkel bedoeld zijn voor de griffie. Eveneens heeft
de Raad voor het verzoekschrift Wsnp een separaat privacy-formulier geïntroduceerd
voor de griffie. Het verzoekschrift kan nu zonder BSN bij een dwangakkoord of moratorium
worden toegevoegd.
Verder staat voortaan op de formulieren van het verzoekschrift Wsnp en op de formulieren
in het familierecht een waarschuwing vermeld dat het BSN niet in de stukken dient
te worden opgenomen omdat de formulieren worden gedeeld met andere partijen.
De Raad heeft zowel de opzet van het onderzoek als de te nemen maatregelen afgestemd
met de Nederlandse Orde van Advocaten. Hiermee zijn naar mijn mening afdoende maatregelen
getroffen.
De Minister voor Rechtsbescherming, S. Dekker