22 112 Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie

Nr. 1285 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 12 december 2011

Overeenkomstig de bestaande afspraken heb ik de eer u hierbij twee fiches aan te bieden die werden opgesteld door de werkgroep Beoordeling Nieuwe Commissievoorstellen (BNC).

Fiche 1: Richtlijn jaarlijkse financiële rapportage ondernemingen (Kamerstuk 22 112, nr. 1284)

Fiche 2: Verordening controle op handel in goederen voor tweeërlei gebruik

De staatssecretaris van Buitenlandse Zaken,

H. P. M. Knapen

Fiche: Verordening controle op handel in goederen voor tweeërlei gebruik

1. Algemene gegevens

Titel voorstel: Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 428/2009 tot instelling van een communautaire regeling voor controle op de uitvoer, de overbrenging, de tussenhandel en de doorvoer van producten voor tweeërlei gebruik.

Datum Commissiedocument: 7 november 2011

Nr. Commissiedocument: COM (2011) 704

Prelex:

http://ec.europa.eu/prelex/detail_dossier_real.cfm?CL=nl&DosId=200989

Nr. Impact Assessment Commissie en Opinie Impact Assessment Board: Niet opgesteld.

Behandelingstraject Raad: Raad Buitenlandse Zaken (RBZ).

Eerstverantwoordelijk ministerie: Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie.

Rechtsbasis, besluitvormingsprocedure Raad, rol Europees Parlement, gedelegeerde en/of uitvoeringshandelingen

  • a) Rechtsbasis

    Artikel 207 VwEU

  • b) Besluitvormingsprocedure Raad en rol Europees Parlement

    Gewone wetgevingsprocedure, medebeslissingsprocedure.

    Commissie in EP: International Trade (INTA), rapporteur nog onbekend.

  • c) Gedelegeerde en/of uitvoeringshandelingen

    Op dit moment zijn er geen uitvoeringshandelingen of gedelegeerde handelingen onder de dual-use verordening. Het voorstel introduceert de bevoegdheid voor de Europese Commissie om gedelegeerde handelingen vast te stellen.

2. Samenvatting BNC-fiche

• Korte inhoud voorstel

Met het voorstel stelt de Commissie voor om bijlage 1 (lijst van vergunningplichtige goederen) en bijlage 2 (communautaire algemene vergunningen) van de dual-use verordening voortaan niet per gewone wetgevingsprocedure vast te stellen, maar door middel van een gedelegeerde handeling. Dual-use goederen, of goederen voor tweeërlei gebruik, zijn goederen die zowel een civiele als een militaire toepassing kunnen krijgen, of gebruikt kunnen worden voor het vervaardigen van massavernietigingswapens.

• Bevoegdheidsvaststelling en subsidiariteits- en proportionaliteitsoordeel

De Europese Commissie baseert de bevoegdheid voor dit voorstel op artikel 207 VwEU. Het subsidiariteitsoordeel is niet van toepassing aangezien het reeds een exclusieve EU bevoegdheid betreft. Het voorstel ziet alleen op de procedure waarmee de bijlagen bij van de verordening kunnen worden aangepast.

Het proportionaliteitsoordeel is positief gezien het feit dat door de aanpassing van de verordening op een tweetal belangrijke punten de bijlagen veel sneller kunnen worden aangepast indien nodig.

• Implicaties/risico’s/kansen

Door het voorstel zal de aanpassing van de verordening op een tweetal belangrijke punten veel sneller kunnen worden aangepast indien dat nodig is.

• Nederlandse positie en eventuele acties

Nederland steunt het voorstel van de Commissie in principe, maar is daarentegen van mening dat de lijst opgenomen in bijlage 1 bij de verordening (en de vergelijkbare lijsten 3, 3bis, 4) beter krachtens de verordening bij uitvoeringshandeling kunnen worden vastgesteld en gewijzigd. Daarbij dient de bevoegdheid tot vaststelling van deze uitvoeringshandelingen aan de Raad te worden geattribueerd conform de uitzonderingsmogelijkheid zoals voorzien in artikel 291, tweede lid, VWEU. Nederland staat wel positief tegenover de attributie van de bevoegdheid aan de Europese Commissie om bij gedelegeerde handeling bijlage 2 aan te passen op die punten zoals voorzien in het voorstel, inclusief de voorgestelde spoedprocedure. Nederland zal zich actief inzetten voor het alternatieve voorstel inzake bijlage 1.

3. Samenvatting voorstel

Met het voorstel stelt de Commissie voor om bijlage 1 (lijst van vergunningplichtige goederen) en bijlage 2 (communautaire algemene vergunningen) van de dual-use verordening voortaan niet per gewone wetgevingsprocedure vast te stellen, maar door middel van een gedelegeerde handeling. Het betreft enerzijds de bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot de uitsluiting van bestemmingen en producten van het toepassingsgebied van de in bijlage 2 van verordening (EG)nr. 428/2009 bedoelde algemene uitvoervergunningen. Anderzijds betreft het de bevoegdheid om bij gedelegeerde handeling de lijst van producten voor tweeërlei gebruik in bijlage 1 bij de verordening bij te werken.

De goederenlijst in bijlage 1 is gebaseerd op de lijsten die vastgesteld worden in de internationale exportcontroleregimes (Nuclear Suppliers Group, Wassenaar Arrangement, Missile Technology Control Regime en Australia Group). Deze regimes actualiseren hun goederenlijsten elk jaar, waardoor ook de goederenlijst in de dual-useverordening moet worden geactualiseerd. Op dit moment gebeurt dat per gewone wetgevingsprocedure. Het Europees Parlement heeft op 23 mei 2011 aan de Commissie gevraagd een voorstel te doen voor een andere procedure.

De Raad en het Europees Parlement hebben onlangs overeenstemming bereikt over het introduceren van additionele algemene vergunningen. Deze worden toegevoegd aan bijlage 2 van de dual-use verordening, en gelden voor relatief ongevoelige goederen naar ongevoelige bestemmingen. In het geval de politieke situatie in een van de genoemde landen verandert, moeten de algemene vergunningen snel aangepast kunnen worden om bepaalde bestemmingen of goederen af te voeren.

4. Bevoegdheidsvaststelling en subsidiariteits- en proportionaliteitsoordeel

a) Bevoegdheid

Exportcontrole van dual-usegoederen is gebaseerd op art 207 VwEU en de dual-useverordening (428/2009). Dit is een exclusieve bevoegdheid van de EU.

b) Subsidiariteits- en proportionaliteitsoordeel

Subsidiariteit: niet van toepassing

Proportionaliteit: positief: gezien het feit dat door de aanpassing van de verordening op een tweetal belangrijke punten de bijlagen veel sneller kunnen worden aangepast indien nodig.

c) Nederlands oordeel over de voorstellen op het gebied van gedelegeerde en/of uitvoeringshandelingen

Zoals te lezen in paragraaf 9 is Nederland van mening dat thans de tijd rijp is om te bezien of een aantal bijlagen bij de verordening nog langer als onderdeel van de verordening zelf dienen te worden gehandhaafd. Nederland stelt een alternatieve oplossing voor, die het mogelijk maakt een aantal bijlagen, waaronder de goederenlijst in bijlage 1, door een uitvoeringshandeling met bevoegdheid voor de Raad aan te passen.

5. Financiële implicaties, gevolgen voor regeldruk en administratieve lasten

a) Consequenties EU-begroting

Geen.

b) Financiële consequenties (incl. personele) voor rijksoverheid en/ of decentrale overheden

Geen.

c) Financiële consequenties (incl. personele) voor bedrijfsleven en burger

Geen.

d) Gevolgen voor regeldruk/administratieve lasten voor rijksoverheid, decentrale overheden, bedrijfsleven en burger

Het voorstel betreft een wijziging in de procedure waarmee de goederenlijst bij de dual-use verordening veranderd kan worden, en waarmee goederen of bestemmingen van de Communautaire Algemene Vergunning kunnen worden afgevoerd.

De beslissing om goederen aan de lijsten toe te voegen of van de lijsten te verwijderen wordt genomen in de internationale exportcontroleregimes. Buiten de EU duurt de implementatie daarvan in nationale wetgeving gemiddeld tussen de 3 en 9 maanden. In de EU is de laatste aanpassing nu al bijna twee jaar in behandeling. Dat is vooral vervelend voor bedrijven die goederen exporteren die van de lijst worden afgevoerd, omdat daar in de EU nog wel een vergunning voor nodig is, maar daarbuiten niet langer.

De wijzigingen aan de lijst zelf zijn relatief bescheiden, dus het effect voor het bedrijfsleven ligt vooral in de snelheid van aanpassen, in plaats van kwantitatief meetbare regeldruk consequenties.

6. Implicaties juridisch

a) Consequenties voor nationale en decentrale regelgeving en/of sanctionering beleid (inclusief toepassing van de lex silencio positivo)

Geen.

b) Voorgestelde implementatietermijn (bij richtlijnen), dan wel voorgestelde datum inwerkingtreding (bij verordeningen en beschikkingen) met commentaar t.a.v. haalbaarheid

Rechtstreeks toepasselijk. De procedure van vaststellen in Brussel heeft geen invloed op de haalbaarheid van de implementatie in Nederland.

c) Wenselijkheid evaluatie-/horizonbepaling

De dual-use verordening wordt op basis van artikel 25 elke drie jaar geëvalueerd. Het is niet nodig om naar aanleiding van dit voorstel additionele evaluatiemomenten te introduceren.

7. Implicaties voor uitvoering en handhaving

  • a) Uitvoerbaarheid

  • b) Handhaafbaarheid

Het voorstel heeft geen invloed op de uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid van de verordening in Nederland.

8. Implicaties voor ontwikkelingslanden

Geen.

9. Nederlandse positie

Het voorstel van de Europese Commissie waarbij de bevoegdheid voor het vaststellen van gedelegeerde handelingen wordt geïntroduceerd is in overeenstemming met de modelbepalingen en kaders zoals tussen de instellingen vastgelegd in de «Common Understanding.» Nederland kan zich vinden in het feit dat de Common Understanding door de Commissie zorgvuldig wordt toegepast.

Nederland is echter van mening dat er thans aanleiding is om opnieuw te bezien of de verschillende lijsten opgenomen in bijlagen 1, 3, 3bis en 4 nog wel als onderdeel van de verordening zelf dienen te worden gehandhaafd. Naar de aard van de materie die in deze bijlagen worden geregeld en in het licht van de bijzondere betrokkenheid van de lidstaten daarbij, is Nederland van oordeel dat deze lijsten door middel van uitvoeringshandelingen in de zin van artikel 291 VWEU moeten worden vastgesteld. Bovendien is Nederland van oordeel dat de vaststelling van deze uitvoeringshandelingen ingevolge de uitzonderingsmogelijkheid van artikel 291, tweede lid, VWEU door de Raad dient te geschieden. Het zijn immers de individuele lidstaten die door hun deelname aan de internationale exportcontroleregimes gebonden zijn aan de daar gemaakte afspraken, en niet de Unie als geheel. Bovendien is er een nauwe relatie met het Gemeenschappelijk Buitenlands- en Veiligheidsbeleid waarbij de Raad op basis van de algemene richtsnoeren en strategische beleidslijnen van de Europese Raad, het GBVB nader uitwerkt en de nodige besluiten neemt voor het bepalen en uitvoeren van het GBVB (artikel 26, tweede lid, VEU).

Nederland staat positief tegenover de mogelijkheid om bij gedelegeerde handeling via de spoedprocedure bijlage 2 aan te passen waarbij goederen of bestemmingen van de algemene vergunningen worden verwijderd. Het toevoegen van goederen of bestemmingen aan bestaande algemene vergunningen, of het introduceren van nieuwe algemene vergunningen dient echter via de gewone wetgevingsprocedure te blijven verlopen. Het toevoegen van goederen of bestemmingen aan de bestaande algemene vergunning wordt in dit voorstel echter ongewijzigd gelaten.

Naar boven