Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2017-201827858 nr. 428

27 858 Gewasbeschermingsbeleid

Nr. 428 BRIEF VAN DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN VOEDSELKWALITEIT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 17 mei 2018

Met deze brief wil ik u informeren over de verwachte Europese besluitvorming over de verlenging van de goedkeuring van de werkzame stoffen thiram en diquat. Voor deze stoffen agendeert de Europese Commissie (EC) op 24 mei a.s. voorstellen ter stemming in het Standing Committee on Plants, Animals, Food and Feed (SCoPAFF). Hieronder ga ik in op de Nederlandse positie.

Het gaat hier om een periodieke herbeoordeling, waarin op basis van de laatste stand van de wetenschap en techniek wordt bekeken of de werkzame stof nog steeds voldoet aan de criteria voor goedkeuring.

Thiram

De EC heeft een voorstel uitgebracht voor niet-hernieuwing van de werkzame stof thiram. Dit betreft een fungicide met een systemische werking dat momenteel breed wordt toegepast in de Europese Unie (EU), onder meer in gewasbeschermingsmiddelen voor zaadbehandeling. Het voorstel is gebaseerd op de wetenschappelijke herbeoordelingen door de European Food Safety Authority (EFSA), de rapporterende lidstaat Frankrijk en co-rapporteur België. Die bevestigen dat zaadtoepassing van thiram onacceptabele risico’s oplevert voor vogels en zoogdieren. Overigens betreft dit de enige overgebleven toepassing die de industrie nu wil herregistreren. Het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb) steunt het Commissievoorstel op wetenschappelijke gronden. Het Ctgb bevestigt dat zaadtoepassing van thiram lange termijn onacceptabele risico's oplevert voor vogels en zoogdieren, al bij geringe blootstelling aan thiram. Deze risico's kunnen moeilijk worden weggenomen met realistische mitigerende maatregelen. Daarom adviseert het Ctgb met om met het Commissievoorstel in te stemmen.

Diquat

Ook voor de werkzame stof diquat heeft de EC een voorstel uitgebracht voor niet-hernieuwing, gebaseerd op de wetenschappelijke herbeoordeling ervan door de EFSA, de rapporterende lidstaat Verenigd Koninkrijk en co-rapporteur Zweden.

Dit herbicide werd eerder vanwege een ongunstig milieuprofiel op EU-niveau geclassificeerd als stof die in aanmerking komt om te worden vervangen («candidate for substitution»). Diquat wordt momenteel in Nederland toegepast in gewasbeschermingsmiddelen, onder meer in de teelt van aardappel, bloembollen en aardbeien. De EFSA rapporteert in haar beoordeling onder meer onacceptabele risico’s voor omstanders en omwonenden én onacceptabele risico’s voor vogels. Op basis hiervan concludeert de EC dat niet aan de goedkeuringscriteria in de EU voor werkzame stoffen wordt voldaan, zodat de EC voorstelt de goedkeuring van diquat niet te hernieuwen. Het Ctgb onderschrijft de door EFSA gerapporteerde risico’s en ziet geen mogelijkheden voor het nemen van realistische risicomitigerende maatregelen. Daarom adviseert het Ctgb om met het Commissievoorstel in te stemmen.

Nederlandse positie

Daar waar de wetenschappelijke beoordeling van werkzame stoffen onacceptabele risico’s aangeeft voor mens, dier of milieu kan de stof niet opnieuw worden goedgekeurd. In lijn met het Ctgb-advies zal Nederland instemmen met de Commissievoorstellen voor niet-hernieuwing van thiram respectievelijk diquat.

Vanzelfsprekend heeft het wegvallen van stoffen als thiram en diquat een impact voor de teelt van Nederlandse gewassen. Om de afhankelijkheid van deze en andere stoffen te verminderen, werk ik daarom aan een uitbreiding van het middelen- en maatregelenpakket met niet-chemische maatregelen, basisstoffen en laag-risicomiddelen (Kamerstuk 27 858, nr. 417). Hier zet ik mij in Europa en in Nederland voor in samen met de betrokken partijen.

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, C.J. Schouten