nr. 95
BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 10 januari 2008
In vervolg op de eerdere voortgangsbrieven van mijn voorganger van 8 juni
2005 (27 295, nr. 75) en 27 februari 2006 (vws0600402) bericht
ik u hierbij over de uitkomst van het tweejarige onderhandelingsproces tussen
de verzekeraars en de vier ziekenhuizen in de Haagse regio.
De onderhandelingen hebben geleid tot het «Ziekenhuisplan»
Groot Den Haag. Het plan is een weergave van de toekomstafspraken die de volgende
ziekenhuizen (Bronovo, ’t Lange Land Ziekenhuis, HagaZiekenhuis en Medisch
Centrum Haaglanden) gemaakt hebben met de zorgverzekeraars Azivo en Delta
Lloyd. Het «Ziekenhuisplan» treft u bijgaand aan.1
Het plan beschrijft de voornemens van de ziekenhuizen om tot vernieuwing,
kwaliteitsverbetering en sanering van de ziekenhuisinfrastructuur te komen.
Ik heb me ervan laten vergewissen dat de acute zorg in de regio Den Haag in
de plannen goed geborgd is. De bereikbaarheid van acute zorg blijft binnen
de norm van 45 minuten.
In de herinrichting van de ziekenhuisinfrastructuur hebben de verzekeraars
zich laten leiden door de zorgvraag van hun verzekerden en het verder verbeteren
van de kwaliteit van het zorgaanbod in de regio. Hiermee kan het initiatief
van de verzekeraars worden gezien als een geslaagd voorbeeld van hun nieuwe
rol. Door hun actieve bemoeienis met het zorgaanbod hebben de verzekeraars
hun verantwoordelijkheid genomen als afnemer van zorg. Deze rol biedt de verzekeraars
de mogelijkheid om te komen tot een hogere kwaliteit van zorg en lagere kosten
door de efficiencymogelijkheden optimaal te benutten en door scherpe inkoop
van zorg. Dit laatste geeft de verzekeraars eveneens de mogelijkheid partij
te zijn bij de afwegingen rond de gewenste profilering en specialisatie van
de ziekenhuislocaties. De te bereiken kostenbeheersing en kwaliteitsverbetering
van het zorgaanbod komt uiteindelijk de patiënt ten goede. Ziekenhuizen
worden in staat gesteld de zorg beter te organiseren en af te
stemmen op de behoefte van de patiënt. Deze ontwikkeling sluit aan bij
de doelstellingen en uitgangspunten van het nieuwe zorgstelsel.
De regio Den Haag is de laatste in de reeks van grootstedelijke gebieden
waar de verzekeraars zich nadrukkelijk als initiator dan wel als onderhandelingspartner
hebben geprofileerd om zo richting te geven aan een toekomstbestendig en op
de wensen van de zorgvrager afgestemd zorgaanbod.
Mijn voorganger heeft toegezegd u tijdens het Algemeen Overleg van 6 september
2005 nader te informeren over het toekomstperspectief van de ziekenhuiszorg
in de grote steden. Naar aanleiding van het Haagse plan informeer ik u in
het vervolg van deze brief over de stand van zaken in andere grote steden.
In Amsterdam heeft de constatering dat sprake was/is van overcapaciteit
in eerste instantie geleid tot pogingen om VUMC en Slotervaartziekenhuis tot
fusie of samenwerking te brengen. Dat is na verloop van tijd niet haalbaar
gebleken. Ook tot een herprofilering van het Slotervaarziekenhuis is het niet
gekomen, de nieuwe eigenaar van het Slotervaartziekenhuis wil een volwaardig
algemeen ziekenhuis blijven exploiteren. Op enig moment is de bestaande situatie
(met twee academische en vier algemene ziekenhuizen) gehandhaafd en heeft
de verzekeraar productieafspraken met de individuele ziekenhuizen gemaakt
waarbij de hoeveelheid zorg die de verzekeraar wilde inkopen voor zijn verzekerden
centraal heeft gestaan en niet de budgetbehoefte van de ziekenhuizen. Enkele
Amsterdamse ziekenhuizen hebben (mede) ten gevolge daarvan al een doelmatigheidsslag
gemaakt, anderen zijn daarmee bezig of hebben een dergelijke operatie aangekondigd.
In Rotterdam was het nieuwbouwbesluit voor het nieuwe academische ziekenhuis
aanleiding voor de verzekeraars om zich te bezinnen op de aanwezige ziekenhuiscapaciteit.
Mede op verzoek van de verzekeraars is de nieuwbouw van het academisch ziekenhuis
in twee fases geknipt om op die manier toekomstige flexibiliteit in te bouwen.
Sindsdien heeft er een verdere profilering bij de algemene ziekenhuizen in
Rotterdam plaatsgevonden. Dat is gebeurd op basis van een door de verzekeraars
ontwikkelde regiovisie en heeft zijn neerslag gekregen in de verschillende
Lange Termijn Huisvestingsplannen van de individuele ziekenhuizen.
De ziekenhuisconstellatie in de stad Utrecht is nog onder vigeur van de
WZV tot stand gekomen en heeft dus niet onder invloed gestaan van de beleidswijzigingen
van de afgelopen jaren (opheffing contracteerplicht, vervanging WZV door WTZi,
invoering prestatiebekostiging en opheffing nacalculatie gebouwgebonden investeringen.)
Inmiddels is duidelijk geworden dat accentveranderingen zullen worden aangebracht
tussen de locaties van de Mesos/Antoniuscombinatie.
Invoering van integrale prestatiebekostiging op 1 januari 2009 brengt
nieuwe dynamiek met zich mee. In de grote steden zal die dynamiek, vanwege
de aanwezigheid van meerdere ziekenhuizen, zich waarschijnlijk meer laten
voelen dan in landelijke gebieden waar geen sprake is van meerdere ziekenhuizen
op relatief korte afstand.
Het opheffen van de nacalculatie betekent dat alle ziekenhuizen (zowel
in grote steden als in landelijke gebieden) hun investeringen zullen optimali-seren in plaats van te maximaliseren en dat verzekeraars die investeringen
van ziekenhuizen niet meer als een gegeven kunnen beschouwen waarop ze geen
invloed hebben.
Ik hoop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.
De minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
A. Klink