Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2017-201823987 nr. 212

23 987 Lidmaatschap van de Europese Unie

Nr. 212 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 22 januari 2018

In de procedurevergadering van de vaste Kamercommissie voor Europese Zaken van 18 januari 2018 is het kabinet verzocht om een nadere appreciatie van het Brexit-rapporteursverslag, in aanvulling op de kabinetsreactie van 12 januari 2018 (Kamerstuk 23 987, nr. 208). De Kamercommissie verzoekt het kabinet om een nadere brief, waarin een puntsgewijze inhoudelijk gemotiveerde reactie op alle afzonderlijke aanbevelingen wordt gegeven.

In zijn reactie op het Brexit-rapporteursverslag van 12 januari jl. (Kamerstuk 23 987, nr. 208) is het kabinet inhoudelijk ingegaan op alle conclusies en aanbevelingen die in het verslag aan de regering zijn gericht. Het is voor het kabinet dan ook niet duidelijk wat voor nadere appreciatie uw Kamer wenst.

Het kabinet hecht grote waarde aan goede en tijdige betrokkenheid van het parlement bij het Europese besluitvormingsproces en zet zich ervoor in het parlement proactief en adequaat te informeren. Er is grote bereidheid bij het kabinet om uw Kamer optimaal te informeren over het onderhandelingsproces over de uittreding van het Verenigd Koninkrijk (VK) uit de Europese Unie (EU).

Dit blijkt uit de voortdurende informatiedeling over de Brexit-onderhandelingen door het kabinet. Daarnaast ontving uw Kamer onlangs onder andere voornoemde uitgebreide kabinetsreactie op het verslag van de Brexit-rapporteurs en de beantwoording van de vragen en opmerkingen gesteld ten behoeve van het besloten schriftelijk overleg over Brexit (Kamerstuk 23 987, nr. 210).

Op dit moment ziet het kabinet geen mogelijkheid of aanleiding tot nadere inhoudelijke aanvullingen op bovengenoemde informatie aan uw Kamer.

Ik zie ernaar uit om binnenkort mondeling met uw Kamer van gedachten te wisselen tijdens het Algemeen Overleg op 24 januari a.s. over de Raad Algemene Zaken in Artikel 50 samenstelling van 29 januari a.s. Ook blijft het kabinet te allen tijde bereid uw Kamer vertrouwelijk te informeren middels besloten (ambtelijke) briefings, wanneer uw Kamer naar aanleiding van de ontvangen vertrouwelijke onderhandelingsstukken extra geïnformeerd wenst te worden over de laatste ontwikkelingen in de Brexit-onderhandelingen.

De Minister van Buitenlandse Zaken, H. Zijlstra