28 676 NAVO

Nr. 203 BRIEF VAN DE MINISTER VAN DEFENSIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 23 mei 2014

Hierbij bied ik u, mede namens de Minister van Buitenlandse Zaken, de geannoteerde agenda aan ten behoeve van de bijeenkomst van de Navo-defensieministers te Brussel op 3 en 4 juni 2014.

Agenda

Op 3 en 4 juni komen de Ministers van Defensie van de Navo bijeen in Brussel. De uitnodigingsbrief van Secretaris-generaal Rasmussen heb ik op 20 mei jl. ontvangen. De voorlopige agenda kan, met het oog op de lopende besprekingen in Brussel, nog wijzigingen ondergaan.

De bijeenkomst van Defensie Ministers is de eerste sinds het uitbreken van de crisis in Oekraïne. Het is tevens de laatste Defensie ministeriële voor de Navo-top in Wales. De exacte gevolgen van de situatie in Oekraïne, en de wijze hoe hiermee om te gaan, zijn nog onderwerp van debat. Voor de korte termijn gaat de aandacht vooral uit naar de geruststellingsmaatregelen voor de oostelijke bondgenoten. Het doel is dat – als teken van onderlinge solidariteit – alle 28 Navo-landen hieraan bijdragen, «28 for 28».

Ook zal tijdens deze ministeriële worden gesproken over de strategische gevolgen van de crisis voor de veiligheid van het bondgenootschap en de regionale stabiliteit. In zijn brief beklemtoont de Secretaris-generaal het belang van de collectieve verdediging en een toereikend budget voor de strijdkrachten van de Navo-landen. Verder vraagt hij de Ministers in te stemmen met de ontwikkeling van een Readiness Action Plan, dat zowel de korte als lange termijn maatregelen zal omvatten met betrekking tot o.a. training en oefeningen en de beschikbaarheid van de juiste capaciteiten om dreigingen het hoofd te bieden. Dit plan zou op tijd voor de Top in september gereed moeten zijn.

Implementation of immediate reassurance measures

De eerste werksessie is gewijd aan de tenuitvoerlegging van de geruststellings-maatregelen voor de korte termijn, de zogenoemde Immediate Reassurance Measures. Ter voorbereiding hiervan zijn de Navo-landen uitgenodigd voor een Force Generation Conference op SHAPE, het militaire Navo-hoofdkwartier in Mons op 28 mei a.s. Ik zal de aanvullende bijdrage van Nederland ten behoeve van de Immediate Reassurance Measures bevestigen, zie hieronder voor meer bijzonderheden. Ook de mogelijke vervolgmaatregelen komen aan de orde. Deze vervolgmaatregelen, en de eerder genoemde Immediate Reassurance Measures, dienen uiteindelijk uit te monden in een Readiness Action Plan voor het bondgenootschap op de Navo-top in Wales. Hierin krijgen ook lange(re) termijn overwegingen, zoals de betrekkingen met de Russische Federatie, een plaats. Hierover is evenwel nog geen consensus bereikt.

Aanvullende bijdrage aan geruststellingspakket SACEUR

In mijn brief van 16 april jl. (Kamerstuk 28 676, nr. 201) heb ik aangegeven dat het Kabinet de Kamer nader zal informeren als zich, als onderdeel van het geruststellingspakket, eerder inzetmogelijkheden aandienen in het kader van Baltic Air Policing (BAP).

Tijdens het algemeen overleg op 23 april 2014 heb ik u gemeld dat SACEUR op dat moment de planning tegen het licht hield. Onlangs is vernomen dat Denemarken, Duitsland, Frankrijk, Portugal, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten jachtvliegtuigen reeds hebben aangeboden dan wel ingezet voor (de versterking van) BAP. Onder normale omstandigheden opereren deze toestellen vanaf de luchtmachtbasis Siauliai in Litouwen. Gelet op het grotere aantal toestellen, zijn nu ook toestellen gestationeerd op Amari (Estland) en Malbork (noordoost Polen).

Inmiddels is bekend dat de slots voor (de versterking van) BAP in 2014 zijn gevuld met uitzondering van één slot op Malbork in de periode september – december 2014. Nederland heeft reeds acht F-16»s aangeboden voor de Immediate Reaction Force (IRF) van de NATO Response Force (NRF). Hiervan zouden er vier – in samenspraak met de Navo – voor BAP kunnen worden ingezet. Dit zal eind mei op de Force Generation Conference in Mons conform worden aangeboden, in aanvulling op de bijdragen zoals uiteengezet in de brief van 16 april jl.

Hiermee levert Nederland niet alleen een bijdrage aan het pakket geruststellings-maatregelen van SACEUR, het levert ook goede oefenmogelijkheden met AWACS en de Poolse luchtmacht op. Een eerste indicatie van de kosten voor de inzet van vier F-16»s ten behoeve van BAP, bedraagt 6 miljoen euro. Dit is mede afhankelijk van nadere afspraken met het gastland op het gebied van legering en voeding. Deze kosten zullen binnen de bestaande budgetten voor oefeningen en gereedstelling binnen de defensiebegroting worden opgevangen. Dit kan mogelijk effect hebben op de operationele gereedheid.

NATO Capability Review

Capability review

De Secretaris-generaal zal de Ministers informeren over de uitkomsten van de capability review. Met dit document wordt de vierjarige cyclus van het NATO Defence Planning Process (NDPP) afgesloten. Centraal hierin staat hoe de Navo-lidstaten de benodigde militaire capaciteiten op de korte, middellange en lange termijn leveren en welke capaciteiten ontbreken.

Tijdens de ministeriële bijeenkomst op 26 februari jl. sprak de Secretaris-generaal zijn zorg uit over de daling van de defensiebudgetten in de meeste Navo-landen als gevolg van de economische en financiële crisis in 2008. Dit heeft niet alleen geleid tot een vermindering van bestaande capaciteiten, maar ook tot minder investeringen in benodigde nieuwe capaciteiten. Ook is het aantal (grotere) oefeningen op hoge(re) geweldniveaus afgenomen. In de review is de militaire Suitability & Risk Assessment opgenomen, inclusief een lijst met prioriteiten die aandacht behoeven. Van Nederlandse kant is steeds aangedrongen op maximale transparantie over de geconstateerde tekorten en de eventuele risico’s daarvan. Het lange termijn effect van de grootschalige Russische gereedstellingsoefeningen, de acties op de Krim en aan de buitengrenzen van Oekraïne eerder dit jaar moet nog worden vastgesteld.

Input en Output cijfers

Behalve de review komt ook het gerubriceerde rapport over de input en output cijfers beschikbaar. Hierin wordt met behulp van een lijst tabellen een overzicht gegeven van de output van alle bondgenoten. Eerder dit jaar is het Nederlandse fact sheet met de elf tabellen (onder andere percentages defensie-uitgaven en investeringen, mate van uitzendbaarheid van eenheden, het voortzettingsvermogen dienaangaand en de mate van invulling van de bijdrage aan de Immediate Response Force) over 2011 gepubliceerd. U heeft dit ontvangen bij de geannoteerde agenda voor de Navo-ministeriële van februari jl. Na vaststelling zal ook het fact sheet met de gegevens uit 2013 in de loop van het najaar met de Kamer worden gedeeld.

Ik heb mij steeds sterk gemaakt voor de versterking van het NDPP als deel van de uitvoering van het Chicago Defence Package, het pakket van maatregelen dat op de Navo-top in Chicago in 2012 is overeengekomen. Nederland steunt derhalve de versterking van het NDPP door het proces meer toe te snijden op een multinationale aanpak van de militaire capaciteitstekorten die zijn vastgesteld op de Top in Lissabon (2010).

NATO Ukraine Commission

De situatie in Oekraïne, en in het bijzonder het verloop van de voor 25 mei a.s. voorziene presidentsverkiezingen, komen aan de orde evenals de noodzaak om heldere prioriteiten te stellen met betrekking tot de door Oekraïne bij de Navo en de individuele Navo-landen ingediende verzoeken om assistentie.

Zoals eerder door de Minister van Buitenlandse Zaken aan uw Kamer is bericht, besloten de Navo en Oekraïne op 1 april jl. tot intensivering van de samenwerking binnen de kaders van de Navo Oekraïne Commissie (NUC), waaronder steun van de NAVO aan defensiehervormingen en advisering door de Navo bij de verdediging van vitale, civiele infrastructuur (Kamerstuk 28.676 nr. 199). Wat betreft Nederlandse steun aan Oekraïne geldt dat ons land bijdragen levert aan verschillende activiteiten. Zo ondersteunt Nederland de Speciale Waarnemingsmissie van de OVSE met een bijdrage van 950.000 euro. Ook levert Nederland zes (civiele) waarnemers. Daarnaast wordt 1,1 miljoen euro besteed aan diverse projecten op het terrein van democratisering, bevordering van de rechtsstaat en verbetering van de mensenrechten. Tot slot verleent Nederland technische assistentie aan het Oekraïense Ministerie van Financiën en de Nationale Bank.

Sinds de tweede helft van maart voeren teams uit westerse OVSE-landen militaire missies uit naar Oekraïne op grond van het Weens Document (WD). Het gaat hier telkens om teams van gemiddeld 6 militairen en missies die ongeveer een week duren. De uitvoering van de missies geschiedt in nauwe afstemming met gastland Oekraïne, dat zelf om deze vorm van internationale militaire presentie op zijn grondgebied heeft verzocht. Nederland heeft van 14–18 april leiding gegeven aan een WD-missie van de Benelux-landen naar Oost-Oekraïne en momenteel maakt een Nederlandse gastinspecteur deel uit van een Zweedse missie.

Andere prioriteiten voor de Top (tweede werksessie)

Connected Forces Initiative

Het belang van een verhoogde gereedheid lijkt één van de conclusies die kunnen worden getrokken uit de crisis rond Oekraïne. Het Connected Forces Initiative kan hierop inspelen met een toegesneden oefenprogramma. De militaire autoriteiten van de Navo zullen hiervoor voorstellen aan de Ministers voorleggen.

Nederland acht het voorts van groot belang dat de interoperabiliteit met partners, zoals opgebouwd tijdens gemeenschappelijke operaties in Bosnië, Kosovo en Afghanistan, ook na 2014 behouden blijft.

Framework Nation Concept

Het Framework Nation Concept dat vorig jaar door Duitsland is geïntroduceerd geniet Nederlandse steun. Duitsland werkt thans het concept verder uit en streeft ernaar om op de ministeriële nadere informatie te verstrekken over de vorming van framework groupings.

Britse Joint Expeditionary Force

De plannen van het Verenigd Koninkrijk voor een snelle expeditiemacht (Joint Expeditionary Force, JEF) nemen steeds meer vaste vorm aan. De JEF wordt een expeditiemacht onder Britse leiding waaraan landen kunnen bijdragen met eenheden. Deze bijdragen kunnen per periode verschillen.

Het Verenigd Koninkrijk is voor Nederland een strategische partner waarmee al decennia intensief wordt samengewerkt. Verschillende landen, waaronder Nederland, overwegen een bijdrage aan de JEF. Ik zie (onder andere) mogelijkheden voor Nederlandse bijdragen op maritiem gebied. Deze bijdragen zullen steeds moeten worden afgewogen tegen bijdragen aan bijvoorbeeld de EU Battlegroups, de NATO Response Force en internationale operaties.

Nederland zal meewerken aan het opstellen van een Letter of Intent die in beginsel tijdens de Navo-top van begin september in Wales zal worden getekend. Mogelijk volgt dan later dit jaar een Memorandum of Understanding.

Cyber Defence

De ministeriële zal ingaan op de volgende stappen van het Navo cyber defence beleid in de aanloop naar de Top. De bondgenoten proberen om nog voor de ministeriële bijeenkomst overeenstemming te bereiken over een enhanced cyber defence policy. Dit rapport is één van de cyber defence deliverables voor de Top en zal een aantal nieuwe, praktische vervolgstappen bevatten zoals (onder andere) de integratie van cyber in operationele planning, samenwerking met de EU en met de private sector.

Uitgangspunt voor Nederland blijft dat de prioriteit voor Navo moet liggen bij de bescherming van de eigen netwerken en dat bondgenoten verantwoordelijk zijn voor de opbouw van eigen capaciteiten. De Navo kan een nuttige rol spelen in het faciliteren van capaciteitsopbouw van bondgenoten, bijvoorbeeld door de organisatie van training en oefeningen, informatie-uitwisseling, implementatie van landenspecifieke cyber defence doelstellingen (targets) in het NATO Defence Planning Process en multinationale samenwerking. Het is van belang om deze rol verder uit te werken.

NATO Reform

De Secretaris-generaal zal de Ministers informeren over de stand van zaken met betrekking tot hervormingen en de daaraan gekoppelde uitgaven en besparingen.

Een belangrijke uitdaging is de adequate personele vulling van de Navo Commando Structuur en het Navo Communicatie en Informatie Agentschap. Nederland en enkele gelijkgezinde landen hebben steeds het belang van transparantie en verantwoording beklemtoond.

Voortgangsrapport maritieme veiligheid

De Secretaris-generaal heeft een voortgangsrapportage aangekondigd met betrekking tot de uitvoering van de maritieme strategie van de Navo. Het streven is om besluitvorming over dit onderwerp te agenderen voor de bijeenkomst van de Ministers van Buitenlandse Zaken op 24 en 25 juni a.s.

Diner

Zoals aangegeven, zal er ook gesproken worden over mogelijke vervolgmaatregelen en de strategische gevolgen van de crisis in voor de veiligheid van het bondgenootschap en de regionale stabiliteit. Het gaat onder meer over de toekomstige relatie van de Navo met de Russische Federatie, een onderwerp dat mogelijk ook op de Navo-top aan de orde zal komen.

NATO Georgia Commission

De tweede dag zal beginnen met een bijeenkomst van de NATO Georgia Commission. Voorzien is de bespreking van de regionale veiligheidssituatie en de voortgang van de defensiehervormingen.

Afghanistan

De Ministers van Defensie zullen in ISAF-samenstelling met de Afghaanse autoriteiten van gedachten wisselen. De bijeenkomst valt tien dagen voor de tweede ronde van de presidentsverkiezingen op 14 juni a.s. De onderhandelingen over een Status of Forces Agreement lopen nog en de Bilateral Security Agreement met de Verenigde Staten is nog niet getekend.

De Minister van Defensie, J.A. Hennis-Plasschaert

Naar boven