26 643 Informatie- en communicatietechnologie (ICT)

Nr. 410 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 19 mei 2016

Tijdens de behandeling van het wetsvoorstel ter uitvoering van de netneutraliteitsverordening (Kamerstuk 34 379) op 28 april jl. (Handelingen II 2015/16, nr. 82, Netneutraliteitsverordening) heb ik toegezegd uw Kamer schriftelijk te informeren over de lopende ontwikkelingen omtrent snel internet in het buitengebied. Eerder informeerde ik uw Kamer over mijn inzet om de uitrol van snel internet in het buitengebied te stimuleren (Kamerstuk 24 095, nr. 380 en Kamerstuk 26 643, nr. 361). In deze brief geef ik op hoofdlijnen een overzicht van de actuele ontwikkelingen.

De digitale infrastructuur van Nederland

Een goede en moderne digitale infrastructuur is van groot belang voor de Nederlandse economie. De verdergaande digitalisering stelt eisen aan de digitale infrastructuur. Er is een groeiende vraag naar snelle en betrouwbare telecommunicatieverbindingen door het gebruik van nieuwe diensten en technieken. Een goed functionerende telecommarkt is dan ook van groot belang. Het beleid van de rijksoverheid is erop gericht om de juiste randvoorwaarden te creëren voor een dynamische telecommarkt die voortdurend investeert in innovaties. Nederland heeft een hoogwaardige infrastructuur met meerdere vaste telecomnetwerken (koper, kabel, glasvezel) en vier mobiele netwerkaanbieders. De beschikbaarheid van zowel vast als mobiel snel internet is in Nederland groot. Maar liefst 97% van de huishoudens en 91% van de bedrijven heeft toegang tot vast snel internet (30 Megabits per seconde (Mbps) of meer). Nederland behoort wereldwijd tot de top en voldoet vrijwel aan de Europese doelstelling dat in 2020 iedereen toegang heeft tot internet met een snelheid van minimaal 30 Mbps.

Echter, begin 2015 konden circa 330.000 huishoudens en bedrijven nog geen toegang krijgen tot snel internet (Kamerstuk 24 095 nr. 380). Ik hecht eraan dat ook deze huishoudens en bedrijven over snel internet kunnen beschikken. Dat is niet alleen belangrijk voor de toegang tot digitale diensten, zoals van de overheid, maar ook voor maatschappelijke en sociale participatie. Door inspanningen van marktpartijen, overheden en burgerinitiatieven kunnen steeds meer adressen beschikken over snel internet.

De markt in beweging

Het buitengebied heeft niet alleen politieke en maatschappelijke aandacht, maar ook de aandacht van marktpartijen die via draadloze oplossingen, uitrol van glasvezel of verbetering van bestaande netwerken een bijdrage leveren aan het realiseren van snel internet in het buitengebied. Een aantal goede, illustratieve voorbeelden zijn de volgende.

In Overijssel is het bedrijf CIF, een beleggingsfonds in telecommunicatie-infrastructuren, een joint venture (Cogas Kabel Infra) aangegaan met netwerkbeheerder Cogas. Cogas Kabel Infra heeft de ambitie om zonder publieke financiering circa 20.000 adressen in het buitengebied van Overijssel te voorzien van een glasvezelverbinding. In gemeente Tubbergen legt Cogas Kabel Infra inmiddels glasvezel aan. Ook in de gemeenten Dinkelland, Oldenzaal, Borne, Wierden en Hellendoorn gaat Cogas Kabel Infra aan de slag. Bij voldoende deelnemers volgen andere gemeenten. CIF werkt voor nog eens 23.000 adressen in het buitengebied van Overijssel samen met lokale burgerinitiatieven en met netwerkbeheerder Rendo. Om de kans op succes te vergroten, organiseert CIF informatieavonden voor inwoners en maakt het praktische afspraken met gemeenten over bijvoorbeeld uniforme vergunningsprocedures en graafdieptes. Ik zie dit als een goed praktijkvoorbeeld en breng deze aanpak onder de aandacht bij andere overheden om te bevorderen dat zij aansluiting weten te vinden bij marktpartijen. De provincie Gelderland constateert ook dat de markt in beweging is en stopt met publieke financiering van de aanleg van snel internet in het buitengebied van de Achterhoek. Marktpartijen zouden namelijk voldoende initiatief tonen in de aanleg van snel internet. De provincie Gelderland geeft aan dat gemeenten in regionaal verband verder gaan om de belangstelling om te zetten in concrete projecten.

KPN heeft eind 2015 aangekondigd snel internet in het buitengebied te willen realiseren door het netwerk in kleine kernen te moderniseren met een combinatie van VDSL en glasvezel. Verder heeft KPN aangekondigd voor 100.000 adressen in het buitengebied een speciaal 4G-abonnement aan te bieden. In vergelijking met gewone 4G-abonnementen kunnen klanten een grotere hoeveelheid data afnemen tegen een vaste prijs. Ik heb dit mobiele aanbod gefaciliteerd door het beschikbaar stellen van een specifieke nummerreeks. Hoewel het mobiele aanbod een datalimiet kent, kan dit een verbetering bieden voor mensen die nu internet met een zeer lage snelheid hebben. Ook T-Mobile bekijkt de mogelijkheden voor 4G voor thuisgebruik en voert hiervoor een pilot uit. Een kenmerk van de pilot is dat er in de nacht geen datalimiet geldt. Dit illustreert dat marktpartijen experimenteren met mogelijke oplossingen.

Steeds vaker zijn ook aanbieders actief van zogenoemde «vaste draadloze» oplossingen, ook wel Wireless Local Loop (WLL) genoemd. Bij een vaste draadloze oplossing worden huishoudens of bedrijven draadloos verbonden met een mast die gekoppeld is met het internet. Met deze techniek kunnen snelle en moderne verbindingen tot stand worden gebracht zonder datalimiet. Eerder meldde ik uw Kamer (Kamerstuk 24 095 nr. 380) dat enkele buitengebieden in Flevoland op deze wijze zijn aangesloten. Ook in de provincie Zeeland is geëxperimenteerd met deze techniek. In de tweede helft van 2015 is een pilot met deze techniek gerealiseerd in de toeristisch drukke kustzone van de gemeente Sluis. Uit de evaluatie van de aanbieders Greenet en het Zeeuwse kabelbedrijf DELTA is gebleken dat consumenten, agrariërs en recreatieondernemers naar tevredenheid gebruik hebben gemaakt van de vaste draadloze oplossing. Greenet heeft op basis van deze evaluatie besloten de pilot in Sluis te continueren als een volwaardige netwerkdienst. Hiertoe werkt zij samen met DELTA aan uitbreiding van dit netwerk in Sluis. De provincie Zeeland bekijkt op dit moment hoe de kans vergroot kan worden op financiering voor de benodigde investeringen voor de rest van het Zeeuws buitengebied. Ik ondersteun dit soort draadloze oplossingen via de bestemming van frequentiebanden. Onlangs heb ik hiervoor extra frequenties in de 3,5 GHz-band beschikbaar gesteld.1 Met het gebruik van deze frequentiebanden kan worden bijgedragen aan de uitrol van snel internet in het buitengebied.

Ook overheden zijn actief

Zoals de Taskforce Next Generation Networks2 reeds in 2010 heeft aangegeven, vraagt de uitrol van snel internet om regionaal maatwerk (Kamerstuk 26 643 nr. 150). Per gebied verschillen de kosten van aanleg, de behoefte, de aanwezige infrastructuur en daarmee de mogelijke oplossingen. Daar waar de markt niet voldoende in beweging is, ligt er een rol voor gemeenten en provincies om de uitrol van snel internet te bevorderen. Ook op dit vlak zijn er ontwikkelingen.

De provincie Noord-Brabant stelt via de Brabantse Ontwikkelingsmaatschappij onder voorwaarden een lening beschikbaar aan de Maatschappij voor Breedband in Brabant B.V. (Mabib). Mabib verwacht 35.000 adressen in het buitengebied van Noord-Brabant binnen 2,5 jaar aan te sluiten op glasvezel en wil hier in het najaar mee beginnen. Recent is bekend gemaakt dat CIF als aandeelhouder is toegetreden tot Mabib waardoor de financieringspositie van het project is versterkt.

Ook andere provincies zijn actief. De provincie Drenthe stelt leningen beschikbaar voor initiatieven in gebieden zonder snel internet en marktconforme leningen voor initiatieven in gebieden waar al één netwerk ligt waarmee snel internet mogelijk is. Daarnaast subsidieert de provincie vraagbundelingstrajecten en heeft zij een breedbandloket opgericht dat initiatieven ondersteunt. De provincie Friesland heeft ook financiële middelen beschikbaar gesteld en beziet de inrichting van een steunregeling. De provincie Groningen volgt mogelijk ook met een steunregeling. De provincie Flevoland heeft een faciliterende rol genomen en zoekt met de gemeenten per regio naar de meest duurzame en toekomstvaste oplossing. In noordelijk Flevoland is, na onderzoek en marktconsultatie, de vraagbundeling gestart. In oostelijk en zuidelijk Flevoland moet een vergelijkbaar onderzoek nog worden uitgevoerd. Ook de provincie Limburg heeft een faciliterende rol en bekijkt op basis van rendabele business cases, waarin ook private partijen willen mee-investeren, welke rol zij nog meer kan spelen. Voor gebieden die niet door de markt worden opgepakt, beziet de provincie welke nieuwe technologische oplossingen kunnen bijdragen aan de beschikbaarheid van snel internet. De provincie Zuid-Holland voert een inventarisatie uit onder gemeenten om een overzicht te krijgen van de problematiek en zal naar verwachting rond de zomer met een voorstel komen voor een faciliterende provinciale inzet. De provincie Noord-Holland verkent verschillende opties waarbij de financiële consequenties evenals de rollen en (financiële) bijdragen van gemeenten en andere partijen in beeld worden gebracht. Besluitvorming vindt naar verwachting in het najaar plaats. De provincie Utrecht stuurt samen met de gebiedscommissies aan op een overeenkomst met de gemeenten die moet leiden tot een gezamenlijke aanpak van vraagbundeling. De provincie kiest voor een faciliterende rol en heeft hiervoor middelen beschikbaar gesteld.

Niet alleen provincies, maar ook andere decentrale overheden bevorderen de uitrol van snel internet. Regio Rivierenland, een samenwerkingsverband van tien Gelderse gemeenten, heeft de ambitie om circa 14.000 adressen te voorzien van een glasvezelverbinding. Zij heeft een analyse uitgevoerd van mogelijke beleidsopties en heeft verkend in hoeverre samenwerking met marktpartijen mogelijk is. Regio Rivierenland werkt haar plan nader uit en verwacht in juni een bestuurlijke keuze te maken.

Europese faciliteiten

Ook de Europese Commissie (EC) heeft aandacht voor snel internet in het buitengebied. De EC heeft het Europees Fonds voor Strategische Investeringen (EFSI) ingericht. Ook breedbandprojecten kunnen in aanmerking komen voor EFSI-financiering. De prioriteit bij de Europese Investeringsbank (EIB), die het EFSI uitvoert, ligt bij projecten met een relatief grote financiële omvang. Om de kans op financiering door de EIB te vergroten bekijkt het NIA (Nederlands Investeringsagentschap voor EFSI) samen met provincies of zij tot een gezamenlijke financieringsaanvraag kunnen komen. Het succes hiervan is afhankelijk van de mate waarin provincies hun beleidsaanpak en gewenste investeringsvoorwaarden kunnen verenigen in één projectvoorstel (Kamerstuk 21 501-30 nr. 365). De EC heeft ook aandacht voor projecten met een relatief kleine financiële omvang en overweegt om een breedbandinvesteringsfonds op te richten binnen de bestaande Connecting Europe Facility (CEF). Ik steun dit en houd de ontwikkelingen hieromtrent in de gaten. Bij meer zekerheid over de oprichting zal ik het fonds onder de aandacht brengen bij belanghebbenden.

De EIB heeft de zogenoemde European Investment Advisory Hub (EIAH) ingericht als steunpunt voor mogelijke EFSI-projecten. De EIAH adviseert projecteigenaren in alle stadia van projectontwikkeling en stelt experts beschikbaar vanuit de Europese Investeringsbank. Daarnaast is de EC voornemens de European Investment Project Portal (EIPP) te lanceren, die zal fungeren als een «etalage» voor initiatieven die op zoek zijn naar investeerders of andere typen cofinanciering. Samen met het NIA maak ik afspraken met de EIAH om te bevorderen dat Nederlandse breedbandinitiatieven maximaal gebruik kunnen maken van de diensten van de EIAH en de aankomende EIPP.

Burgerinitiatieven

Burgerinitiatieven spelen een belangrijke rol in het mogelijk maken van snel internet in het buitengebied. In Overijssel hebben burgerinitiatieven bewoners geënthousiasmeerd en bijgedragen aan het aantal deelnemers dat nodig was voor de uitrol van glasvezel door marktpartij CIF. Voor marktpartijen kan het van belang zijn dat er voldoende lokale bereidheid is om zich vooraf te committeren. Ik juich een dergelijke samenwerking tussen burgerinitiatieven en marktpartijen toe. Hiermee wordt enerzijds de kracht benut van burgerinitiatieven en anderzijds de kennis en ervaring van marktpartijen in het aanleggen en exploiteren van een netwerk. Zoals gemeld aan uw Kamer (Kamerstuk 26 643 nr. 384) verleen ik subsidie aan de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) voor het uitvoeren van onderzoek naar succes- en faalfactoren van burgerinitiatieven in het buitengebied. De RUG zal in juli 2016 een eerste rapportage opleveren. Hierin besteedt zij aandacht aan de rol van kennis, lokale capaciteit en de relaties tussen burgers, overheden en marktpartijen. Ik zie voor de rijksoverheid en decentrale overheden een rol om het kennisniveau bij burgerinitiatieven te vergroten en deze verder op weg te helpen. Een eerste stap heb ik gezet met de portal samensnelinternet.nl, waar initiatiefnemers terecht kunnen voor kennis, ervaringen en praktisch toepasbare middelen die hen tijdwinst opleveren en die de slagingskans van projecten vergroten. Inmiddels zet ik mij ook in op andere manieren. Hieronder ga ik hierop in.

Inzet Ministerie van Economische Zaken

Ik vind het belangrijk dat de geschetste ontwikkelingen, aanwezige energie en dynamiek de ruimte krijgen. Daarbij zie ik voor mijn ministerie een faciliterende rol. Aanvullend op de activiteiten waarover ik uw Kamer heb geïnformeerd (Kamerstuk 24 095 nr. 380) bekijk ik een aantal extra maatregelen.

Kennisplatform Snel Internet

Ik zal met verschillende partijen in overleg treden over de vorming van een kennisplatform waarbij overheden over de verschillende aspecten van breedbandprojecten geïnformeerd worden, kennis en ervaringen over de verschillende aanpakken worden uitgewisseld en overzicht wordt geboden van actuele ontwikkelingen. Het platform kan bestaan uit verschillende publieke partijen, zoals de VNG, het Kenniscentrum Europa decentraal3 en het Interprovinciaal Overleg voor breedband. Het platform kan partijen verbinden en in verschillende gremia de ontwikkelingen bespreken omtrent het buitengebied. Het platform moet bevorderen dat overheden en burgerinitiatieven van elkaar leren, dat best practices worden overgenomen en dat partijen elkaar weten te vinden. Ook kan het platform een rol spelen in het door ontwikkelen van de portal samensnelinternet.nl en het organiseren van themasessies waarmee initiatiefnemers inzicht krijgen in de verschillende facetten van een breedbandproject.

Faciliteren publieke financiering en nationale koepelregeling

Ik denk mee met overheden die publieke financiering overwegen en kan hen desgewenst samen met mijn ambtsgenoot van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en het Kenniscentrum Europa decentraal duidelijkheid geven over de mogelijkheden binnen de Europese staatssteunregels. Ik organiseer voor overheden sessies over staatssteun, bespreek met hen de ervaren knelpunten en hoe zij deze kunnen oplossen. Ter uitvoering van de motie van de leden Mulder en Oosenbrug (Kamerstuk 34 300-XIII nr. 27) denk ik, samen met mijn ambtsgenoot van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, daarnaast graag mee met de onderbouwing van voorstellen voor publieke financiering in gebieden waar al één netwerk ligt waarmee snel internet mogelijk is. Ik intensiveer mijn inzet door de behoefte aan een nationale koepelregeling voor publieke financiering van decentrale overheden voor breedbandprojecten in kaart te brengen. Een dergelijke koepelregeling moet ervoor zorgen dat overheden de krachten kunnen bundelen en niet individueel een eigen steunregeling hoeven voor te leggen aan de Europese Commissie.

Verbinden en samenwerken

Ik bevorder dat marktpartijen en overheden – binnen de kaders van wet- en regelgeving – praktische afspraken maken om een efficiënte voortgang te bevorderen bij de aanleg van snel internet en neem eventuele knelpunten weg door hierin te faciliteren. Daarnaast ben ik voornemens om samen met de VNG sessies te organiseren over gemeentelijke aangelegenheden zoals leges, vergunningsprocedures en degeneratiekosten. Met de VNG worden er acties verkend die we in gezamenlijkheid kunnen oppakken.

Mijn aandacht zal de komende periode onverminderd uitgaan naar de uitrol van snel internet in het buitengebied en ik zal mij blijven inzetten om hieraan bij te dragen. In het najaar zal ik uw Kamer informeren over de voortgang van de vorming van het kennisplatform, de inventarisatie van de behoefte aan een koepelregeling en over het onderzoek van de RUG naar succes- en faalfactoren van breedbandinitiatieven.

De Minister van Economische Zaken, H.G.J. Kamp


X Noot
1

Besluit van de Minister van Economische Zaken van 22 oktober 2015, nr. ETM / TM / 15127885, houdende wijziging van het Nationaal Frequentieplan 2014 (pakket 2015–1).

X Noot
2

Deze Taskforce, ingesteld door de toenmalig Staatssecretaris van Economische Zaken, had tot taak advies uit te brengen hoe de verdere snelle uitrol van breedbandige netwerken door decentrale overheden in samenwerking met (commerciële) ondernemingen en andere partijen kan worden gestimuleerd.

X Noot
3

Het Kenniscentrum Europa decentraal is een kenniscentrum voor Europees Recht voor overheidsorganisaties.

Naar boven