Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-202027830 nr. 304

27 830 Materieelprojecten

Nr. 304 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN DEFENSIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 13 mei 2020

Inleiding

Met deze brief, en bijbehorende vertrouwelijke bijlage1, informeer ik u over de behoeftestelling van het project aanvulling inzetvoorraad Patriot PAC-3 raketten ten behoeve van de grondgebonden lucht- en raketverdediging. In een wereld die onveiliger wordt en aan verandering onderhevig is, moet Defensie niet alleen slagkracht, maar ook het voortzettingsvermogen verder versterken. In de Defensienota 2018 (Kamerstuk 34 929, nr. 1) is daarom al aangekondigd dat Defensie de inzetvoorraad voor o.a. munitie gaat vergroten. Daarna is in de Kamerbrief aanvulling munitievoorraden fase 2 (Kamerstuk 27 830, nr. 265) uitgewerkt welke munitiesoorten Defensie aan zal vullen tot een niveau benodigd voor een optreden in de tweede hoofdtaak, de internationale missies. De Patriot PAC-3 raket maakt deel uit van deze munitietypen waarvoor de inzetvoorraad aangevuld moet worden. Omdat er voor PAC-3 geen lopend verwervingstraject was waarop aangevuld kon worden, is Defensie hiervoor een nieuw project gestart.

Context

Defensie werkt stapsgewijs toe naar het aanvullen van de voorraadniveaus. Defensie werkt daarbij als eerste toe naar de inzetbaarheidsdoelstellingen volgens de Defensienota 2018, maar tevens wordt als vervolg beschouwd wat nodig zou zijn om te voldoen aan een inzet in het kader van de eerste hoofdtaak (Kamerstuk 27 830 nr. 268). Over het eventueel implementeren van dit vervolg wordt uw Kamer separaat geïnformeerd.

De dreiging van ballistische en kruisvluchtwapens neemt toe door proliferatie van technologie en ook omdat deze wapens door veel staten als krachtige symbolen van macht gezien worden. Veel van deze wapens kunnen voorzien worden van zowel een conventionele explosieve lading als van massavernietigingswapens. Niet alleen groeit het aantal raketten en kruisvluchtwapens en het aantal landen dat hierover beschikt, de dreiging wordt ook technologisch geavanceerder, waardoor de wendbaarheid, het bereik, de nauwkeurigheid en het effect van dit soort wapensystemen toeneemt.

Behoefte en kenmerken

De Patriot systemen van Defensie spelen een belangrijke rol bij de verdediging tegen een scala aan luchtdreigingen, zoals vliegtuigen, helikopters, tactische ballistische raketten en kruisvluchtwapens. Defensie beschikt over 8 Patriot lanceerinrichtingen voor PAC-3 raketten die de komende jaren gemoderniseerd worden. In 2004 is uw Kamer geïnformeerd dat vanwege beperkte financiële middelen hiervoor slechts 32 raketten zouden worden aangekocht (Kamerstuk 27 830, nr. 20). Uw Kamer is toegezegd dat – indien ontwikkelingen in de kwaliteit en kwantiteit van de dreiging dat vereisten – aanvullend nog 32 raketten aangeschaft zouden worden om alsnog in de behoefte van een volledige lading van alle PAC-3 lanceerinrichtingen in het kader van de inzetbaarheidsdoelstellingen te kunnen voorzien. Zoals in de vorige paragraaf geschetst is de ontwikkeling van de dreiging zodanig dat het kwantitatief en kwalitatief aanvullen van de inzetvoorraad noodzakelijk is. In de eerder genoemde Kamerbrief aanvulling munitievoorraden fase 2 is de noodzaak om de voorraad aan te vullen aangekondigd en onderbouwd.

Dit project voorziet in de 32 resterende PAC-3 raketten die nodig zijn om te kunnen voldoen aan de inzetbaarheidsdoelstellingen. Daarnaast omvat het project de verwerving van twee aanvullende raketten voor certificering en testen gedurende de levensduur.

Met ingang van 2019 kunnen geen orders meer geplaatst worden voor de oudere PAC-3 variant, zoals Nederland die in 2004 verworven heeft. De productie van PAC-3 raketten richt zich op de modernere PAC-3 raket in de Missile Segment Enhancement (MSE) variant. Deze heeft een grotere hoogte en bereik dan de oudere PAC-3 variant en is ook geschikt voor de verdediging tegen moderne, snelle en wendbare types ballistische rakketten en kruisvluchtwapens.

Verwerving en samenwerking

Nederland en Duitsland werken onder de naam Apollo sinds 2017 nauw samen op het gebied van de grondgebonden lucht- en raketverdediging. Binnen het samenwerkingsverband Apollo beschikken zowel Nederland als Duitsland over Patriot PAC-3 capaciteit. Ook Duitsland kent een vergelijkbare behoefte aan PAC-3 MSE raketten in dezelfde periode als Nederland. Daarom wordt het verwerven van de PAC-3 raketten in nauwe afstemming met Duitsland uitgevoerd om toekomstige samenwerking en de technische uitwisselbaarheid van de raketten in de inzetvoorraad zeker te stellen.

De raketten worden geproduceerd in de Verenigde Staten, waarbij Nederland dit najaar in samenwerking met Duitsland kan aansluiten op een gecombineerde bestelling van de Amerikaanse landmacht. Hierdoor zijn de kosten per stuk lager dan wanneer alleen voor Nederland wordt geproduceerd. De verwerving wordt uitgevoerd via de gebruikelijke Foreign Military Sales (FMS) regeling.

Financiële aspecten

Het benodigde projectvolume wordt geraamd tussen de 100 miljoen en 250 miljoen euro (prijspeil 2020). Deze investering, inclusief het verschil in exploitatiekosten ten opzichte van de huidige situatie, komt ten laste van het investeringsbudget van Defensie. Het aantal onzekerheden is laag aangezien de Patriot PAC-3 een standaardproduct is dat al door meerdere landen is verworven en omdat het Foreign Military Sales (FMS) verwervingsproces wordt gevolgd.

In dit FMS proces vraagt Defensie een vrijstelling van de verschuldigde licentiekosten aan, die naar verwachting wordt toegekend. Indien er geen vrijstelling verleend wordt, zal hiervoor niet alleen de risicoreservering aangesproken worden, maar zal dit ook ten koste gaan van de raketten die voorzien zijn voor certificering en testen.

Vooruitblik

Het project wordt uitgevoerd in de periode van 2020 tot en met 2027. Naar verwachting ontvangt Defensie de eerste raketten in 2025.

De financiële omvang van dit project bedraagt meer dan 100 miljoen euro. Omdat het project eenvoudig is en het een laag risicoprofiel heeft, ben ik voornemens de Defensie Materieel Organisatie te mandateren het project uit te voeren.

Uw Kamer zal over de voortgang van dit project worden geïnformeerd via de begroting van het Defensiematerieelbegrotingsfonds, het jaarverslag en het Defensieprojectenoverzicht. Om het project in gezamenlijkheid met Duitsland uit te kunnen voeren en om aan te kunnen sluiten op de lopende productie is Defensie voornemens om, na parlementaire behandeling, uiterlijk in het derde kwartaal 2020 verplichtingen aan te gaan. Ik realiseer me dat de beperkende maatregelen in de aanpak van COVID-19 ook invloed hebben op uw parlementaire agenda. Desondanks verzoek ik u spoedige behandeling van deze brief te bezien.

De Staatssecretaris van Defensie, B. Visser


X Noot
1

Ter vertrouwelijke inzage gelegd, alleen voor de leden, bij het Centraal Informatiepunt Tweede Kamer