Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2011-201225764 nr. 56

25 764 Reisdocumenten

Nr. 56 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 5 april 2012

De vaste commissie voor Binnenlandse Zaken heeft naar aanleiding van het vervallen van de geldigheid van kinderbijschrijvingen gesproken over noodzakelijke spoedwetgeving om de geldigheidsduur van reisdocumenten te verlengen naar 10 jaar en verzoekt mij de Kamer te informeren over mijn zienswijze en planning met betrekking tot deze, mogelijk noodzakelijke spoedwetgeving. In reactie op dit verzoek informeer ik de Kamer als volgt.

Het invoeren van een reisdocument met een geldigheidsduur van 10 jaar is een aangelegenheid die zowel wijziging van wetgeving, in casu van de Paspoortwet, als aanpassing van het document zelf vergt. Gaarne verwijs ik u naar mijn brief van 2 april 2012 (Kamerstuk 33 011, nr. 20) waarin ik de Kamer heb gemeld toe te werken naar een invoering per 1 oktober 20131 van een 10 jarige geldigheidsduur voor zowel het paspoort als de Nederlandse identiteitskaart.

De wijziging van de Paspoortwet die nodig is om een geldigheidsduur van 10 jaar juridisch mogelijk te maken zal binnenkort voor advies worden gezonden aan de Raad van State van het Koninkrijk.

De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, J. W. E. Spies


X Noot
1

Zie ook het verslag van het AO van 7 oktober 2010 (TK 2010–2011, 25 764, nr. 44), pagina 13.