Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-202027062 nr. 111

27 062 Alleenstaande minderjarige asielzoekers

Nr. 111 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 7 mei 2020

Sinds 2015 heeft Nederland, in reactie op de ongekende irreguliere migratiestroom vanuit Turkije, Griekenland doorlopend ondersteund bij het verbeteren van de opvangomstandigheden en de asielprocedures, het bevorderen van terugkeer en het versterken van de bewaking van de EU-buitengrenzen. Dit gebeurt met name in Europees verband en via de EU-agentschappen, maar waar nodig en mogelijk doet Nederland dit ook bilateraal.1 Ondanks alle (nood)maatregelen die door de vorige en huidige Griekse regering zijn getroffen en alle steun die Griekenland hierbij in de afgelopen vijf jaar heeft ontvangen, is het duidelijk dat de situatie van asielzoekers en irreguliere migranten, met name waar het de meest kwetsbaren betreft op de Griekse eilanden, al geruime tijd zorgelijk is. Juist ook nu, vanwege mogelijke besmettingen met het coronavirus.

De zorg voor de alleenstaande minderjarige vreemdelingen leeft ook in uw Kamer, zoals omschreven in de motie van het lid Voordewind c.s.2 Het Nederlandse kabinet is niet voor een tijdelijke oplossing voor de situatie op de Griekse eilanden, zoals de ad hoc herplaatsing van alleenstaande minderjarige kinderen vanuit Griekenland naar Nederland. Nederland zet in op structurele verbeteringen van de opvang, het versnellen van asielprocedures en het bevorderen van terugkeer naar het land van herkomst, in aanvulling op de uw Kamer bekende inzet van het kabinet om in Europees verband te komen tot een gemeenschappelijk mechanisme om lidstaten te ondersteunen in geval van aanhoudende, disproportionele migratiedruk, op basis van de principes van solidariteit en verantwoordelijkheid.

De afgelopen tijd heb ik intensief contact gehad met mijn Griekse ambtgenoot, Minister Koumoutsakos, over de wijze waarop Nederland op structurele wijze Griekenland kan ondersteunen bij de opvang en begeleiding van alleenstaande minderjarige asielzoekers. Recent heeft dit geleid tot een Grieks-Nederlands initiatief dat is gericht op de spoedige realisatie van een voogdijsysteem voor alleenstaande minderjarige asielzoekers en de duurzame verbetering van hun opvang en bescherming. De verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid voor de alleenstaande minderjarige asielzoekers, de voogdij en de asielprocedure blijft hierbij bij de Griekse autoriteiten liggen. Zoals aangekondigd in het Schriftelijk Overleg met uw Kamer ter voorbereiding op de informele JBZ-raad van 28 april jl. (Kamerstuk 32 317, nr. 615), informeer ik uw Kamer hierbij nader over dit initiatief.

Voogdijsysteem en de opvang van alleenstaande minderjarigen in Griekenland

Griekenland kent sinds 2018 een wet op de voogdij, ook voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen. Specifiek voor de bescherming van alleenstaande minderjarige asielzoekers heeft Griekenland recent een zogenaamde Special Secretary for Unaccompanied Minors aangesteld. Een voogd is de wettelijke vertegenwoordiger van een alleenstaande minderjarige asielzoeker en is verantwoordelijk voor het welzijn en de bescherming van de minderjarige gedurende, maar ook na, de asielprocedure. De capaciteit van het Griekse voogdijsysteem is nog beperkt. Een van de voornaamste knelpunten is het ontbreken van een adequaat opleidings- en begeleidingssysteem voor voogden.

Verder beschikt Griekenland niet over voldoende adequate opvangplekken voor minderjarige asielzoekers, terwijl de behoefte hieraan vanwege de verhoogde instroom, met name in de tweede helft van 2019 en begin 2020, juist is toegenomen. Volgens schattingen van het Nationaal Centrum voor Sociale Dienstverlening E.K.K.A. verbleven eind april jl. ca. 5.180 alleenstaande minderjarigen in Griekenland.3 Naar opgave van de Special Secretary verblijven daarvan nog ca. 1.300 op de Griekse eilanden.

Gezien de moeilijke situatie in de opvangkampen aldaar, mede vanwege de vrees voor het coronavirus, worden alleenstaande minderjarige vreemdelingen zo veel mogelijk overgebracht naar opvangvoorzieningen op het Griekse vasteland. Een deel wordt herplaatst naar andere lidstaten. Hoewel er sinds begin maart jl. vrijwel geen nieuwe aankomsten meer zijn en het aantal alleenstaande minderjarigen volgens de Europese Commissie stabiliseert en zelfs afneemt, overtreffen de aantallen nog altijd ruimschoots de capaciteit van de opvangvoorzieningen van de Griekse overheid. Een niet onbelangrijk deel van de opvang en begeleiding wordt uitgevoerd door, of in nauwe samenwerking met, nationale en internationale maatschappelijke organisaties.

De Griekse regering werkt er hard aan om de verantwoordelijkheid voor alleenstaande minderjarigen te dragen en wenst in dit kader een nieuw programma op te zetten om de opvang en bescherming van deze kwetsbare groep structureel te verbeteren. Minister Koumoutsakos heeft mij gemeld graag gebruik te willen maken van de expertise van de Nederlandse voogdij-instelling Nidos en zou een dergelijk programma samen met Nidos en andere Nederlandse partners willen realiseren. Het kabinet verwelkomt en ondersteunt deze ambitie.

Hiermee zet de Griekse regering een belangrijke stap in de structurele verbetering van het Griekse asiel- en opvangsysteem en de opbouw van benodigde capaciteit, specifiek met betrekking tot deze kwetsbare groep. Ter ondersteuning van deze ambitie, heb ik Minister Koumoutsakos toegezegd dat Nederland bereid is dit voogdijprogramma voor een periode van drie jaar met expertise, advies en financiën mede op te zetten en te ondersteunen. Bij dit Grieks-Nederlandse initiatief zal behalve met de centrale overheid in Athene ook nauw worden samen gewerkt met decentrale overheden om ook op lokaal niveau ownership te garanderen.

Contouren samenwerkingsverband

Dit Grieks-Nederlandse samenwerkingsverband zal bestaan uit drie elementen: 1) het opzetten van een voogdijvoorziening in Griekenland, 2) het opzetten en organiseren van opvang van alleenstaande minderjarige asielzoekers in opvangvoorzieningen, kleinschalige begeleid wonen projecten en bij gastouders en 3) het bieden van hulp bij het begeleiden van alleenstaande minderjarigen nadat zij de asielprocedure hebben doorlopen.

Met betrekking tot het eerste element zal, op verzoek van Griekenland, Nidos in samenwerking met de Griekse partners een programma opzetten om op de korte termijn het voogdijsysteem in Griekenland verder op te bouwen, mede op basis van de ervaringen vanuit het Nederlandse model. Het streven is om een zogenaamd «centre of excellence» op te richten waar de gewenste standaarden voor opvang en begeleiding worden uitgedragen en waar voogden door middel van een train-the-trainersprogramma worden getraind en de benodigde ervaring opdoen.

In het kader van- en in samenhang met dit programma zal tevens worden gewerkt aan een adequate opvang van alleenstaande minderjarige asielzoekers. Op korte termijn zullen op het Griekse vasteland 48 alleenstaande minderjarige asielzoekers veilige opvang krijgen, bekostigd door Nederland. Op basis van het huidige verloop van de asielprocedure in Griekenland, wordt verwacht dat op basis van de oorspronkelijke 48 plaatsen, gedurende drie jaar, in totaal ruim 500 alleenstaande minderjarige asielzoekers met dit programma opgevangen en geholpen kunnen worden.

De opvang vindt in eerste instantie plaats in opvangvoorzieningen, waar de alleenstaande minderjarigen onderdak, onderwijs, psychosociale hulp, juridische begeleiding en gezondheidszorg ontvangen, met voogdijvoorziening.

Het voogdijprogramma, dat door Nidos wordt begeleid en ondersteund, voorziet er ook in, dat diegenen die de asielprocedure hebben doorlopen en een status hebben gekregen, ook daarna begeleid zullen worden. Ook de minderjarigen die zijn afgewezen in de asielprocedure zullen worden begeleid tot het moment van terugkeer.

Nadere details zullen op korte termijn in een aantal technische overleggen worden uitgewerkt. Afspraken worden vastgelegd in een Memorandum of Understanding met Griekenland.

Bij het programma zullen Nederlandse maatschappelijke en non-gouvernementele organisaties die ervaring hebben met de begeleiding en opvang van alleenstaande minderjarigen in Griekenland worden betrokken, naast de meest relevante Griekse counterparts, inclusief medeoverheden. Het Grieks-Nederlandse voogdijprogramma past binnen de EU-brede inspanningen om het Griekse asiel- en opvangstelsel te verbeteren.

Het Ministerie van Justitie en Veiligheid zal het programma gedurende drie jaar financieel ondersteunen. Dit is begroot op 3,5 tot 4 miljoen euro voor de gehele periode.

De afgelopen jaren hebben mijn voorgangers en ik veelvuldig met uw Kamer gesproken over de zorgwekkende situatie op de Griekse eilanden. Hoewel de opvang van asielzoekers en de asielprocedure primair een verantwoordelijkheid van de Griekse overheid zijn, heeft Nederland zich altijd op het standpunt gesteld dat Griekenland daarin alle mogelijke steun verdient van de Europees Commissie en de lidstaten. Met dit programma wordt daarin een nieuwe belangrijke stap gezet. Op korte termijn wordt 48 alleenstaande minderjarige vreemdelingen veilige opvang op het Griekse vasteland geboden. Op basis van de 48 plaatsen wordt over een periode van drie jaar het leven van ruim 500 alleenstaande minderjarigen in Griekenland verbeterd. Bovendien, en niet in de laatste plaats, worden met het voogdijprogramma de onderliggende structurele problemen aangepakt om de situatie duurzaam te verbeteren. Ik zal uw Kamer gedurende de looptijd van het programma met regelmaat informeren over de uitvoering van het programma.

De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, A. Broekers-Knol


X Noot
1

Kamerstuk 32 317, nr. 579.

X Noot
2

Kamerstuk 32 317, nr. 608.

X Noot
3

Nationale Centrum voor Sociale Solidariteit, zie het E.K.K.A. dashboard voor laatste overzicht m.b.t. amv´s in Griekenland: http://ekka.org.gr/images/ΣΤΑΤΙΣΤΙΚΑ_2020/EKKA%20Dashboard%2030-4-2020.pdf.