Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-202025424 nr. 495

25 424 Geestelijke gezondheidszorg

Nr. 495 MOTIE VAN HET LID VAN TOORENBURG C.S.

Voorgesteld 12 december 2019

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat het toezicht op de uitoefening van de taak van het Openbaar Ministerie wordt uitgevoerd door de rechter of de procureur-generaal bij de Hoge Raad en niet door de Inspectie Justitie en Veiligheid;

constaterende dat het toezicht derhalve niet raakt aan al het handelen van het Openbaar Ministerie;

overwegende dat in concrete zaken de inspectie wel kan kijken naar de samenwerking in de strafrechtketen;

overwegende dat de inspectie desondanks niet tot aanbevelingen kan komen ten aanzien van de taakuitoefening van het Openbaar Ministerie;

verzoekt de regering, te bezien op welke wijze het toezicht van de inspectie kan worden verbreed, zodat ook het Openbaar Ministerie waar het gaat om de taakuitoefening betrokken kan worden in een inspectieonderzoek,

en gaat over tot de orde van de dag.

Van Toorenburg

Kuiken

Groothuizen